De gemeenteraad neemt kennis van de resultaten van het openbaar onderzoek over het voorlopig vastgesteld RUP Beigemveld alsook van de adviezen hieromtrent, en stelt het ruimtelijk uitvoeringsplan "Beigemveld" definitief vast.
Artikel 56 van het decreet lokaal bestuur 22 december 2017.
Artikel 2.2.21, §6 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009:
De gemeenteraad stelt binnen honderdtachtig dagen na het einde van het openbaar onderzoek het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan definitief vast.
De bevoegde diensten voor milieueffectrapportage en veiligheidsrapportage beoordelen voorafgaand aan de definitieve vaststelling van het ruimtelijk uitvoeringsplan de kwaliteit van het planmilieueffectrapport respectievelijk ruimtelijk veiligheidsrapport. Ze toetsen aan de scopingnota en aan de gegevens die vereist zijn conform artikel 4.2.8, § 1bis, respectievelijk artikel 4.4.3 van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, en ze houden rekening met de tijdens het openbaar onderzoek geformuleerde adviezen, opmerkingen en bezwaren.
Bij de definitieve vaststelling van het plan kunnen ten opzichte van het voorlopig vastgestelde plan alleen wijzigingen worden aangebracht die gebaseerd zijn op of voortvloeien uit de tijdens het openbaar onderzoek geformuleerde bezwaren en opmerkingen, of uit de adviezen, uitgebracht door de aangewezen diensten en overheden, of uit het advies van de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening.
De definitieve vaststelling van het plan kan echter geen betrekking hebben op delen van het grondgebied die niet opgenomen zijn in het voorlopig vastgestelde plan.
Op gemotiveerd verzoek van het college van burgemeester en schepenen beslist de gemeenteraad over een verlenging met zestig dagen van de termijn waarin het plan moet worden vastgesteld.
ALGEMEEN:
SPECIFIEK:
De gemeente besliste om een ruimtelijk uitvoeringsplan op te maken voor het woonuitbreidingsgebied “Beigemveld”. Gelet op de omzendbrief RO/2002/03 werd beslist om voorafgaandelijk een woonbehoeftestudie op te maken waarvan de definitieve versie op 24 juni 2016 door de gemeenteraad werd goedgekeurd.
Rekening houdende met deze woonbehoeftestudie werd beslist de opmaak van het RUP Beigemveld te starten.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan werd voorlopig vastgesteld door de gemeenteraad op 31 augustus 2017.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan werd definitief vastgesteld door de gemeenteraad op 26 april 2018.
De definitieve goedkeuring van het ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) Beigemveld door de gemeenteraad werd evenwel vernietigd door de Raad van State.
Na ontvangst van het Arrest van de Raad van State door GD&A Advocaten op 28 januari 2021 had de gemeente 180 dagen de tijd om het ruimtelijk uitvoeringsplan opnieuw definitief vast te stellen. De gemeenteraad besliste deze termijn te verlengen met 60 dagen, conform de VCRO, waardoor de uiterlijke beslissingsdatum 25 september 2021 is.
Over het voorlopig vastgesteld ruimtelijk uitvoeringsplan werd een openbaar onderzoek georganiseerd van 3 oktober 2017 t.e.m. 1 december 2017, conform de bepalingen van de VCRO.
De opmerkingen en bezwaren die werden ingediend tijdens het openbaar onderzoek werden, tezamen met de uitgebrachte adviezen, gebundeld door de Gecoro en tijdig aan het college van burgemeester en schepenen bezorgd.
Het advies van de deputatie van de provincie Vlaams-Brabant van 16 november 2017 is gunstig.
Zoals de VCRO bepaalt heeft de Gecoro gemotiveerd advies uitgebracht op 19 februari 2018 en dit tijdig aan de gemeenteraad bezorgd, op 20 februari 2018.
De gemeenteraad kan het voorlopig vastgesteld ruimtelijk uitvoeringsplan aanpassen aan de resultaten van het openbaar onderzoek dat erover gehouden werd en aan de ontvangen adviezen. Het plangebied kan niet uitgebreid worden.
De Raad van State oordeelde dat de gemeenteraad in haar beslissing van 26 april 2018 geen rekening hield met de eerder door haar vastgestelde problemen m.b.t. de breedte van de Kruipstraat en de afwezigheid van voet- en fietspaden en hierdoor het zorgvuldigheids- en rechtszekerheidsbeginsel schond.
Mobiliteit werd tevens herhaaldelijk als knelpunt aangeduid in de bezwaarschriften die werden ingediend over het voorlopig vastgesteld ruimtelijk uitvoeringsplan.
Het college van burgemeester en schepenen liet i.k.v. deze problematiek een mobiliteitsstudie opmaken voor het projectgebied. Zodoende worden de eventuele aanpassingen aan het ruimtelijk uitvoeringsplan naar aanleiding van de uitgebrachte adviezen, opmerkingen en bezwaren, onderbouwd door een expertenstudie.
Over deze mobiliteitsstudie werd een openbaar onderzoek georganiseerd dat parallel verliep aan een openbaar onderzoek over de zaak van de wegen van de verkavelingsaanvraag voor het zuidelijk gedeelte van het projectgebied waarvan de vergunning eerder ook door de Raad van State en Raad voor Vergunningsbetwistingen werd vernietigd. Deze verkavelingsaanvraag heeft het PRIAK als wettelijk kader, niet het ruimtelijk uitvoeringsplan.
De gemeenteraad nam op 26 augustus 2021 een gunstige beslissing over de zaak van de wegen van deze verkavelingsaanvraag waarbij mobiliteitsmaatregelen als voorwaarde werden geformuleerd, o.a. de verbreding van de Kruipstraat en het aanleggen van voetpaden. Deze mobiliteitsmaatregelen werden gebaseerd op de mobiliteitsstudie en resultaten van het openbaar onderzoek over deze studie.
Het college van burgemeester en schepenen gaf D+A Consult nv de opdracht het voorlopig vastgesteld ruimtelijk uitvoeringsplan "Beigemveld" voor te bereiden voor definitieve vaststelling, rekening houdende met de resultaten van het openbaar onderzoek en de adviezen.
De Gecoro stelt in haar advies van 19 februari 2018 dat de menging van de procedures als RUP, PRIAK en verkaveling dubbelzinnigheid schept over het project en adviseert om de verkavelingsaanvraag negatief te adviezen of (voorlopig) uit te stellen zodat het RUP dan duidelijke randvoorwaarden voor de verkaveling kan aangeven. Verder wijst de Gecoro erop dat projectontwikkelaar Matexi op de hoogte is van het feit dat er een RUP wordt opgemaakt en dat de verkavelingsaanvraag dan ook binnen het RUP moet passen. Bovendien moet het RUP samenlopen/hangen met het RUP Open Ruimte. Het project is gelegen in een ruime zone van structuurloze verkavelingen en moet belangrijke bindende functie vervullen. Hierbij verwijst de Gecoro in het bijzonder naar het inplannen van gemeenschapsvoorzieningen (vooral voor kinderen) en naar het bieden van een alternatief qua vormgeving tegenover de klassieke verkavelingen. De commissie suggereert, om een degelijke inplanting te waarborgen, om een extern, gespecialiseerd studiebureau in te schakelen. De eerste fase van uitvoering moet voldoende ruim zijn en zeker de centrale groene zone bevatten. Nog volgens de commissie is er een grotere variatie van woonvormen nodig. Tot slot wenste de Gecoro een mobiliteitsstudie die het lussensysteem zou onderzoeken met verschillende ontsluitingsopties.
De VCRO biedt de mogelijkheid om op basis van een PRIAK een verkavelingsvergunning af te leveren. Het ruimtelijk uitvoeringsplan hoeft niet aangepast te worden aan de opmerking van de Gecoro hieromtrent.
Het RUP Herbestemming Open Ruimte werd reeds definitief vastgesteld. Het RUP Beigemveld hoeft niet aangepast te worden aan de opmerking van de Gecoro hieromtrent.
Het inrichten van gemeenschapsvoorzieningen is toegelaten volgens de voorgestelde voorschriften van het RUP Beigemveld. Naar aanleiding van het advies van de Gecoro werd door D+A Consult nv voorgesteld om in de toelichting van artikel 5.2 “Bestemming” expliciet de wens op te nemen dat het projectgebied een (sociale) bindende functie vervult. De gemeenteraad kan zich vinden in deze aanpassing.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan werd opgemaakt door D+A Consult nv, een studiebureau gespecialiseerd in ruimtelijke ordening. De voorschriften bevatten voldoende garanties (inrichtingsplan, V/T, G/T, bouwdiepte, indicatieve groene aders, maximale groene en samenhangende inrichting van de publieke buitenruimte, centrale groenzone,…) om een degelijke inplanting en vormgeving te waarborgen. Het RUP laat ook reeds verschillende woontypologieën en –vormen toe. De gemeenteraad acht een verplichting in variatie van woonvormen te beperkend. De voorschriften dienen niet aangepast te worden aan de opmerking van de Gecoro hieromtrent.
Wat betreft de suggestie van de Gecoro in de behandeling van de bezwaren om aangepaste verkeersmaatregelen te onderzoeken en indien nodig vast te leggen, in het bijzonder voor de Kruipstraat, verwijst de gemeenteraad naar haar besluit van 26 augustus 2021, zoals opgenomen in de mer-screening van het ruimtelijk uitvoeringsplan.
De mobiliteitsgegevens en –maatregelen die nodig werden geacht om op te nemen op planniveau werden verwerkt in het ruimtelijk uitvoeringsplan. In het bijzonder de opdeling van het plangebied in kwadranten met elk een eigen ontsluiting op het omliggend wegennetwerk wordt opgenomen. Verder wordt ook een maximale woondichtheid vastgelegd voor het gehele projectgebied. Hiermee werd rekening gehouden bij het inschatten van de mobiliteitseffecten. Het team MER oordeelde op basis van deze informatie dat geen aanzienlijke effecten te verwachten vallen en een plan-MER niet dient opgemaakt te worden. De gemeenteraad wenst de voorschriften bijgevolg niet verder aan te passen dan wat D+A Consult nv voorstelt.
Voor het overige sluit de gemeenteraad zich aan bij het advies van de Gecoro en de behandeling van de bezwaren.
Raadslid Eddie BOELENS krijgt het woord en zegt dat fractie Groen de wijze waarop het PRIAK tot stand gekomen is, betreurt. Het PRIAK zorgt ervoor dat de impact van het gemeentebestuur op de belangrijkste verkaveling van het afgelopen decennium vrij beperkt is. Groen vindt het jammer dat is gekozen voor een “reparatie-RUP”, waardoor men alleen de elementen kan repareren die de Raad van State heeft veroordeeld en fundamentele veranderingen niet mogelijk zijn. Een aantal zaken is verbeterd, zoals het aaneengesloten park en de poging om de mobiliteit te verbeteren. De fractie heeft echter nog steeds bedenkingen over het RUP. Het is ingedeeld in vier kwadranten, maar het grootste deel van de Noordelijke ontsluiting zal gebeuren via de Adriaan Wiellaertlaan naar de Beigemsesteenweg. Het plan voorziet niet in een oplossing voor het verkeer op de Beigemsesteenweg, terwijl deze weg nu al verzadigd is.
De fractie Groen sluit zich aan bij eerdere opmerkingen door de fractie Vooruit over de gevaarlijke combinatie van de fietsstraat en het tweerichtingsverkeer.
Op het vlak van waterrisico werden een aantal goede maatregelen genomen. Het grachtensysteem is voorbeeldig, maar het succes ervan blijft afhankelijk van de goede wil van bewoners. Zij moeten zo weinig mogelijk verharden. Het onderhoud van het grachtensysteem wordt door de gemeente uitgevoerd. De baten zijn dus voor privépartijen, maar de kosten publiek.
De fractie Groen betreurt het dat er geen inspanningen worden gedaan om het bindend sociaal objectief te realiseren. Men zal zeggen, dat was er bij de aanvang ook niet, maar de meerderheid heeft de moed gehad om andere plannen wel te wijzigen. Indien men het meende om het sociaal objectief te halen, had dit wel gekund. De gemeente maakt ook geen werk van alternatieve woonvormen en voor gemeenschapsvoorzieningen worden geen garanties gegeven.
Tot slot is er sinds 2016 veel voortschrijdend inzicht geweest op het gebied van ruimtelijke ordening. De betonshift is afgekondigd, er is een instrumentendecreet en de Vlaamse minister voor leefmilieu heeft zich uitgesproken tegen een vergelijkbaar project in Meise. Het gemeentebestuur gaat echter door met de plannen alsof er niets aan de hand is. De fractie Groen vindt dat het plan niet meer past binnen de huidige visie op ruimtelijke ordening en betreurt het dat het RUP vandaag ter stemming wordt voorgelegd.
Schepen Bart LAEREMANS krijgt het woord en is van mening dat het schepencollege de afgelopen twee jaar heel wat inspanningen heeft gedaan om de ontwikkelaar en de buurtbewoners met elkaar aan tafel te krijgen. De inrichting van de wijk en de mobiliteit zijn hierdoor sterk verbeterd. Het klopt dat het een reparatie-RUP is, omdat dit juridisch de beste oplossing was. De angst dat al het verkeer naar de Beigemsesteenweg rijdt, deelt de schepen niet. De bedoeling is dat de mobiliteit gaat veranderen door het stimuleren van de modal shift met onder andere elektrische fietsen. Bovendien zijn er verschillende routes die men kan nemen als er file staat op de Beigemsesteenweg.
In het oorspronkelijke RUP was in veel water voorzien. Het ontwerp van de wijk zat goed in elkaar met een grachtensysteem voor waterbuffering en bodeminfiltratie. Zoals van bewoners wordt verwacht dat ze het voetpad voor hun deur onderhouden, hoopt de gemeente dat men ook oog heeft voor onderhoud van de gracht. Dat een project in Meise is hierop afgeketst, klopt niet. Daar heeft men al jaren een ernstig waterprobleem, dat niet te vergelijken is met Beigemveld. De bedoeling is dat 98% van het water ter plaatse blijft en alleen bij hogere uitzondering wordt afgewaterd via de riolering.
Raadslid Eddie BOELENS krijgt het woord en vindt dat de schepen op verschillende vlakken zijn wensen voor waarheid aanneemt. Hij stelde dat er grondig overleg werd gevoerd met bewoners, maar dat valt volgens hem sterk tegen. Men staat niet te juichen over dit project. Ook over de mobiliteit is de schepen niet erg realistisch. Het klopt dat mensen ook andere wegen zullen nemen, maar het meeste verkeer zal toch echt via de Beigemsesteenweg richting Brussel, ring en A12 rijden. Tot slot vindt de fractie Groen het wel erg optimistisch om te denken dat er na het realiseren van het project minder waterproblemen zullen zijn dan daarvoor.
Schepen Bart LAEREMANS ontkent dat hij heeft gezegd dat buurtbewoners over de plannen juichen. Dat zou inderdaad tegen de waarheid zijn, want een aantal bewoners blijft zich verzetten tegen de plannen. De gemeente heeft de bezwaren echter goed en serieus beantwoord.
Raadslid Gerlant VAN BERLAER krijgt het woord en geeft aan waarom de fractie Vooruit zich van stemming zal onthouden. De fractie betreurt het gebrek aan sociale woningen, de slechte verkeersafwikkeling met gevaarlijke situaties en beperkt openbaar vervoer, en het gebrek aan voorzieningen, zoals winkels, crèches en cafés.
Raadslid Kirsten HOEFS krijgt het woord en vindt de implementatie van alle mobiliteitsaspecten in het RUP een goede zaak, maar de fractie CD&V betreurt het dat haar suggesties volledig zijn genegeerd. De fractie bereidt haar tussenkomsten zorgvuldig voor en doet constructieve verbetervoorstellen in de commissie- en de gemeenteraadsvergadering. Het schepencollege zegt consequent dat het goede suggesties zijn die meegenomen zullen worden, maar in de uitwerking komen ze niet terug.
Schepen Bart LAEREMANS krijgt tot slot het woord en merkt op dat het schepencollege de inbreng van oppositiepartijen zeer waardeert, maar niet vindt dat de genoemde aspecten aan het RUP toegevoegd moeten worden. Sommige aspecten zullen wel in andere dossiers worden meegenomen, zoals bij de verkavelingsvergunning. Over het kinderdagverblijf zegt hij dat het schepencollege dit reeds als wens heeft uitgesproken. De ontwikkelaar heeft er zelf ook belang bij om de wijk aantrekkelijk te maken. Daarvoor is een kinderdagverblijf een groot pluspunt. Het is echter niet evident om dit als eis aan de ontwikkelaar op te leggen.
/
Artikel 1.
Kennis te nemen van de resultaten van het openbaar onderzoek over het voorlopig vastgesteld RUP Beigemveld dat liep van 3 oktober tem. 1 december 2017.
Art. 2
Kennis te nemen van de adviezen over het voorlopig vastgesteld RUP Beigemveld, inclusief het advies van de Gecoro.
Art. 3
Het ruimtelijk uitvoeringsplan “Beigemveld”, zoals opgenomen in bijlage 1, definitief vast te stellen.