De voorzitter opent de zitting op 23/09/2021 om 18:39.
De gemeenteraad keurt de notulen van de vergadering van 24 juni 2021 goed.
Behalve bij de uitdrukkelijke toewijzing van een bevoegdheid als vermeld in artikel 2, § 2, tweede lid, aan de gemeenteraad kan de gemeenteraad bij reglement bepaalde bevoegdheden toevertrouwen aan het college van burgemeester en schepenen.
De volgende bevoegdheden kunnen niet aan het college van burgemeester en schepenen worden toevertrouwd:
1° de aan de gemeenteraad toegewezen bevoegdheden, vermeld in afdeling 1 en 2 van dit hoofdstuk.
De algemeen directeur woont de vergaderingen van de gemeenteraad bij en is verantwoordelijk voor het opstellen en het bewaren van de notulen en het zittingsverslag ervan. De notulen en het zittingsverslag van de gemeenteraad worden, na goedkeuring, ondertekend door de voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur.
De notulen van de vergaderingen van de gemeenteraad vermelden, in chronologische volgorde, alle besproken onderwerpen, alsook het gevolg dat is gegeven aan de punten waarover de gemeenteraad geen beslissing heeft genomen. Ze maken melding van alle beslissingen en het resultaat van de stemmingen. Behalve bij geheime stemming, vermelden de notulen hoe elk lid gestemd heeft. Van die laatste verplichting kan worden afgeweken voor beslissingen die genomen zijn met unanimiteit.
De zittingsverslagen van de vergaderingen van de gemeenteraad vermelden, in chronologische volgorde, alle besproken onderwerpen, de essentie van de tussenkomsten en van de mondeling en schriftelijk gestelde vragen en antwoorden. De gemeenteraad kan beslissen om het zittingsverslag te vervangen door een audio- of audiovisuele opname van de openbare zitting van de gemeenteraad.
Als de gemeenteraad een aangelegenheid overeenkomstig artikel 28 in besloten vergadering behandelt, vermelden de notulen alleen de beslissingen en wordt er geen zittingsverslag opgesteld.
/
/
/
Enig artikel.
De notulen van de vergadering van 24 juni 2021 goed te keuren.
De gemeenteraad neemt kennis van de mededeling vacatures in het operationeel en logistiek kader in de mobiliteitscyclus 2021-04 van de geïntegreerde politie:
De wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst gestructureerd op twee niveaus.
/
De federale politie vroeg om ten laatste op 10 september 2021 de behoeften voor de vierde mobiliteitscyclus kenbaar te maken.
Volgende vacatures in het operationeel en administratief kader werden door de politie gepubliceerd in de mobiliteitscyclus 2021-04:
Het maximaal aantal betrekkingen werd vacant verklaard.
Het college van burgemeester en schepenen bekrachtigde deze mededeling door de politie in zitting van 6 september 2021.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om hiervan kennis te nemen.
Raadslid Kirsten HOEFS krijgt het woord en vraagt een toelichting op het verschil met mobiliteitscyclus 2021-03.
Burgemeester Chris SELLESLAGH meldt dat de mobiliteitscyclus enkele malen per jaar wordt gepubliceerd. Men zal vragen aan de korpschef of hij aanvullende informatie kan sturen over de verschillen met vorige maand.
In de begroting van de lokale politie zijn de nodige kredieten voorzien.
Enig artikel.
Kennis te nemen van de mededeling vacatures in het operationeel en logistiek kader in de mobiliteitscyclus 2021-04 van de geïntegreerde politie.
De gemeenteraad stemt principieel in met het gebruik van bodycams tijdens een testperiode van 4 t.e.m. 31 oktober 2021 door de politiediensten op het grondgebied van de gemeente.
De wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst gestructureerd op twee niveaus.
Het advies ingediend door de korpschef van de Lokale Politiezone Grimbergen op 13 september 2021, waarvan het type bodycams, de doeleinden, de gebruiksmodaliteiten, de plaats en een impact- en risicoanalyse op het vlak van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en op operationeel niveau beschreven.
Inleiding
Sinds 25 mei 2018 regelt de wet op het politieambt (WPA) het gebruik van bodycams door de politie. De Lokale Politie Grimbergen heeft de intentie om de aankoop van 15 bodycams te begroten en plant deze aankoop in 2022. De bodycams zullen vervolgens beschikbaar zijn voor alle operationele personeelsleden van het korps. In het kader van hun opdrachten, kunnen (niet verplicht) de politiediensten de bodycams gebruiken mits het respecteren van het wettelijk kader en de gebruikersmodaliteiten (WPA artikel 25/3). De opportuniteit van het gebruik van de bodycam blijft steeds een inschatting van de drager van de bodycam. In de WPA worden geen gevallen beschreven die het gebruik noodzaken. De drager moet de camera wel duidelijk op het uniform dragen én de gefilmde moet op de hoogte gebracht worden dat hij of zij gefilmd wordt.
Gedurende de periode 4 t.e.m. 31 oktober 2021 wordt er in de politiezone een testopstelling geplaatst van 8 bodycams. De leden van de interventiedienst zullen twee soorten bodycams uittesten, zijnde: "VB 400" (aantal 4) en "ZEPCAM T2+" (aantal 4). Gedurende deze periode krijgen de leden van de interventiedienst de mogelijkheid om de bodycam, het dockingstation en de software te testen. Er worden eveneens verschillende bevestigingsmogelijkheden aangeboden om te gebruiken. Na deze testperiode zal er een bevraging worden uitgevoerd. Naargelang de evaluatie van beide bodycams zal de zone overgaan tot de aankoop van 15 bodycams.
Wettelijk kader
Artikel 25/4 van de wet op het politieambt bepaalt dat een lokale politiezone op zichtbare wijze camera’s mag gebruiken op het grondgebied dat onder zijn bevoegdheid valt na de voorafgaande principiële toestemming van de gemeenteraad. Deze toestemming moet aangevraagd worden door de korpschef. ln de toestemmingsaanvraag worden het type camera, de doeleinden waarvoor de camera's zullen worden gebruikt en de gebruiksmodaliteiten beschreven, rekening houdend met een impact- en risicoanalyse op vlak van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer én met een analyse op operationeel niveau, met name de categorieën van verwerkte persoonsgegevens, de proportionaliteit van de aangewende middelen, de te bereiken operationele doelstellingen en de bewaartermijn van de gegevens nodig voor het behalen van deze doelstellingen. Dit document dient als antwoord op de gestelde vereisten.
Type camera
De Lokale Politie Grimbergen vraagt om binnen de omschrijving van de politiezone, waarbinnen de gemeente Grimbergen en deelgemeentes Humbeek, Beigem en Strombeek vallen, mobiele camera’s te mogen gebruiken ten behoeve van alle medewerkers van de geïntegreerde politie. Onder mobiele camera’s worden camera’s verstaan die worden verplaatst tijdens het gebruik ervan.
Doeleinden
Het gebruik van de bodycam dient steeds operationeel gemotiveerd te zijn en in alle gevallen een bestuurlijke of gerechtelijke finaliteit te hebben.
De bodycam kan in het bijzonder ingezet worden voor volgende doeleinden:
het voorkomen, vaststellen of opsporen van misdrijven;
het voorkomen, vaststellen en opsporen van overlast;
het hand haven en het herstel van de openbare orde in het kader van genegotieerd beheer van publieke ruimtes.
Het beschikbare beeldmateriaal kan gebruikt worden voor:
het bewijzen van een misdrijf, van schade of van overlast;
het identificeren van een dader, een verstoorder van de openbare orde, een getuige of een slachtoffer;
didactische en pedagogische doeleinden in het kader van de opleiding en training van de politiemensen;
als hulpmiddel bij het afleggen van verantwoording met betrekking tot de aangeboden dienstverlening en/of een antwoord te formuleren in geval van klachten.
Het zichtbaar gebruik van de bodycam is onderworpen aan de wettelijke verplichting om mondeling een waarschuwing te geven. Dit impliceert dat de burger geïnformeerd is over de effectieve inzet van de bodycam. Indien het politieoptreden in vraag wordt gesteld, en er een formele klacht volgt, kan logischerwijs zowel het betrokken personeelslid als de burger de beelden laten aanwenden in het onderzoek.
Belangrijke opmerking: het kan evenwel op geen enkel moment de bedoeling zijn dat de gemaakte beelden met bodycams gebruikt worden voor systematisch nazicht of controle van personeel van de politiezone tijdens de uitvoering van hun taken.
Gebruiksmodaliteiten
De uitgangspunten voor het gebruik van bodycams binnen onze politiezone zijn:
het gebruik van de bodycams gebeurt op zichtbare wijze;
het gaat enkel om filmen en opnemen in het kader van politieopdrachten, niet om andere doeleinden (zoals filmen en opnemen van gesprekken tussen collega’s los van een opdracht);
men heeft steeds de keuze om al dan niet een bodycam mee te nemen op het terrein EN een opname is nooit een verplichting, maar steeds een optie.
Conform de WPA worden bodycams binnen de Lokale Politie Grimbergen slechts gebruikt mits inachtneming van de volgende voorwaarden:
1. Reden van het gebruik:
Elk cameragebruik is een vorm van dwang (want ingrijpend t.o.v. de privacy) én moet bijgevolg proportioneel en subsidiair zijn: het cameragebruik moet in verhouding staan tot het te bereiken doel van de politieopdracht en men moet steeds eerst minder ingrijpende alternatieven aanwenden. Het gebruik ervan dient operationeel gemotiveerd te zijn en steeds een bestuurlijke of gerechtelijke finaliteit te hebben. De opnames worden gemaakt voor de duur van de interventie, van bij de aanvang tot aan het beëindigen ervan.
2. Plaats van het gebruik in het kader van een politie-opdracht:
Het gebruik van bodycams mag enkel in gemeentes waarvan de gemeenteraad haar principiële toestemming gaf tot gebruik ervan. Onze bodycams kunnen bijgevolg enkel op het grondgebied van de Lokale Politie Grimbergen ingezet worden. Bij bijstand, samenwerking, steun of hycap-opdrachten in andere gemeentes is het gebruik ervan enkel toegelaten bij een met reden omklede hoogdringendheid én nadat de korpschef dan wel de bestuurlijke directeur-coördinator of de directeur van de aanvragende dienst, afhankelijk van het geval, mondeling de toestemming krijgt van de bevoegde overheid om gebruik te maken van camera's in het kader van de specifieke opdracht die de hoogdringendheid rechtvaardigt.
Deze mondelinge toestemming wordt vervolgens zo spoedig mogelijk schriftelijk bevestigd door de bevoegde overheid.
Wat betreft de politiezones, kan de bevoegde overheid vertegenwoordigd worden door de betrokken burgemeester om de mondelinge toestemming te geven in het geval van hoogdringendheid zoals bedoeld in het eerste lid.
De opname vindt plaats in een van de volgende plaatsen:
in voor het publiek toegankelijke, niet-besloten plaatsen (elke plaats die niet door een omsluiting is afgebakend en vrij toegankelijk is voor het publiek, waaronder de openbare wegen beheerd door de openbare overheden bevoegd voor het wegbeheer). Hier is het gebruik van de bodycam niet gebonden aan een interventie en kan deze dus altijd opnames maken (bv. op straat) zolang dit binnen een politionele opdracht valt;
in voor het publiek toegankelijke besloten plaatsen (elk gebouw of elke door een omsluiting afgebakende plaats, bestemd voor het gebruik door het publiek waar diensten aan het publiek kunnen worden verstrekt), en dit tijdens een interventie en slechts voor de duur ervan (bv. in een café of in het station);
in niet voor het publiek toegankelijke besloten plaatsen (elk gebouw of elke door een omsluiting afgebakende plaats, die uitsluitend bestemd is voor het gebruik door de gewoonlijke gebruikers), en dit tijdens een interventie en slechts voor de duur ervan (bv. in een woning);
in besloten plaatsen waarvan de Lokale Politie Grimbergen de beheerder is. Hier is het gebruik van de bodycam niet gebonden aan een interventie, maar wel aan een politionele opdracht (bv. een klachtaktering aan het onthaal van onze politiezone).
Het is evident dat er eveneens rekening moet gehouden worden met de voorwaarden van het regulier cameratoezicht. Zo kan het bijvoorbeeld nooit de bedoeling zijn om een opname te maken in het cellencomplex voor fouilles met volledige ontkleding (artikel 25/3 §3 Wet Politieambt).
3. Operationele vereisten:
de opname wordt voorafgegaan door een waarschuwing. De waarschuwing moet niet mee opgenomen zijn, maar is wel gewenst. Dit zal trouwens meestal het geval zijn door de pre-recording functie van de bodycam. Het is ook om deze reden dat de pre-recording functie is ingeschakeld en ingesteld is op 30 seconden;
de opname wordt ofwel gemaakt door een geüniformeerd lid van het operationeel kader van de politie, ofwel door een niet-geüniformeerd lid van het operationeel kader van de politie die drager is van de interventie-armband met interventienummer en/of de legitimatiekaart;
de politieambtenaar is steeds verantwoordelijk voor zijn opnames en hij moet hierbij waken over de naleving van de proportionaliteits- en subsidiariteitsbeginselen. De meerdere waakt mee over de naleving van de proportionaliteits- en subsidiariteitsbeginselen en kan ter plaatse het bevel geven tot in- of uitschakelen van de bodycam(s).
Impact- en risicoanalyse
Er werd een impact en risicoanalyse op operationeel vlak en op het vlak van de bescherming van de privacy gemaakt (DPIA: Data protection impact assessment). Deze had in het bijzonder betrekking op de categorieën van persoonsgegevens, proportionaliteit van de gebruikte middelen, de te bereiken operationele doelstellingen en de om die doelstellingen te bereiken noodzakelijke bewaartermijn van de gegevens. Ze betreft de volgende domeinen:
een beschrijving van de beoogde verwerkingsoperaties en van de verwerkingsdoeleinden;
een evaluatie van de noodzaak en van de proportionaliteit van de verwerkingsoperaties;
een evaluatie van de risico’s voor de rechten en vrijheden van de betrokkenen;
de beoogde maatregelen om de risico’s het hoofd te bieden.
Categorieën van verwerkte persoonsgegevens
1. Algemene persoonsgegevens:
In het kader van op beeld vastgelegde inbreuken op de geldende wetgevingen kan aan een opname een identiteit gekoppeld worden (zijnde naam, voornaam en geboortedatum van relevante personen in beeld). De gekoppelde identiteiten kunnen vaststellers, overtreders, slachtoffers, getuigen of andere relevante derden betreffen. De enige reden van deze koppeling is het beheer van de informatiestroom die samenhangt met de op beeld vastgelegde inbreuk.
2. Speciale categorieën:
In principe worden aan de verzamelde beelden geen bijzondere persoonsgegevens gekoppeld, met uitzondering van de door de GDPR aangeduide speciale categorie “informatie over wetsovertredingen of strafrechtelijke veroordelingen”. Het gaat dan voornamelijk over ‘informatie over wetsovertredingen’, wat inherent is aan het politioneel gebruik van camera’s.
3. Verwerking:
Enkel deze persoonsgegevens die relevant zijn voor een bepaald incident zullen bewaard worden. Het betreft hier de betrokken partijen zoals deze ook in een politioneel proces-verbaal zouden opgenomen worden. De opnames gebeuren conform de hierboven beschreven regels, de bewaring gebeurt conform de hieronder volgende richtlijnen.
Bewaring van en toegang tot de beelden
1. Bewaring van de beelden:
De beelden en logbestanden worden bewaard conform Belgische en Europese wetgeving binnen een beschermde omgeving.
De informatie en persoonsgegevens die verzameld worden door middel van de bodycams kunnen worden geregistreerd en bewaard voor een duur van maximum twaalf maanden, te rekenen vanaf de registratie ervan.
Enkel en alleen met het oog op het besparen van servercapaciteit kan de gebruiker eigen irrelevante beelden (bv. een accidentele opname) verwijderen. Dit is slechts toegestaan na het invullen van een bondige motivering in het commentaarveld van de betreffende opname en zal worden opgeslagen in de logbestanden.
Na anonimiseren (voorzien in artikel 25/7 §2 Wet Politieambt) én mits de toestemming tot gebruik ervan door de afgebeelde personen (conform de wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens) kunnen de beelden worden gebruikt voor didactische en pedagogische doeleinden in het kader van de opleiding van de leden van de politiediensten. Het anonimiseren gebeurt door de (vervangend) korpschef of officier intern toezicht. Ook van deze toegang om te anonimiseren wordt een registratie bijgehouden conform artikel 25/7 Wet Politieambt.
2. Toegang tot de beelden:
De toegang tot de informatie en persoonsgegevens die verzameld worden door middel van de bodycams wordt toegelaten gedurende een periode van één maand, te rekenen vanaf de registratie ervan, op voorwaarde dat het operationeel gemotiveerd is en dat het noodzakelijk is voor de uitoefening van een welbepaalde opdracht (bv. het downloaden van de beelden met het oog op inbeslagname).
Het bekijken van opnames via de verwerkingssoftware is slechts toegestaan voor de maker van de beelden, zijn of haar rechtstreeks diensthoofd, de (vervangend) korpschef of de officier intern toezicht.
Na de eerste bewaarmaand is de toegang tot die persoonsgegevens en informatie enkel voor doeleinden van gerechtelijke politie mogelijk mits een schriftelijke en met redenen omklede beslissing van de procureur des Konings.
De toegang tot deze persoonsgegevens en informatie is beveiligd, alle toegangen worden dagelijks bijgewerkt en de concrete redenen van de bevragingen worden geregistreerd conform artikel 25/7 Wet Politieambt.
Het beeldmateriaal en elk ander gegeven dat verzameld wordt door middel van bodycams, wordt niet aangewend voor permanente controles op de personeelsleden.
Indien naar aanleiding van concrete klachten over een specifiek personeelslid het beeldmateriaal en elk ander gegeven dat verzameld wordt door de bodycams van deze gericht dient te worden nagegaan, wordt het betrokken personeelslid daarvan schriftelijk op de hoogte gebracht en kan deze kennis nemen van de zo verkregen informatie. De korpschef wordt in alle gevallen ingelicht en geeft zijn voorafgaande goedkeuring voor de handelingen die voor de controle vereist zijn.
Comité P heeft ingevolge artikelen 24, 27 en 27bis Wet Comité P recht tot toegang en inbeslagname van de opnames.
Raadslid Gerlant VAN BERLAER krijgt het woord en vraagt of het een test betreft of de daadwerkelijke invoering van bodycams. Ook wil hij graag weten wie toegang tot de beelden heeft.
Burgemeester Chris SELLESLAGH krijgt het woord en antwoordt dat de korpschef aan de gemeenteraad vraagt om akkoord te gaan met een test.
Schepen Philip ROOSEN krijgt het woord en voegt eraan toe dat alleen de agent die de bodycam draagt toegang heeft tot de beelden, tenzij er een juridische procedure aanhangig wordt gemaakt omwille van een bepaalde situatie.
Raadslid Bart VAN HUMBEECK krijgt het woord en merkt op dat bij de bespreking van het politiereglement is gezegd dat sanctionerende bepalingen met voorzichtigheid worden toegepast. Bij garageverkopen wordt echter regelmatig sanctionerend opgetreden.
Voorzitter Chantal LAUWERS onderbreekt de interpellatie van raadslid VAN HUMBEECK en merkt op dat dit onderwerp buiten de agenda valt. Ze stelt voor om hier een mondelinge vraag over te stellen.
Raadslid Bart VAN HUMBEECK stelt dat het slechts de inleiding was van zijn vraag die wel degelijk betrekking heeft op het agendapunt. Hij vraagt of de beeldcamera’s gebruikt gaan worden bijv. voor het sanctioneren van garageverkopen.
Burgemeester Chris SELLESLAGH repliceert dat de vraag van vandaag is of dit voorgelegd kan worden aan het syndicaal overleg. Hoe dit kan gebruikt worden, zal in overleg zijn met de vakbond. Wij hebben politioneel overleg en daar zullen de spelregels afgesproken worden: waarvoor gaat men dat gebruiken, wanneer. Nu gaat het louter of we akkoord gaan met deze test inzake het gebruik van bodycams door de politie.
Raadslid Bart VAN HUMBEECK krijgt wederom het woord verwacht dat het onderwerp terugkomt op de agenda van de gemeenteraad en zijn vraag gericht aan de korpschef hoe hij denkt de camera’s te gaan gebruiken blijft tot die tijd bestaan.
Schepen Philip ROOSEN krijgt tot slot het woord en benadrukt dat het slechts een proefproject betreft. Het gedrag van de politieagent zal tijdens de proefperiode niet veranderen. De ervaringen van het gebruik van bodycams zal teruggekoppeld worden. Als ze geïntegreerd worden in de dagelijkse praktijk van de politie, moet het reglement worden aangepast. Daarvoor is goedkeuring van de gemeenteraad nodig.
/
Artikel 1.
Het gebruik van bodycams tijdens een testperiode van 4 t.e.m. 31 oktober 2021 door de politiediensten op het grondgebied van de gemeente principieel toe te staan.
Art. 2.
Bovenstaande toestemming ter kennis te brengen aan:
Art. 3.
Bovenstaande toestemming openbaar te maken voor wat betreft de opdrachten van bestuurlijke politie.
Art. 4.
Dit besluit bekend te maken op de gemeentelijke website.
De gemeenteraad keurt het gewijzigd retributiereglement op de uitvoering van werken voor derden, 2021-2025, goed.
Artikel 40, § 3 en artikel 41, 14° Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 (DLB).
/
In bepaalde gevallen voert het gemeentebestuur werken uit voor derden of dient het gemeentebestuur beroep te doen op een externe firma om deze werken te laten uitvoeren. Hier staat uiteraard een kostprijs tegenover, dewelke op basis van de in dit reglement vervatte tarieven aan de burger doorgerekend worden.
De werken die de gemeentelijke diensten niet zelf kunnen uitvoeren en waarvoor beroep wordt gedaan op een externe firma werden niet opgenomen in het huidig retributiereglement. Om deze kosten alsnog te kunnen terugvorderen, wordt het bestaande retributiereglement voor de uitvoering van werken voor derden aangepast.
/
Enig artikel.
Onderstaand reglement goed te keuren:
Artikel 1.
Met ingang van 1 oktober 2021 voor een termijn eindigend op 31 december 2025 wordt een retributie gevestigd op de uitvoering van werken voor derden uitgevoerd door de gemeentelijke diensten of door een door de gemeente aangestelde firma.
Onder derde dient te worden verstaan de natuurlijke of rechtspersoon die om de dienstverlening heeft verzocht of in wiens plaats het gemeentebestuur is overgegaan tot de uitvoering van de werken of diensten.
Art. 2. - tarief
Het bedrag van de retributie wordt vastgesteld als volgt:
§ 1.Prestaties geleverd door de gemeentelijke diensten:
| Werkman, chauffeur |
50,00 euro/uur |
| Kraan |
50,00 euro/uur |
| Compressor |
30,00 euro/uur |
| Tractor |
30,00 euro/uur |
| Trilwals |
10,00 euro/uur |
| Veegmachine 4 m³ |
52,00 euro/uur |
| Bestelwagen (1) |
25,00 euro/uur |
| Vrachtwagen (1) |
30,00 euro/uur |
| Hakselaar |
30,00 euro/uur |
| Hoogwerker |
35,00 euro/uur |
| Kleinere machines ( bijvoorbeeld bosmaaier, kettingzaag,… ) |
7,00 euro/uur |
(1) Kosten voor vrachtwagen en/of bestelwagen worden enkel aangerekend mits deze werkelijk nodig is voor en gebruikt wordt bij de uitvoering van de werken.
Eventueel verbruikte materialen zullen aan kostprijs aangerekend worden.
Elk begonnen uur wordt beschouwd als een volledig uur.
§ 2. Prestaties geleverd door een externe firma
De retributie is hier gelijk aan de reële kostprijs van de werken of diensten uitgevoerd door een door de gemeente aangestelde firma.
Art. 3.
De retributie is verschuldigd door de personen voor wiens rekening de gemeentediensten of een door de gemeente aangestelde firma de werken of diensten uitvoeren.
Art. 4. - wijze van invordering
De retributie wordt ingevorderd door middel van een factuur. Bij gebrek aan betaling zal de retributie ingevorderd worden volgens de modaliteiten bepaald in artikel 177, 2° van het Decreet Lokaal Bestuur.
Art. 5 - opheffingsbepaling
Het gemeentelijk retributiereglement op de uitvoering van werken voor derden zoals vastgesteld bij gemeenteraadsbeslissing van 19 december 2019 wordt opgeheven bij het in werking treden van voorliggend reglement.
De gemeenteraad keurt het reglement betreffende de vaststelling van de administratieve kosten voor de invordering van fiscale en niet-fiscale vorderingen in geval van geen of laattijdige betaling, 2021-2025, goed.
Artikel 40, § 3 en artikel 41, 14° Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 (DLB).
/
Er worden vanuit het bestuur heel wat vorderingen opgemaakt. Schuldenaren geven niet steeds gevolg aan een verzoek tot betalen, noch aan latere aanmaningsbrieven.
Vorderingen die opgemaakt worden door de gemeente enerzijds en het OCMW anderzijds zijn verschillend van aard en vragen doorgaans een verschillende aanpak binnen de debiteurenprocedure.
In het kader van de integratie van het OCMW en de gemeente is het echter wenselijk en mogelijk een meer uniforme procedure uit te werken voor de verdere minnelijke invordering in geval van geen of laattijdige betaling, inzonderheid wat betreft de aanmaningsprocedure en de mogelijkheid tot inschakeling van een incassobureau voor de verdere minnelijke invordering van schulden.
Er werd door de financiële dienst van de gemeente en het OCMW een nieuwe aanmaningsprocedure uitgewerkt overeenkomstig onderstaande bepalingen.
Indien de vorderingen niet tijdig binnen de voorziene periode vermeld op de factuur of het aanslagbiljet betaald worden, wordt een eerste kosteloze herinnering verstuurd waarin een bijkomende betaaltermijn wordt verleend van 7 kalenderdagen, te rekenen vanaf de dag volgend op de herinneringsdatum.
Bij niet-betaling binnen de betaaltermijn verleend in de eerste kosteloze herinnering wordt een tweede herinnering verstuurd. Bij het versturen van deze tweede aanmaning wordt een laatste bijkomende betaaltermijn verleend van 7 kalenderdagen, te rekenen vanaf de dag volgend op de aanmaningsdatum.
Bij niet-fiscale vorderingen is het verplicht de schuldenaar aan te manen met een aangetekende brief in geval er bij niet-betaling nadien via dwangbevel dient ingevorderd te worden.
In de wet van 20 februari 2017 werd de verplichting om bij fiscale vorderingen de herinneringsbrief per aangetekend schrijven te verzenden geschrapt. Een verzending per aangetekend schrijven blijft echter wenselijk als bewijslast bij eventuele betwisting van de vordering.
Het is aangewezen om een administratieve kost aan te rekenen ter vergoeding van de betalingsopvolging bij wanbetalers, te weten de hieraan verbonden personeelskosten en materiële kosten. Een administratieve kost van 15,00 euro wordt aangerekend voor de verzending van een tweede herinnering, al dan niet via aangetekend schrijven, en elke daaropvolgende aanmaningsbrief.
De verdere invordering via een dwangbevel en aanstelling van een gerechtsdeurwaarder vormt niet in alle gevallen de meest aangewezen aanpak, bijvoorbeeld indien de omvang van de openstaande vorderingen heel gering is. Voor de inning van niet-fiscale vorderingen kan beroep gedaan worden op de tussenkomst van een incassobureau. Deze werkwijze kan voordeliger zijn voor de schuldenaar aangezien de kosten die gepaard gaan met het inschakelen van een incassobureau doorgaans lager liggen dan de tarieven die gehanteerd worden door een gerechtsdeurwaarder. Bij het aanstellen van een gerechtsdeurwaarder kan het bestuur bovendien geconfronteerd worden met bijkomende kosten indien de inning van de openstaande vorderingen niet (volledig) gerealiseerd kan worden.
Incassobureaus werken volgens het principe “no cure no pay” waardoor het bestuur geen kosten worden aangerekend indien de vordering niet of niet integraal kan worden geïnd.
Evenmin brengt een incassobureau het bestuur kosten in rekening indien de vordering door haar tussenkomst wel integraal kan worden geïnd. Het incassobureau vraagt in dit geval aan het bestuur de machtiging om een bijkomende administratieve kost te innen voor eigen rekening. Een administratieve kost van 25,00 euro wordt voorzien en lijkt billijk.
Raadslid Bart VAN HUMBEECK krijgt het woord en wil graag dat de termijn van 7 dagen, voordat een vordering naar het incassobureau wordt gestuurd, word aangepast. De post werkt niet altijd stipt en een brief kan bij iemand thuis ook enkele dagen blijven liggen. Hij heeft er begrip voor dat de gemeente actiever haar geld wil invorderen, maar 7 dagen vindt hij wel erg kort.
Schepen William DE BOECK antwoordt dat het gaat om twee periodes van 7 kalenderdagen en dat er altijd overleg mogelijk is met de financiële dienst van de gemeente.
Raadslid Bart VAN HUMBEECK vindt dat mensen weinig tijd krijgen om contact op te nemen over een betalingsregeling, als de incassoprocedure zo snel wordt ingezet.
Raadslid Isabel GAISBAUER krijgt het woord en vraagt hoe wordt omgegaan met de mensen die door het OCMW worden ondersteund. Zij hebben immers weinig financiële ruimte.
Schepen Jean-Paul WINDELEN krijgt het woord en repliceert dat eerst met de sociale dienst wordt afgestemd of de aanmaning wordt gestuurd.
Raadslid Trui OLBRECHTS krijgt het woord en begrijpt dat uniforme regels tussen gemeente en OCMW noodzakelijk zijn, maar ze vindt de termijn van 7 dagen te kort. Ze vraagt of een minimumbedrag is afgesproken om het dossier naar een incassobureau te sturen.
Financieel directeur Jan PLETINCKX krijgt het woord en stelt dat de gemeente doorgaans een langere periode dan 7 dagen hanteert. Voor heel kleine bedragen wordt geen incassobureau ingeschakeld, maar de gemeente wil geen minimumbedrag vaststellen. Bovendien komt er 15 euro aan administratiekosten bij, dus is het al snel de moeite om het bedrag te innen.
Raadslid Bart VAN HUMBEECK stelt voor om artikel 3, 2e alinea aan te passen als volgt: Na het verstrijken van de betalingstermijn vermeld in de eerste aanmaning, ontvangt de schuldenaar een tweede aanmaning (desgevallend via aangetekende zending) met een nieuwe betalingstermijn van veertien kalenderdagen, te rekenen vanaf de dag volgend op de herinneringsdatum.
Raadslid Gerlant VAN BERLAER sluit zich hierbij aan.
Voorzitter Chantal LAUWERS legt het amendement ter stemming voor.
In de oude aanmaningsprocedure van het OCMW werd in de eerste herinnering een betaaltermijn verleend van twee weken. Bij uitblijven van betaling werd nadien een tweede herinnering verstuurd via aangetekend schrijven waarin een nieuwe betaaltermijn werd verleend van één week. Voor deze tweede herinnering werd een administratieve kost aangerekend van 5,00 euro. Indien er na de tweede herinnering nog steeds geen betaling ontvangen werd, werd een derde en laatste herinnering verstuurd via aangetekend schrijven waarbij een administratieve kost van 10,00 euro in rekening werd gebracht en een laatste betaaltermijn werd toegekend van één week.
Ingevolge de nieuwe aanmaningsprocedure die werd uitgewerkt zal de verzending van de derde herinnering worden geschrapt en wordt de betaaltermijn vermeld in de eerste herinnering verkort van twee weken naar één week. Bij de verzending van de tweede herinnering wordt meteen een administratieve kost van 15,00 euro aangerekend.
Wat betreft de mogelijkheid tot inschakeling van een incassobureau voor de verdere minnelijke invordering van de schulden: hier zal elk dossier afzonderlijk bekeken worden in overleg met de diensten.
Wat betreft de minnelijke invordering van vorderingen van de gemeente, wordt de betaaltermijn verleend in de eerste kosteloze aanmaning ingekort van 15 dagen naar 7 dagen. De betaaltermijn van 7 dagen verleend in de tweede herinnering blijft behouden. De aanrekening van 15,00 euro bij de verzending van de tweede herinnering blijft ook behouden. Voor de vorderingen van de gemeente werd doorgaans geen derde herinnering verstuurd zoals wel het geval was bij de procedure van het OCMW.
Rekening houdende met de betaaltermijn die reeds verleend wordt op de facturen (30 dagen te rekenen vanaf de dag volgend op de factuurdatum) en op de aanslagbiljetten (2 maanden te rekenen vanaf de dag volgend op de verzenddatum van het aanslagbiljet), lijkt een inkorting van de betaaltermijn verleend in de eerste aanmaning aanvaardbaar. Bovendien volgt er na de eerste herinnering nog een tweede aanmaning waarin nog een extra betaaltermijn wordt verleend van 7 dagen.
Deze aanpassingen laat het bestuur bovendien toe adequater op te treden bij wanbetalers en vlugger over te schakelen op de gerechtelijke invordering indien nodig.
Ingediend door raadslid Bart VAN HUMBEECK om artikel 3, 2e alinea aan te passen als volgt:
Na het verstrijken van de betalingstermijn vermeld in de eerste aanmaning, ontvangt de schuldenaar een tweede aanmaning (desgevallend via aangetekende zending) met een nieuwe betalingstermijn van 14 kalenderdagen, te rekenen vanaf de dag volgend op de herinneringsdatum.
Met 13 stemmen voor (Eddie BOELENS, Linda DE PREE, Jelle DE WILDE, Jean DEWIT, Isabel GAISBAUER, Kirsten HOEFS, Katrien LE ROY, Karima MOKHTAR, Trui OLBRECHTS, Katleen ORINX, Vincent VAN ACHTER, Gerlant VAN BERLAER, Bart VAN HUMBEECK), 18 stemmen tegen (Chris SELLESLAGH, William DE BOECK, Tom GAUDAEN, Bart LAEREMANS, Philip ROOSEN, Karlijne VAN BREE, Yves VERBERCK, Jean-Paul WINDELEN, Manon BAS, Gilbert GOOSSENS, Brigitte JANSSENS, Chantal LAUWERS, Peter PLESSERS, Luk RAEKELBOOM, Pierre VAN DEN WYNGAERT, Rudi VAN HOVE, Karin VERTONGEN, Elke WOUTERS)
Het amendement wordt verworpen.
Enig artikel.
Onderstaand reglement goed te keuren:
Reglement betreffende vaststelling van administratieve kosten voor de invordering van fiscale en niet-fiscale vorderingen in geval van geen of laattijdige betaling
Artikel 1.
Met ingang van 1 oktober 2021 worden in geval van geen of laattijdige betaling bijkomende administratieve kosten gerekend.
Art. 2.
De kosten zijn verschuldigd door de schuldenaar van de fiscale en/of niet-fiscale schuldvordering waaraan de aangerekende kosten gerelateerd zijn.
Art. 3.
Na het verstrijken van de betalingstermijn voorzien op de factuur of het aanslagbiljet, ontvangt de schuldenaar een eerste kosteloze aanmaning met een nieuwe betalingstermijn van 7 kalenderdagen, te rekenen vanaf de dag volgend op de herinneringsdatum.
Na het verstrijken van de betalingstermijn vermeld in de eerste aanmaning, ontvangt de schuldenaar een tweede aanmaning (desgevallend via aangetekende zending) met een nieuwe betalingstermijn van 7 kalenderdagen, te rekenen vanaf de dag volgend op de herinneringsdatum.
Bij een tweede en elke eventueel daaropvolgende aanmaningsbrief bedragen de administratieve kosten een forfaitair bedrag van 15,00 euro per brief.
Art. 4.
Indien het bestuur voor de verdere afhandeling van de niet-fiscale inningsprocedure beroep doet op een derde instantie (incassobureau), wordt een bijkomende administratieve kost van 25,00 euro per dossier aangerekend. Deze administratieve kost is niet verschuldigd aan het bestuur, maar dient te worden geïnd door en voor rekening van de voornoemde derde instantie.
Art. 5.
Het gemeentelijk belastingreglement houdende de vaststelling van een gemeentelijk reglement betreffende het vestigen van administratieve kosten in geval van geen of laattijdige betaling, zoals vastgesteld bij gemeenteraadsbeslissing van 19 december 2019 wordt opgeheven bij het in werking treden van voorliggend reglement.
De gemeenteraad keurt een belastingreglement op het parkeren in blauwe zone, aanslagjaren 2021-2025, goed.
/
De gemeente streeft ernaar voldoende beschikbaarheid van parkeerplaatsen te voorzien en aan de parkeerbehoeftes van de verschillende gebruikers tegemoet te komen. Hiervoor is een controle vereist op de beperking van de parkeerduur op de voorgeschreven plaatsen.
De sanctionering van inbreuken op het parkeren in blauwe zone is niet mogelijk volgens de procedure omschreven in artikel 29 van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties (procedure in geval van inbreuken betreffende het stilstaan en het parkeren). Dit aangezien deze inbreuken niet vallen onder artikel 3, 3° van voornoemde wetgeving.
Het is aangewezen om voor deze inbreuken een gemeentebelasting te heffen en op deze manier voldoende parkeerruimte te vrijwaren.
Rekening houdende met de financiële toestand van de gemeente.
Het tarief werd aangepast van 20,00 euro per halve dag naar 25,00 euro per dag. Het tarief per halve dag wordt geschrapt, dit om discussies rond het tijdstip van overtreding en vaststelling te vermijden.
Dit tarief is conform de toepassing in de buurgemeenten.
Enig artikel.
Onderstaand reglement goed te keuren:
Gemeentelijk belastingreglement op het parkeren in blauwe zone, aanslagjaren 2021-2025
Artikel 1. - belastbare grondslag
Met ingang van 1 oktober 2021 voor een termijn eindigend op 31 december 2025 wordt er een gemeentebelasting gevestigd voor het parkeren van motorvoertuigen op de openbare weg of op plaatsen gelijkgesteld aan de openbare weg, waar dat parkeren toegelaten is én waar een blauwe zonereglementering van toepassing is.
Art. 2. - definities
Art. 3. - vaststelling
Het parkeren in een blauwe zone is gratis indien de maximale duurtijd die toegelaten is door de verkeersborden wordt gerespecteerd. Indien er geen maximale duurtijd wordt vermeld op de verkeersborden geldt de maximale duurtijd bepaald in artikel 27.1.2 van het Koninklijk Besluit van 1 december 1975 (twee uren).
De door de gebruiker gewenste parkeerduur wordt vastgesteld door het zichtbaar aanbrengen van de parkeerschijf achter de voorruit van het voertuig, in overeenstemming met artikel 27.1.1 van het Koninklijk Besluit van 1 december 1975.
Het is verboden onjuiste aanduidingen op de schijf te laten verschijnen. De aanduidingen van de schijf mogen niet gewijzigd worden voordat het voertuig de parkeerplaats verlaten heeft.
Art. 4. - aanslagvoet, berekening
Een forfaitair bedrag van 25,00 euro per dag en per parkeerplaats is verschuldigd wanneer niet voldaan werd aan de bepalingen omschreven in artikel 3.
Art. 5. - belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de titularis van de nummerplaat van het voertuig.
Art. 6. - wijze van invordering
Bij vaststelling van een overtreding door de politiediensten stuurt de gemeente aan de titularis van de nummerplaat een uitnodiging om de belasting binnen de vijf dagen te betalen.
In geval van niet-betaling van de belasting binnen de vijf dagen wordt de belasting ingekohierd.
De gemeenteraad neemt kennis van de opvolgingsrapportering met betrekking tot het eerste semester van 2021.
Artikel 263 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 (DLB).
/
De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn beslisten eind 2019 tot goedkeuring van het meerjarenplan 2020-2025. Op 16 december 2020 werd dit plan voor de eerste maal gewijzigd. Momenteel zijn we anderhalf jaar ver in de uitvoering van het vooropgestelde beleid.
In het decreet over het lokaal bestuur (DLB) werd met ingang van 2020 voorzien in een nieuw instrument om de raadsleden in kennis te stellen van de mate waarin het vooropgestelde beleid vorm krijgt. Bovenop de jaarlijkse rapportering bij de opmaak van de jaarrekening, dient jaarlijks uiterlijk in september immers een opvolgingsrapportering te worden opgemaakt.
In het rapport dienen de raadsleden een overzicht terug te vinden van de stand van zaken van de prioritaire acties of actieplannen van het meerjarenplan. Hierbij dient tevens een overzicht te worden gegeven van de geraamde en de gerealiseerde ontvangsten en uitgaven voor het lopende jaar.
Indien dit nodig of aangewezen blijkt, kan de opvolgingsrapportering tevens worden aangegrepen om een wijziging door te voeren aan de financiële risico's of assumpties die gekozen werden bij de opmaak van het meerjarenplan.
De huidige opvolgingsrapportering bevat:
In samenspraak met de respectievelijke dienst- en afdelingshoofden, alsook met de betrokken mandatarissen, werd de opvolgingsrapportering met betrekking tot het eerste semester van 2021 opgemaakt. Net zoals het meerjarenplan werd het voorliggende rapport gezamenlijk opgemaakt voor zowel gemeente- als OCMW-bestuur. De aanrekeningen die in de rapportering worden getoond, betreffen in regel de boekingen tot en met eind juni 2021, tenzij anders aangegeven.
De thema-audit rond monitoring van het meerjarenplan die begin 2021 plaatshad, resulteerde voor ons bestuur in één op te volgen aanbeveling met betrekking tot de opvolgingsrapportering. Audit Vlaanderen stelde vast dat de financiële koppeling met de acties ontbrak en dat de uitvoeringstrend niet consequent bij elke actie was opgenomen. In de huidige opvolgingsrapportering werd met beide opmerkingen rekening gehouden.
De rapportering is uitsluitend bedoeld voor het bestuur en de raadsleden en hoeft dus niet op de website gepubliceerd te worden. Evenmin dient deze rapportering voorwerp uit te maken van een digitale rapportering aan het Agentschap voor Binnenlands Bestuur.
Het opvolgingsrapport mag gezamenlijk worden opgemaakt voor zowel gemeente- als OCMW-bestuur, maar dient zowel aan de gemeenteraad als aan de raad voor maatschappelijk welzijn te worden voorgelegd.
De voorliggende rapportering dient niet te worden goedgekeurd, de raadsleden dienen enkel kennis te nemen van de stand van zaken van de uitvoering van het meerjarenplan.
Enig artikel.
Kennis te nemen van de stand van zaken van de uitvoering van het huidige meerjarenplan 2020-2025 op basis van de opvolgingsrapportering met betrekking tot het eerste semester van 2021.
De gemeenteraad gaat akkoord met de onderhandse verkoop van het onroerend goed gelegen Veldkantstraat 68 te 1850 Grimbergen aan de geschatte waarde van 119.400,00 euro.
Artikels 40 en 41 van het decreet lokaal bestuur (DLB).
De gemeenteraad heeft op 25 juni 2020 beslist om het onroerend goed gelegen Veldkantstraat 68 te 1850 Grimbergen openbaar te koop te stellen. Tegen dit besluit werd door de advocaat van huurster van het pand een klacht neergelegd bij de toezichthoudende overheid.
De gouverneur heeft op 12 oktober 2020 gemeld geen toezichtsmaatregel te nemen in dit dossier en het besluit van de gemeenteraad van 25 juni 2020 als correct te te verklaren.
Door de advocaat van de huurster werd op 14 december 2020 een verzoekschrift ingediend bij de Raad van State tot schorsing en vernietiging van het besluit van de gemeenteraad van 25 juni 2020.
Mr. Johan GEERTS van het advocatenkantoor GEERTS/DENAYER Advocaten werd door het college van burgemeester en schepenen aangesteld om de gemeente te vertegenwoordigen en de belangen te behartigen.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 1 maart 2021 kennis genomen van het advies van Mr. GEERTS van 22 februari 2021, waarin beslist werd om opdracht te geven aan Mr. GEERTS om OPTIE 2 uit het advies verder af te toetsen met de toezichthoudende overheid.
"Optie 2: een zuiver onderhandse verkoop (zonder mededinging)
In optie 2 beslist u om de woning(en) alsnog zuiver onderhands te verkopen aan mevrouw Selleslagh, zonder mededinging. Deze afwijking van de algemene regel van mededinging en transparantie, vergt een grondige motivering van de beslissing.
Een dergelijke motivering moet aantonen dat de gemeente hier objectieve en redelijk verantwoorde redenen heeft om van de “algemene regel” (= mededinging en transparantie) af te wijken.
Gezien er in casu geen sprake is van een strategisch project van de gemeente, de reden van verkoop is dat u dit patrimonium niet meer zelf aanhouden, is het niet eenvoudig om een “waterdichte” motivering te formuleren. Er is niet één duidelijke, steekhoudende reden van algemeen belang.
Het is echter niet uitgesloten om een redelijke verantwoording te geven voor een onderhandse verkoop:
Sociaal-menselijke redenen gezien mevrouw Selleslagh als sinds 1986 in de woning woont. Het realiseren van een bescheiden woonaanbod is een doelstelling van algemeen belang.
Waarborgen van het behoud van het fraai dorpsgezicht, in het algemeen belang.
Vertrouwensbeginsel, cfr. de argumentatie van mevrouw Selleslagh in de Raad van State-procedure.
Een keuze voor deze optie zou vooral ingegeven zijn vanuit de betrachting om de Raad van State procedure met zekerheid te kunnen afsluiten en vanuit de insteek dat de kans erg klein is dat een belanghebbende zich tegen een zuiver onderhandse verkoop zou verzetten."
Het Agentschap Binnenlands Bestuur werd door Mr. GEERTS per brief gecontacteerd met de vraag of optie 2 zijnde "een zuiver onderhandse verkoop (zonder mededinging)" mogelijk was.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 26 april 2021 kennis genomen van de repliek van de toezichthoudende overheid inzake een onderhandse verkoop. Hierin wordt gemeld dat in het kader van het algemeen bestuurlijk toezicht geen voorafname op een standpunt kan worden gedaan. Het bestuurlijk toezicht is voornamelijk een klachtentoezicht, waardoor een dossier wordt opgevraagd en onderzocht na het tijdig indienen van een klacht bij de toezichthoudende overheid. Na onderzoek van dit dossier zal de toezichthouder een standpunt innemen waarbij rekening wordt gehouden met alle elementen van het dossier.
De Raad van State heeft op 11 juni 2021 de vordering tot schorsing verworpen. Het college van burgemeester en schepenen heeft op 21 juni 2021 kennis genomen van dit arrest.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 21 juni 2021, op advies van Mr. GEERTS na de beslissing van de Raad van State van 11 juni 2021, beslist om het onroerend goed gelegen Veldkantstraat 68 te 1850 Grimbergen, onder voorwaarden (vast te leggen in een dading), onderhands te koop aan te bieden aan de huurster, mevr. SELLESLAGH.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 2 augustus 2021 het ontwerp van dading inzake de onderhandse verkoop van het onroerend goed gelegen Veldkantstraat 68 te 1850 Grimbergen principieel goedgekeurd.
In navolging van deze principiële goedkeuring van het ontwerp van dading werd door mevr. SELLESLAGH gevraagd om artikel 1.5 in de dading aan te passen.
Het college van burgemeester en schepenen heeft hierop volgend op 23 augustus 2021 het aangepaste ontwerp van dading inzake de onderhandse verkoop van het onroerend goed gelegen Veldkantstraat 68 te 1850 Grimbergen principieel goedgekeurd.
De gemeenteraad heeft op 26 augustus 2021 dit aangepast ontwerp van dading inzake de onderhandse verkoop van het onroerend goed gelegen Veldkantstraat 68 te 1850 Grimbergen goedgekeurd.
In uitvoering van de goedgekeurde dading dient de gemeenteraad echter nog akkoord te gaan met de onderhandse verkoop van het onroerend goed gelegen Veldkantstraat 68 te 1850 Grimbergen.
Raadslid Trui OLBRECHTS krijgt het woord en vraagt aandacht voor de procedure. Als de gemeente een onroerend goed wil verkopen, moet er volgens het Decreet Lokaal Bestuur gewerkt worden met een transparante procedure en mogelijkheid tot mededinging. Grimbergen heeft aan vele instanties advies gevraagd, waaronder ABB. Daarin staat dat iedereen moet kunnen meedingen, omdat dit het algemeen belang het beste dient. Dit principe wordt echter niet altijd door het schepencollege gevolgd. Ter illustratie noemt ze vier dossiers, namelijk de verkoop van het pand waarin de Wereldwinkel was gehuisvest, landbouwgrond waarvan de gebruiker al jarenlang pachter is, cafetaria De Singel en het onroerend goed aan de Veldkantstraat. Raadslid OLBRECHTS stelt dat het schepencollege een procedure lijkt te kiezen die hem het beste uitkomt. Tot twee keer toe is het schepencollege teruggekomen op een gemeenteraadsbeslissing. Ze vraagt om in de toekomst aandacht te besteden aan het consequent toepassen van de regels.
Schepen Bart LAEREMANS krijgt het woord en vindt het een vreemde tussenkomst, omdat het onderwerp al is behandeld in het kader van de dading die in de vorige gemeenteraad werd goedgekeurd. Dit is slechts een uitwerking daarvan. Het schepencollege is er vorige keer door de oppositiepartijen op gewezen dat het gemeentebestuur tekortschoot, doordat het een aantal arrangementen was aangegaan. Op basis van die uitspraak heeft het college besloten om het op deze manier te doen. Nadat de dading was goedgekeurd, is het voorliggende voorstel een logisch gevolg. Bovendien wordt zo de meest correcte en humane beslissing genomen. Voor de andere genoemde dossiers geldt dat de gemeente telkens het belang van het dossier en het algemeen belang zorgvuldig tegen elkaar heeft afgewogen.
Raadslid Trui OLBRECHTS krijgt het woord en merkt op dat het haar niet om het dossier an sich gaat, maar dat zij aandacht vraagt voor de tendens. Het basisprincipe moet zijn dat de verkoop openbaar geschiedt, behalve als het algemeen belang daardoor in het geding komt.
Motivatie onderhandse verkoop:
/
Enig artikel.
Akkoord te gaan met de onderhandse verkoop van het onroerend goed gelegen Veldkantstraat 68 te 1850 Grimbergen aan de geschatte waarde van 119.400,00 euro aan de huurder, mevr. SELLESLAGH en notariskantoor BOES-PRAET aan te stellen voor de opmaak en het verlijden van de notariële akte.
De gemeenteraad stelt het gemeentelijk rooilijnplan voor het Gemeenteplein van 10 september 2021 opgemaakt door SWECO nv voorlopig vast.
De gemeenteraad gelast het college van burgemeester en schepenen met de organisatie van het openbaar onderzoek, overeenkomstig artikel 17 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
/
HISTORIEK
Voor de opmaak van de omgevingsvergunning voor de bouw van de ondergrondse parking en voor de bovengrondse afwerking van het Gemeenteplein en omgeving te Strombeek-Bever, is het noodzakelijk dat er een rooilijnplan ter beschikking is. Ook is het nodig dat voor de opmaak van de omgevingsvergunning de gedeeltelijke afschaffing van buurtweg nr. 14 wordt voorzien.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 8 februari 2021 opdracht gegeven aan SWECO nv tot opmaak van zowel een rooilijnplan voor het Gemeenteplein en de aanzet van de aanliggende straten, als voor de gedeeltelijke opheffing van buurtwegen nr. 14 en nr. 19.
Na controle van de beschikbare atlas der buurtwegen van de Provincie Vlaams-Brabant blijkt er voor het betreffende gedeelte van buurtweg nr. 19 reeds een afschaffingsbesluit van 9 juni 1967 te bestaan.
SWECO nv heeft op 10 september 2021 het ontwerp van rooilijnplan voor het Gemeenteplein overgemaakt.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 13 september 2021 kennis genomen van het ontwerp van rooilijnplan voor het Gemeenteplein opgemaakt door SWECO nv.
Op 14 september 2021 werd door SWECO nv deze motivatienota (BIJLAGE 3) overgemaakt:
"De rooilijn op het Gemeenteplein werd onderzocht en wordt met bovenvermeld rooilijnplan bestendigd.
Ter hoogte van de Wemmelsestraat nr. 57 wordt de rooilijn gelijkgelegd met de actuele gevel. Dit wordt dan ook geregeld met de procedure ‘gedeeltelijke opheffing buurtweg nr. 14’.
De motivatie hiervoor is dat hiermee de actuele situatie bestendigd wordt, gelet deze gevel in lijn ligt met de overige gevels in de Wemmelsestraat.
Het vaststellen van de rooilijn zal ervoor zorgen dat duidelijk afgebakende grenzen, tussen het openbare domein en de aangelande eigendommen, worden vastgesteld.
De vaststelling van de rooilijn voor het Gemeenteplein en directe omgeving is in overeenstemming met de doelstellingen en principes vermeld in artikels 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen."
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om, overeenkomstig artikel 17 van het decreet houdende gemeentewegen van 3 mei 2019, het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan van 10 september 2021 opgemaakt door SWECO nv voor het Gemeenteplein voorlopig goed te keuren.
De gemeenteraad gelast het college van burgemeester en schepenen met de organisatie van het openbaar onderzoek, overeenkomstig artikel 17 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
/
/
Artikel 1.
Het gemeentelijk rooilijnplan voor het Gemeenteplein van 10 september 2021 opgemaakt door SWECO nv voorlopig vast te stellen.
Art. 2.
Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de organisatie van het openbaar onderzoek, overeenkomstig artikel 17 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
De gemeenteraad stelt het ontwerp van grafisch plan voor de gedeeltelijke opheffing van buurtweg nr. 14 van 10 september 2021 opgemaakt door SWECO nv voorlopig vast.
De gemeenteraad stelt vast dat de waardevermeerdering van het op te heffen gedeelte van buurtweg nr. 14 (zowel op het gemeentelijk perceel kadastraal gekend als 4de afdeling - sectie A - nr. 454t3 als op het perceel kadastraal gekend als 4de afdeling - sectie A - nr. 434h2) nihil is, overeenkomstig artikel 28 van het decreet gemeentewegen.
De gemeenteraad gelast het college van burgemeester en schepenen met de organisatie van het openbaar onderzoek, overeenkomstig artikel 17 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
/
HISTORIEK
Voor de opmaak van de omgevingsvergunning voor de bouw van de ondergrondse parking en voor de bovengrondse afwerking van het Gemeenteplein en omgeving te Strombeek-Bever, is het noodzakelijk dat er een rooilijnplan te beschikking is. Ook is het nodig dat voor de opmaak van de omgevingsvergunning de gedeeltelijke afschaffing van buurtweg nr. 14 wordt voorzien.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 8 februari 2021 opdracht gegeven aan SWECO nv tot opmaak van zowel een rooilijnplan voor het Gemeenteplein en de aanzet van de aanliggende straten, als voor de gedeeltelijke opheffing van buurtwegen nr. 14 en nr. 19.
Na controle van de beschikbare atlas der buurtwegen van de Provincie Vlaams-Brabant blijkt er voor het betreffende gedeelte van buurtweg nr. 19 reeds een afschaffingsbesluit van 9 juni 1967 te bestaan.
Het schattingsverslag van 3 september 2021 opgemaakt door het landmeterskantoor PLATTEAU wordt (pro forma) toegevoegd aan het opheffingsdossier. Overeenkomstig art. 28 van het decreet gemeentewegen wordt de waardevermeerdering van het afgeschafte gedeelte van buurtweg nr. 14 (zowel op het gemeentelijk perceel kadastraal gekend als 4de afdeling - sectie A - nr. 454t3 als op het perceel kadastraal gekend als 4de afdeling - sectie A - nr. 434h2) echter geacht nihil te zijn aangezien deze gemeenteweg in de feiten verdwenen is en/of omdat de gemeenteweg werd bebouwd krachtens een rechtsgeldige, niet-vervallen vergunning die werd verleend vóór 1 september 2019.
Op 10 september 2021 heeft SWECO nv het ontwerp van grafisch plan betreffende gedeeltelijke opheffing van buurtweg nr. 14 overgemaakt.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 13 september 2021 kennis genomen van het ontwerp van rooilijnplan van 10 september 2021 voor de gedeeltelijke opheffing van buurtweg nr. 14 opgemaakt door SWECO nv.
Op 14 september 2021 werd door SWECO nv deze motivatienota (BIJLAGE 3) overgemaakt:
“De buurtweg nr. 14 is gelegen op het Gemeenteplein waar, in actuele situatie, het gebouw “Cultureel Centrum Strombeek” gelegen is. Het Cultureel Centrum is reeds meer dan 30 jaar op deze locatie aanwezig en de buurtweg is aldus minstens even lang niet meer in gebruik.
De ligging van de buurtweg nr. 14 is aldus niet in overeenstemming met de huidige ligging en gebruik. De verkeersstromen verlopen in huidig gebruik over het Gemeenteplein. De buurtweg nr. 14 kan niet terug in gebruik genomen worden.
Het gemeentebestuur van Grimbergen plant een herinrichting van het Gemeenteplein. Dit omvat de bouw van een ondergrondse parkeergarage en een herinrichting van de bovenbouw van het Gemeenteplein.
Deze herinrichting zorgt voor een herwaardering en bescherming van de trage wegen, zowel op recreatief als functioneel vlak. Het plein wordt immers ingericht als een verkeersluwe ontmoetingsplek met een recreatieve functie, alsook als ontsluitingsplein en inkom voor de omliggende gebouwen en functies (Cultureel Centrum, toegang (geplande) ondergrondse parkeergarage, toegang omliggende appartementen en winkels).
Ter hoogte van de Wemmelsestraat nr. 57 wordt de rooilijn gelijkgelegd met de actuele gevel.
De motivatie hiervoor is dat hiermee de actuele situatie bestendigd wordt, gelet deze gevel in lijn ligt met de overige gevels in de Wemmelsestraat.
De gedeeltelijke opheffing van buurtweg nr. 14 is aldus in overeenstemming met de doelstellingen en principes vermeld in artikels 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.“
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om het ontwerp van grafisch plan houdende gedeeltelijke opheffing van buurtweg nr. 14 voorlopig vast te stellen.
/
/
Artikel 1.
Het ontwerp van grafisch plan voor de gedeeltelijke opheffing van buurtweg nr. 14 van 10 september 2021 opgemaakt door SWECO nv voorlopig vast te stellen.
Art. 2.
Vast te stellen dat de waardevermeerdering van het op te heffen gedeelte van buurtweg nr. 14 (zowel op het gemeentelijk perceel kadastraal gekend als 4de afdeling - sectie A - nr. 454t3 als op het perceel kadastraal gekend als 4de afdeling - sectie A - nr. 434h2) nihil is, overeenkomstig artikel 28 van het decreet gemeentewegen, aangezien deze gemeenteweg in de feiten verdwenen is en/of omdat de gemeenteweg werd bebouwd krachtens een rechtsgeldige, niet-vervallen vergunning die werd verleend vóór 1 september 2019.
Art. 2.
Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de organisatie van het openbaar onderzoek, overeenkomstig artikel 17 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
De gemeenteraad neemt kennis van de gunning voor de overheidsopdracht voor werken Design & Build – uitbreiding gemeentehuis van Grimbergen.
Op basis van de aftoetsing van de ingediende offertes aan de gunningscriteria wordt de opdracht “Design & Build – uitbreiding gemeentehuis te Grimbergen” toegewezen aan de kandidaat met de economisch meest voordelige offerte (rekening houdend met de beste prijs-kwaliteitsverhouding), zijnde Niet-geïntegreerde TM CIT Blaton – Archipelago, Jean Jaurèslaan 50 te 1030 Brussel, voor een totaalbedrag van 10.599.078,05 € inclusief btw.
Naast deze basisofferte worden ook voor een totaal van 1.548.094,67 € inclusief erelonen en btw voorgestelde opties gegund, bestaande uit:
De gemeenteraad keurt de DB-overeenkomst goed, die als bijlage 4 werd toegevoegd.
§3 Het college van burgemeester en schepenen is bevoegd voor:
1° de daden van beheer over de gemeentelijke inrichtingen en eigendommen, in voorkomend geval binnen de door de gemeenteraad vastgelegde algemene regels;
4° het voeren van de plaatsingsprocedure, de gunning en de uitvoering van overheidsopdrachten.
De volgende bevoegdheden kunnen niet aan het college van burgemeester en schepenen worden toevertrouwd het vaststellen van de plaatsingsprocedure en het vaststellen van de voorwaarden van overheidsopdrachten.
ALGEMEEN
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Artikels 326 tem. 341 DLB betreffende het bestuurlijk toezicht.
De wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen, diensten en concessies, en latere wijzigingen.
Artikel 38, § 1, 1° c) van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten (voorafgaande onderhandelingen noodzakelijk wegens specifieke omstandigheden).
Het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen.
Het koninklijk besluit van 18 april 2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018, inzonderheid artikel II.35,1 betreffende de strikte vertrouwelijkheid van het ‘voorlopig’ beoordelingsverslag op grond van een economisch, financieel en commercieel belang van de overheidsinstanties.
SPECIFIEK
Het college van burgemeester en schepenen besliste op 14 oktober 2019 om: kennis te nemen van de stand van zaken, het plan van aanpak van het gebouw Prinsenhof en de visie om de site rond het gemeentehuis en de dienstverlening te herontwikkelen naar een moderne organisatie; gaat akkoord de opdracht "Trajectbegeleiding bij de nieuwbouw met een ondergrondse parking als huisvesting voor de dienstverlenende kerntaken van gemeente en OCMW aan de burger" te gunnen bij wijze van de onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking.
Het college van burgemeester en schepenen besliste op 27 januari 2020 om: de opdracht "Trajectbegeleiding bij de nieuwbouw met een ondergrondse parking als huisvesting voor de dienstverlenende kerntaken van gemeente en OCMW aan de burger" (4 fases), te gunnen aan Blue Strategy, Moestuinstraat 6 te 9000 Gent, voor de 4 fases, echter volgens het lastenboek 2019/723 artikel I.14 opgesplitst in een vast (fase 1) en voorwaardelijk gedeelte (fasen 2, 3 en 4) in toepassing van artikel 37 § 1 van de wet overheidsopdrachten en met een looptijd van 36 weken + doorlopen van het gunningsdossier voor de realisatie van de fases 1, 2 en 3. De termijn voor fase 4 is afhankelijk van het bouwproces.
Het college van burgemeester en schepenen besliste op 15 juni 2020 om: kennis te nemen van de toelichting, overgemaakt op 3 juni 2020 door Blue Strategy, Moestuinstraat 6 te 9000 Gent, met betrekking tot de verdere timing en eerste tem. bevindingen met voorstel tot besluitvorming van de opdracht trajectbegeleiding bij de nieuwbouw met een ondergrondse parking als huisvesting voor de dienstverlenende kerntaken van gemeente en OCMW aan de burger; akkoord te gaan dat de ondergrondse parking onder het gemeentehuis niet langer weerhouden wordt binnen het project; akkoord te gaan om binnen de volumestudie van het project ruimte te voorzien voor een bibliotheek van +/- 1.000 m2; de toelichting over de procedure, plan van aanpak, verdere timing en eerste bevindingen met voorstel tot besluitvorming van de opdracht trajectbegeleiding bij de nieuwbouw met een ondergrondse parking als huisvesting voor de dienstverlenende kerntaken van gemeente en OCMW aan de burger, opgesteld door Blue Strategy, Moestuinstraat 6 te 9000 Gent, ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad.
De gemeenteraad besliste op 25 juni 2020 om: kennis te nemen van de toelichting door Blue Strategy, Moestuinstraat 6 te 9000 Gent, met betrekking tot de procedure, het plan van aanpak, de verdere timing en de eerste bevindingen met voorstel tot besluitvorming van de opdracht trajectbegeleiding bij de nieuwbouw van het gemeentehuis met een ondergrondse parking als huisvesting voor de dienstverlenende kerntaken van gemeente en OCMW aan de burger; akkoord te gaan - conform het besluit van het college van burgemeester en schepenen - dat de ondergrondse parking onder het gemeentehuis niet langer weerhouden wordt binnen het project en om binnen de volumestudie van het project ruimte te voorzien voor een bibliotheek van +/- 1.000 m².
Het college van burgemeester en schepenen besliste op 27 juli 2020 om: Blue Strategy, Moestuinstraat 6 te 9000 Gent, de goedkeuring te verlenen voor de beëindiging van de fase 1 van de opdracht trajectbegeleiding bij de nieuwbouw met een ondergrondse parking als huisvesting voor de dienstverlenende kerntaken van gemeente en OCMW aan de burger, voor de “Opmaak volumestudie met haalbaarheidstoets via inschatting van bouw- en ontwikkelingskosten gebaseerd op een geconcretiseerd dienstverleningsconcept”; een "go" beslissing te geven voor de verderzetting van de trajectbegeleiding voor de opdracht hierboven vermeld; akkoord te gaan het voorwaardelijk gedeelte (fasen 2, 3 en 4) in toepassing van artikel 37 §1 van de wet overheidsopdrachten te betekenen, ten bedrage van € 90.922,43 incl. btw voor: fase 2: Conceptstudie- en definiëren van eisen en bouwprogramma; Fase 3: Ontwikkelingsscenario, aanbestedingsstrategie en opmaak Design & Build-bestek met begeleiding t.e.m. het gunningsbesluit; Fase 4: Beperkte opvolging van de werken om te waken over de uitgewerkte visie; de principiële goedkeuring te geven om het totale budget voor het project nieuwbouw gemeentehuis eenmalig te verhogen tot € 10.150.000,00 inclusief btw en erelonen en hiervoor de nodige ruimte te zoeken binnen de meerjarenplanning; Blue Strategy, Moestuinstraat 6 te 9000 Gent de opdracht te geven een voorstel van projectdefinitie voor te leggen binnen de afgesproken termijn en volgens het lastenboek 2019/723.
Het college van burgemeester en schepenen besliste op 19 oktober 2020: Kennis te nemen van het verslag van Blue Strategy inzake de problematiek rond brandveiligheid in het huidige gemeentehuis waaruit blijkt dat de brandveiligheid van het gebouw niet conform het Koninklijk Besluit (KB) van 7 juli 1994 "Basisnormen brandpreventie" is en dat dit de aansprakelijkheid van het gemeentebestuur ernstig in het gedrang brengt t.a.v. de bezoekers en de personeelsleden. Akkoord te gaan om de conformiteit van het gemeentehuis aan de brandveiligheid aan te passen in verschillende stappen.
Het college van burgemeester en schepenen besliste op 16 november 2020: Kennis te nemen dat ingevolge het verder uitwerken van het project het totale projectbudget wordt verhoogd van € 12.000.000 naar € 12.250.000 wegens: € 250.000 door onvoorziene problematiek brandveiligheid van het huidige gemeentehuis (beslissing college van burgemeester en schepenen 19 oktober 2020); € 200.000 door het opnemen van meer vast meubilair (baliemeubels, …) in het DB-project dan initieel voorzien. Dit zorgt voor meer eenduidigheid in de beleving, evenals een volledige integratie van alle technische aspecten zoals schermen, kabels en leidingen. Dit wordt evenwel gecompenseerd door het verlagen van budget bestemd voor de losse inrichting van € 1.280.000 naar € 1.080.000; Dit maakt dat het DB-project met € 450.000 verhoogt. Het selectieverslag ‘DESIGN & BUILD - uitbreiding gemeentehuis van Grimbergen’, goed te keuren en volgende teams te selecteren voor de gunningsfase: Niet-geïntegreerde TM CIT Blaton - Archipelago, Jean Jaurèslaan 50, 1030 Brussel, DEMOCO NV, Herkenrodesingel 4b, 3500 Hasselt, Groep Van Roey nv, Oostmalsesteenweg 261, 2310 Rijkevorsel. Deze beslissing ter kennisgeving aan elke inschrijver over te maken. Het voorstel van gunningsbestek en outputspecificaties opgesteld door Blue Strategy, Moestuinstraat 6 te 9000 Gent voor de opdracht “DESIGN & BUILD - Uitbreiding gemeentehuis van Grimbergen” vast te stellen en ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad van november.
De gemeenteraad besliste op 26 november 2020 om: Kennis te nemen van het selectieverslag ‘DESIGN & BUILD - uitbreiding gemeentehuis van Grimbergen’ in BIJLAGE 1, zoals goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen op 16 november 2020 en waarbij volgende teams geselecteerd werden voor de gunningsfase: Niet-geïntegreerde TM CIT Blaton - Archipelago, Jean Jaurèslaan 50, 1030 Brussel, DEMOCO NV, Herkenrodesingel 4b, 3500 Hasselt, Groep Van Roey nv, Oostmalsesteenweg 261, 2310 Rijkevorsel. Het gunningsbestek en de outputspecificaties, opgesteld door Blue Strategy, Moestuinstraat 6 te 9000 Gent voor de opdracht “DESIGN & BUILD - Uitbreiding gemeentehuis van Grimbergen” via een mededingsprocedure met onderhandeling, goed te keuren. Het geraamde projectbudget is € 10.600.000 incl. btw en studiekost.
Het college van burgemeester en schepenen besliste op 26 april 2021 om: Kennis te nemen van het verslag voor de aanstelling van een voorkeursbieder voor de overheidsopdracht voor werken Design & Build – uitbreiding gemeentehuis van Grimbergen.
Het voorlopig strikt vertrouwelijk verslag "aanstelling voorkeursbieder voor de overheidsopdracht voor werken Design & Build – uitbreiding gemeentehuis van Grimbergen", goed te keuren.
Op basis van de aftoetsing van de ingediende offertes aan de gunningscriteria wordt voorgesteld om de Niet-geïntegreerde TM CIT Blaton – Archipelago aan te stellen als voorkeursbieder voor de opdracht “Design & Build – uitbreiding gemeentehuis te Grimbergen”. Er worden met deze kandidaat onderhandelingen opgestart om tot een BAFO te komen. De overige twee kandidaten worden in de “wachtkamer” geplaatst tot na de afloop van de onderhandelingen.
Het college van burgemeester en schepenen besliste op 21 juni 2021 om: Principieel akkoord te gaan met het verlenen van een erfpacht van 50 jaar aan Vzw Ignatius, Ursulinenstraat 4 te 1000 Brussel, patrimonium-vzw van de vrije basisschool Prinsenhof, Prinsenstraat 17, 1850 Grimbergen voor het realiseren van een nieuwe school op een perceel dat in eigendom is van de gemeente (Prinsenstraat- raming oppervlakte 755m²). Het bedrag van de canon maakt voorwerp uit van de verdere onderhandelingen.
Het college van burgemeester en schepenen besliste op 16 augustus 2021 om: Kennis te nemen van het proces-verbaal van schatting van 15 juli 2021 opgemaakt door het landmeterskantoor PLATTEAU in het kader van de vaststelling van een canon betreffende vestiging van erfpacht op de percelen kadastraal gekend als 2de afdeling - sectie E - nrs. 416p (deel) en 411w. Principieel akkoord te gaan met de vestiging van een nieuwe erfpachtovereenkomst, met een termijn van 50 jaar, op de percelen kadastraal gekend als 2de afdeling - sectie E - nrs. 416p (deel) en 411w. Dit in het kader van de geplande nieuwbouw voor VBS Prinsenhof op het perceelnr. 416p (deel), alsook ter vervanging van de lopende erfpachtovereenkomst van 3 november 2011 op het perceelnr. 411w. Principieel akkoord te gaan met de vaststelling van een totale jaarlijkse canon van 3% van de verkoopwaarde. Notariskantoor BOES-PRAET aan te stellen voor de opmaak van het ontwerp van notariële akte.
Kennis te nemen van het gunningsverslag voor de overheidsopdracht voor werken Design & Build – uitbreiding gemeentehuis van Grimbergen in BIJLAGE 1.1 en dit goed te keuren.
Op basis van de aftoetsing van de ingediende offertes aan de gunningscriteria wordt de opdracht “Design & Build – uitbreiding gemeentehuis te Grimbergen” toegewezen aan de kandidaat met de economisch meest voordelige offerte (rekening houdend met de beste prijs-kwaliteitsverhouding), zijnde Niet-geïntegreerde TM CIT Blaton – Archipelago, Jean Jaurèslaan 50 te 1030 Brussel, voor een totaalbedrag van 10.599.078,05 € inclusief btw.
Het schrijven in BIJLAGE 2 te richten aan kandidaat Groep Van Roey nv en de firma Democo om de beslissing niet-gunning kenbaar te maken.
Beide kandidaten hebben conform 4.8 van het gunningsbestek, recht op een vergoeding van 10.000 euro, vrijgesteld van BTW, als compensatie voor de geleverde inspanningen.
Het schrijven in BIJLAGE 3 te richten aan de firma Niet-geïntegreerde TM CIT Blaton – Archipelago om de beslissing, tot gunning kenbaar te maken.Principiële goedkeuring te verlenen aan de voorliggende DB-overeenkomst in BIJLAGE 4 en deze ter goedkeuring voor te leggen aan de volgende gemeenteraad.
Het visum onder voorwaarden, zoals verstrekt door de financieel directeur op 6 september 2021.
Blue Strategy maakte het gunningsverslag voor de overheidsopdracht voor de werken "Design & Build - uitbreiding gemeentehuis van Grimbergen als volgt op (zie bijlage 1):
1. Situering
1.1 Omschrijving project
Het doel van deze opdracht is de aanstelling van een bouwteam met als hoofdopdracht het ontwerp en de bouw van de uitbreiding van het gemeentehuis en heraanleg van de directe omgeving.
1.2 Selectiefase
Op 28 september 2020 werd deze opdracht op nationaal en Europees niveau gepubliceerd. Er werden 10 kandidaatstellingen ontvangen, op basis van minimale criteria en doorselectie haalden de volgende kandidaten de hoogste score en werden weerhouden voor de gunningsfase van de opdracht “DESIGN & BUILD – UITBREIDING GEMEENTEHUIS VAN GRIMBERGEN”:
1.3 Gunningsfase
Op 4 december 2020 werd het gunningsdossier aan deze 3 kandidaten bezorgd. Tijdens de procedure waren individuele informatiemomenten op 15 december 2020 (rondgang met alle teams), 26 januari 2021 (concept en stedenbouw), 2 februari 2021 (werking en bibliotheek), 23 februari 2021 (technieken nieuwbouw en bestaand gebouw), 24 februari 2021 (werking en inplanting school) en 10 maart 2021 (inplanting school). Daarnaast werd aan de 3 kandidaten een nota van toelichting bezorgd op respectievelijk 18 december 2020, 21 januari 2021, 5 en 16 maart 2021.
Op 29 maart 2021 dienden de 3 weerhouden kandidaten een offerte in. Na het administratief nazicht voldeden alle voorstellen aan de gestelde eisen en werden weerhouden voor een aftoetsing aan de gunningscriteria.
Alle kandidaten kregen de kans om hun voorstel aan de jury te presenteren op 2 april 2021. Op 12 april 2021 werden een aantal bijkomende vragen bezorgd aan de kandidaten ter verduidelijking van de voorstellen. Deze antwoorden maken integraal deel uit van de ingediende offertes. Alle kandidaten bezorgden tijdig de antwoorden op de gestelde vragen.
2. Rangschikking
Op basis van de analyse van de dossiers door de jury en de aftoetsing aan de gunningscriteria werd tot volgende rangschikking gekomen:
3. Aanduiding voorkeursbieder
Op basis van de aftoetsing van de ingediende offertes aan de gunningscriteria werd de Niet-geïntegreerde TM CIT Blaton – Archipelago aangesteld als voorkeursbieder voor de opdracht “DESIGN & BUILD – UITBREIDING GEMEENTEHUIS te GRIMBERGEN”. Er werden met deze kandidaat onderhandelingen opgestart om tot een best and final offer (BAFO) te komen.
De overige twee Kandidaten werden in de “wachtkamer” geplaatst tot na de afloop van de onderhandelingen.
De aanduiding tot voorkeursbieder betreft een tussentijdse beslissing. Na afronding van de onderhandelingen en de definitieve toewijzing van de opdracht wordt de gemotiveerde beslissing onder de vorm van het gunningsverslag aan de kandidaten overgemaakt.
4. Gunning opdracht
Na het aanvangen van de onderhandelingen op 3 mei 2021 werden verschillende overlegmomenten gehouden tussen de voorkeursbieder en de opdrachtgever ter verdere uitwerking van het voorstel. Dit resulteerde in een BAFO instructie op 12 augustus 2021.
Op 26 augustus 2021 diende de voorkeursbieder een BAFO-offerte in. Na administratief nazicht door Blue Strategy bleek deze volledig te zijn en te voldoen aan de gestelde voorwaarden van het bestek en werd deze weerhouden voor inhoudelijk nazicht. Op basis van nazicht van alle ingediende dossiers werd een gemotiveerd gunningsverslag opgesteld door Blue Strategy, dat wordt opgenomen in bijlage. De overheidsopdracht wordt op basis hiervan gegund aan de voorkeursbieder Niet-geïntegreerde TM CIT Blaton – Archipelago.
De overige twee Kandidaten worden in kennis gesteld van de niet-gunning samen met het gemotiveerde gunningsverslag: Groep Van Roey nv; Democo nv.
Elk van de initiële offertes bevatte een aantal optieprijzen. Met de voorkeursbieder werden deze optieprijzen verder onderhandeld waarbij deze in de BAFO een aantal aangepaste opties voorstelde. Het totaal van deze opties bedraagt 1.548.094,67 € inclusief erelonen en btw en bestaat uit :
In de door de gemeenteraad op 26 november 2020 goedgekeurde gunningsbestek en de outputspecificaties, opgesteld door Blue Strategy, Moestuinstraat 6 te 9000 Gent voor de opdracht “DESIGN & BUILD - Uitbreiding gemeentehuis van Grimbergen” was ook een voorstel van DB-overeenkomst opgenomen.
Volgend op onderhandelingen met TM CIT Blaton – Archipelago werd deze overeenkomst op een aantal punten gewijzigd. Bovendien werd deze vervolledigd met de coördinaten van deze partij evenals het BAFO-voorstel aangevuld met de weerhouden opties. Deze gewijzigde en vervolledigde overeenkomst wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad van 23 september ’21. De ondertekening van deze overeenkomst dient te worden beschouwd als de sluiting van deze opdracht.
In die zin zal de feitelijke ondertekening ook maar gebeuren na het verstrijken van de stand-still periode horende bij kennisgeving aan de niet weerhouden voorstellen en voor zover deze partijen geen juridische procedure opstarten om deze gunning te betwisten.
Raadslid Kirsten HOEFS krijgt het woord en stelt dat de ambities van het schepencollege bij aanvang groot waren, maar na 3 jaar sterk zijn bijgesteld tot realistischer plannen. In grote lijnen bevalt het gekozen ontwerp. Drie jaar geleden waren er twee argumenten om te stoppen met het traject voor het Hoekgebouw en het gemeentehuis uit te breiden. Dat waren de te hoge kostprijs en de inkanteling van het OCMW, waardoor ervoor werd gekozen om alle gemeenschappelijke diensten te centraliseren in Grimbergen. Het samenvoegen van diensten vond de fractie CD&V vanaf het begin een goed idee, maar de vraag was altijd tegen welke prijs dit gerealiseerd mocht worden. Negatieve punten zijn dat er bijna 1 miljoen aan erelonen is verspild door het werk aan het Hoekgebouw stop te zetten, dat er wordt ingeboet aan de kwaliteit van het gebouw, en het ontbreken van externe partners zoals Kind en Gezin. Het vertrek van de bibliotheek uit Strombeek vindt de fractie CD&V zeer betreurenswaardig. Door het centraliseren van alle diensten is een extra parking nodig, waardoor hoge extra kosten ontstaan. Als alle kosten bij elkaar worden opgeteld en vergeleken worden met die van het Hoekgebouw, zal men moeten concluderen dat de gemeente nu ongeveer even duur uit is, terwijl de oppervlakte in de nieuwe plannen 28% minder is. De kosten van het project wegen volgens de fractie CD&V niet op tegen de baten. De fractie zal daarom tegen het voorstel stemmen.
Raadslid Katrien LE ROY krijgt het woord en licht toe waarom de fractie Groen zich van stemming zal onthouden. Net als de fractie CD&V betreurt de fractie Groen de politieke keuze die aan het project ten grondslag ligt. Het centraliseren van de administratie van gemeente en OCMW vindt de fractie begrijpelijk, maar dat de dienstverlening meeverhuist niet. Groen vindt dat de dienstverlening daar moet blijven waar de nood het hoogst is. Los van de politieke keuze vindt Groen het een mooi project, met aandacht voor duurzaamheid en voor de historische omgeving. Dat de omgeving wordt meegenomen in de nieuwe inrichting vindt de fractie ook positief, al is het jammer dat daardoor een stukje historie verdwijnt door de sloop van de oude jongensschool. Gezien de staat van het gebouw vindt de fractie Groen het wel begrijpelijk.
De fractie Groen heeft nog enkele vragen n.a.v. de commissievergadering. Het concept van de dienstverlening moet nog grotendeels uitgewerkt worden, terwijl de contouren van de inrichting al vastliggen. Dat lijkt de fractie een onlogische werkwijze. De ruime openingsuren voor de bibliotheek vindt Groen zeer positief, maar het betekent wel dat een groot deel van het gebouw toegankelijk moet blijven. De fractie vraagt om dit goed te doordenken.
Tijdens de commissie werd gesproken over laagdrempeligheid als eis voor het project. De diensten bevinden zich echter op de eerste verdieping. De fractie Groen vraagt aandacht voor de toegankelijkheid van mindervaliden en mensen met een kinderwagen.
Het budget is meermaals omhoog bijgesteld. Groen begrijpt dat dit onvermijdelijk is bij zo’n groot project, maar vraagt zich wel af waar dit eindigt.
Tijdens de commissievergadering werd gevraagd naar de waterproblematiek. In de nieuwbouw van het Prinsenhof staat er in de zomer regelmatig water in de kelders. Omdat de bibliotheek in de kelder is ingedeeld, vraagt de fractie Groen hier extra aandacht voor.
Tot slot is het onduidelijk hoeveel parkeergelegenheid er komt in de nabije omgeving van het gemeentehuis. Raadslid Katrien LE ROY vraagt of de planning voor de vergunningverlening realistisch als er ook een ondergrondse parking moet worden gebouwd.
Voorzitter Chantal LAUWERS merkt op dat de meeste vragen tijdens de commissiebehandeling gesteld hadden moeten worden.
Schepen Philip ROOSEN krijgt het woord en beantwoordt de vragen. Hij vindt niet dat een omgekeerde werkwijze is gebruikt voor het concept van de dienstverlening. De grote lijnen liggen namelijk al lang vast als gevolg van een uitgebreid participatietraject met alle diensten. Om het gebouw compact te houden, moet er met verschillende verdiepingen gewerkt worden. Er komen meerdere liften om mindervalide bezoekers te vervoeren. Waterproblemen verwacht het schepencollege niet. Het gebouw staat niet in een waterrijk gebied, maar juist vrij hoog. Men doet echter aan bronbemaling op het terrein om een goed droog bouwterrein te verkrijgen. De waterproblemen elders in Grimbergen zijn ontstaan in een extreem droge zomer en zijn zeker niet van structurele aard.
Het parkeren gaat deel uitmaken van de omgevingsvergunning. Dat zal gebeuren conform de verordening Ruimtelijke Ordening en komt vanzelf op de agenda voor de gemeenteraad. Het schepencollege is zich ervan bewust dat dit een belangrijk onderdeel van het project is.
Raadslid Katrien LE ROY dankt de schepen voor de beantwoording.
Raadslid Eddie BOELENS krijgt het woord en vraagt wat er gebeurt als de liften in onbruik zijn, bijvoorbeeld bij een brandalarm.
Schepen Bart LAEREMANS krijgt het woord en antwoordt dat alle gesprekken met de dienst Gebouwen door de brandweer werden bijgewoond. Die legt strikte eisen op die de gemeente opvolgt.
Raadslid Bart VAN HUMBEECK krijgt het woord en zegt dat hij schepen ROOSEN hoort zeggen, maar misschien heb ik het verkeerd verstaan, dat er voor het Hoekgebouw in Strombeek geen plannen zouden zijn geweest, maar hoe valt dit te rijmen met het feit dat er wel een stedenbouwkundige vergunning werd afgeleverd? Deze verduidelijking zou hij nog graag hebben.
Schepen Philip ROOSEN repliceert dat men bij het Hoekgebouw ook zou moeten hebben voldaan aan de stedenbouwkundige verordening. Er is gedacht aan een ondergrondse parking bij dat gebouw, maar dat bleek niet rendabel. Buiten de parkeerplaatsen op het Gemeenteplein, aangezien er nog geen gunningsdossier was voor een ondergrondse parking, waren er geen en zal het wat dit nieuw gebouw betreft zeker niet minder correct zijn, integendeel, dan wat het Hoekgebouw zou zijn geweest.
Raadslid Gerlant VAN BERLAER krijgt tot slot het woord en vindt de verhouding tussen kosten en baten niet positief, zeker niet in vergelijking met het Hoekgebouw. Met name vanwege het weghalen van de dienstverlening op locaties waar die juist noodzakelijk is, zal zijn fractie tegenstemmen.
/
Artikel 1.
Kennis te nemen van de gunning door het college van burgemeester en schepenen op 9 september 2021, van de overheidsopdracht voor werken Design & Build – uitbreiding gemeentehuis van Grimbergen, aan de kandidaat met de economisch meest voordelige offerte (rekening houdend met de beste prijs-kwaliteitsverhouding), zijnde Niet-geïntegreerde TM CIT Blaton – Archipelago, Jean Jaurèslaan 50 te 1030 Brussel, voor een totaalbedrag van 10.599.078,05 € inclusief btw. + opties voor 1.548.094,67 € inclusief erelonen en btw.
Art. 2.
De voorliggende DB-overeenkomst in BIJLAGE 4 goed te keuren.
De gemeenteraad neemt kennis van de resultaten van het openbaar onderzoek over het voorlopig vastgesteld RUP Beigemveld alsook van de adviezen hieromtrent, en stelt het ruimtelijk uitvoeringsplan "Beigemveld" definitief vast.
Artikel 56 van het decreet lokaal bestuur 22 december 2017.
Artikel 2.2.21, §6 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009:
De gemeenteraad stelt binnen honderdtachtig dagen na het einde van het openbaar onderzoek het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan definitief vast.
De bevoegde diensten voor milieueffectrapportage en veiligheidsrapportage beoordelen voorafgaand aan de definitieve vaststelling van het ruimtelijk uitvoeringsplan de kwaliteit van het planmilieueffectrapport respectievelijk ruimtelijk veiligheidsrapport. Ze toetsen aan de scopingnota en aan de gegevens die vereist zijn conform artikel 4.2.8, § 1bis, respectievelijk artikel 4.4.3 van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, en ze houden rekening met de tijdens het openbaar onderzoek geformuleerde adviezen, opmerkingen en bezwaren.
Bij de definitieve vaststelling van het plan kunnen ten opzichte van het voorlopig vastgestelde plan alleen wijzigingen worden aangebracht die gebaseerd zijn op of voortvloeien uit de tijdens het openbaar onderzoek geformuleerde bezwaren en opmerkingen, of uit de adviezen, uitgebracht door de aangewezen diensten en overheden, of uit het advies van de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening.
De definitieve vaststelling van het plan kan echter geen betrekking hebben op delen van het grondgebied die niet opgenomen zijn in het voorlopig vastgestelde plan.
Op gemotiveerd verzoek van het college van burgemeester en schepenen beslist de gemeenteraad over een verlenging met zestig dagen van de termijn waarin het plan moet worden vastgesteld.
ALGEMEEN:
SPECIFIEK:
De gemeente besliste om een ruimtelijk uitvoeringsplan op te maken voor het woonuitbreidingsgebied “Beigemveld”. Gelet op de omzendbrief RO/2002/03 werd beslist om voorafgaandelijk een woonbehoeftestudie op te maken waarvan de definitieve versie op 24 juni 2016 door de gemeenteraad werd goedgekeurd.
Rekening houdende met deze woonbehoeftestudie werd beslist de opmaak van het RUP Beigemveld te starten.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan werd voorlopig vastgesteld door de gemeenteraad op 31 augustus 2017.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan werd definitief vastgesteld door de gemeenteraad op 26 april 2018.
De definitieve goedkeuring van het ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) Beigemveld door de gemeenteraad werd evenwel vernietigd door de Raad van State.
Na ontvangst van het Arrest van de Raad van State door GD&A Advocaten op 28 januari 2021 had de gemeente 180 dagen de tijd om het ruimtelijk uitvoeringsplan opnieuw definitief vast te stellen. De gemeenteraad besliste deze termijn te verlengen met 60 dagen, conform de VCRO, waardoor de uiterlijke beslissingsdatum 25 september 2021 is.
Over het voorlopig vastgesteld ruimtelijk uitvoeringsplan werd een openbaar onderzoek georganiseerd van 3 oktober 2017 t.e.m. 1 december 2017, conform de bepalingen van de VCRO.
De opmerkingen en bezwaren die werden ingediend tijdens het openbaar onderzoek werden, tezamen met de uitgebrachte adviezen, gebundeld door de Gecoro en tijdig aan het college van burgemeester en schepenen bezorgd.
Het advies van de deputatie van de provincie Vlaams-Brabant van 16 november 2017 is gunstig.
Zoals de VCRO bepaalt heeft de Gecoro gemotiveerd advies uitgebracht op 19 februari 2018 en dit tijdig aan de gemeenteraad bezorgd, op 20 februari 2018.
De gemeenteraad kan het voorlopig vastgesteld ruimtelijk uitvoeringsplan aanpassen aan de resultaten van het openbaar onderzoek dat erover gehouden werd en aan de ontvangen adviezen. Het plangebied kan niet uitgebreid worden.
De Raad van State oordeelde dat de gemeenteraad in haar beslissing van 26 april 2018 geen rekening hield met de eerder door haar vastgestelde problemen m.b.t. de breedte van de Kruipstraat en de afwezigheid van voet- en fietspaden en hierdoor het zorgvuldigheids- en rechtszekerheidsbeginsel schond.
Mobiliteit werd tevens herhaaldelijk als knelpunt aangeduid in de bezwaarschriften die werden ingediend over het voorlopig vastgesteld ruimtelijk uitvoeringsplan.
Het college van burgemeester en schepenen liet i.k.v. deze problematiek een mobiliteitsstudie opmaken voor het projectgebied. Zodoende worden de eventuele aanpassingen aan het ruimtelijk uitvoeringsplan naar aanleiding van de uitgebrachte adviezen, opmerkingen en bezwaren, onderbouwd door een expertenstudie.
Over deze mobiliteitsstudie werd een openbaar onderzoek georganiseerd dat parallel verliep aan een openbaar onderzoek over de zaak van de wegen van de verkavelingsaanvraag voor het zuidelijk gedeelte van het projectgebied waarvan de vergunning eerder ook door de Raad van State en Raad voor Vergunningsbetwistingen werd vernietigd. Deze verkavelingsaanvraag heeft het PRIAK als wettelijk kader, niet het ruimtelijk uitvoeringsplan.
De gemeenteraad nam op 26 augustus 2021 een gunstige beslissing over de zaak van de wegen van deze verkavelingsaanvraag waarbij mobiliteitsmaatregelen als voorwaarde werden geformuleerd, o.a. de verbreding van de Kruipstraat en het aanleggen van voetpaden. Deze mobiliteitsmaatregelen werden gebaseerd op de mobiliteitsstudie en resultaten van het openbaar onderzoek over deze studie.
Het college van burgemeester en schepenen gaf D+A Consult nv de opdracht het voorlopig vastgesteld ruimtelijk uitvoeringsplan "Beigemveld" voor te bereiden voor definitieve vaststelling, rekening houdende met de resultaten van het openbaar onderzoek en de adviezen.
De Gecoro stelt in haar advies van 19 februari 2018 dat de menging van de procedures als RUP, PRIAK en verkaveling dubbelzinnigheid schept over het project en adviseert om de verkavelingsaanvraag negatief te adviezen of (voorlopig) uit te stellen zodat het RUP dan duidelijke randvoorwaarden voor de verkaveling kan aangeven. Verder wijst de Gecoro erop dat projectontwikkelaar Matexi op de hoogte is van het feit dat er een RUP wordt opgemaakt en dat de verkavelingsaanvraag dan ook binnen het RUP moet passen. Bovendien moet het RUP samenlopen/hangen met het RUP Open Ruimte. Het project is gelegen in een ruime zone van structuurloze verkavelingen en moet belangrijke bindende functie vervullen. Hierbij verwijst de Gecoro in het bijzonder naar het inplannen van gemeenschapsvoorzieningen (vooral voor kinderen) en naar het bieden van een alternatief qua vormgeving tegenover de klassieke verkavelingen. De commissie suggereert, om een degelijke inplanting te waarborgen, om een extern, gespecialiseerd studiebureau in te schakelen. De eerste fase van uitvoering moet voldoende ruim zijn en zeker de centrale groene zone bevatten. Nog volgens de commissie is er een grotere variatie van woonvormen nodig. Tot slot wenste de Gecoro een mobiliteitsstudie die het lussensysteem zou onderzoeken met verschillende ontsluitingsopties.
De VCRO biedt de mogelijkheid om op basis van een PRIAK een verkavelingsvergunning af te leveren. Het ruimtelijk uitvoeringsplan hoeft niet aangepast te worden aan de opmerking van de Gecoro hieromtrent.
Het RUP Herbestemming Open Ruimte werd reeds definitief vastgesteld. Het RUP Beigemveld hoeft niet aangepast te worden aan de opmerking van de Gecoro hieromtrent.
Het inrichten van gemeenschapsvoorzieningen is toegelaten volgens de voorgestelde voorschriften van het RUP Beigemveld. Naar aanleiding van het advies van de Gecoro werd door D+A Consult nv voorgesteld om in de toelichting van artikel 5.2 “Bestemming” expliciet de wens op te nemen dat het projectgebied een (sociale) bindende functie vervult. De gemeenteraad kan zich vinden in deze aanpassing.
Het ruimtelijk uitvoeringsplan werd opgemaakt door D+A Consult nv, een studiebureau gespecialiseerd in ruimtelijke ordening. De voorschriften bevatten voldoende garanties (inrichtingsplan, V/T, G/T, bouwdiepte, indicatieve groene aders, maximale groene en samenhangende inrichting van de publieke buitenruimte, centrale groenzone,…) om een degelijke inplanting en vormgeving te waarborgen. Het RUP laat ook reeds verschillende woontypologieën en –vormen toe. De gemeenteraad acht een verplichting in variatie van woonvormen te beperkend. De voorschriften dienen niet aangepast te worden aan de opmerking van de Gecoro hieromtrent.
Wat betreft de suggestie van de Gecoro in de behandeling van de bezwaren om aangepaste verkeersmaatregelen te onderzoeken en indien nodig vast te leggen, in het bijzonder voor de Kruipstraat, verwijst de gemeenteraad naar haar besluit van 26 augustus 2021, zoals opgenomen in de mer-screening van het ruimtelijk uitvoeringsplan.
De mobiliteitsgegevens en –maatregelen die nodig werden geacht om op te nemen op planniveau werden verwerkt in het ruimtelijk uitvoeringsplan. In het bijzonder de opdeling van het plangebied in kwadranten met elk een eigen ontsluiting op het omliggend wegennetwerk wordt opgenomen. Verder wordt ook een maximale woondichtheid vastgelegd voor het gehele projectgebied. Hiermee werd rekening gehouden bij het inschatten van de mobiliteitseffecten. Het team MER oordeelde op basis van deze informatie dat geen aanzienlijke effecten te verwachten vallen en een plan-MER niet dient opgemaakt te worden. De gemeenteraad wenst de voorschriften bijgevolg niet verder aan te passen dan wat D+A Consult nv voorstelt.
Voor het overige sluit de gemeenteraad zich aan bij het advies van de Gecoro en de behandeling van de bezwaren.
Raadslid Eddie BOELENS krijgt het woord en zegt dat fractie Groen de wijze waarop het PRIAK tot stand gekomen is, betreurt. Het PRIAK zorgt ervoor dat de impact van het gemeentebestuur op de belangrijkste verkaveling van het afgelopen decennium vrij beperkt is. Groen vindt het jammer dat is gekozen voor een “reparatie-RUP”, waardoor men alleen de elementen kan repareren die de Raad van State heeft veroordeeld en fundamentele veranderingen niet mogelijk zijn. Een aantal zaken is verbeterd, zoals het aaneengesloten park en de poging om de mobiliteit te verbeteren. De fractie heeft echter nog steeds bedenkingen over het RUP. Het is ingedeeld in vier kwadranten, maar het grootste deel van de Noordelijke ontsluiting zal gebeuren via de Adriaan Wiellaertlaan naar de Beigemsesteenweg. Het plan voorziet niet in een oplossing voor het verkeer op de Beigemsesteenweg, terwijl deze weg nu al verzadigd is.
De fractie Groen sluit zich aan bij eerdere opmerkingen door de fractie Vooruit over de gevaarlijke combinatie van de fietsstraat en het tweerichtingsverkeer.
Op het vlak van waterrisico werden een aantal goede maatregelen genomen. Het grachtensysteem is voorbeeldig, maar het succes ervan blijft afhankelijk van de goede wil van bewoners. Zij moeten zo weinig mogelijk verharden. Het onderhoud van het grachtensysteem wordt door de gemeente uitgevoerd. De baten zijn dus voor privépartijen, maar de kosten publiek.
De fractie Groen betreurt het dat er geen inspanningen worden gedaan om het bindend sociaal objectief te realiseren. Men zal zeggen, dat was er bij de aanvang ook niet, maar de meerderheid heeft de moed gehad om andere plannen wel te wijzigen. Indien men het meende om het sociaal objectief te halen, had dit wel gekund. De gemeente maakt ook geen werk van alternatieve woonvormen en voor gemeenschapsvoorzieningen worden geen garanties gegeven.
Tot slot is er sinds 2016 veel voortschrijdend inzicht geweest op het gebied van ruimtelijke ordening. De betonshift is afgekondigd, er is een instrumentendecreet en de Vlaamse minister voor leefmilieu heeft zich uitgesproken tegen een vergelijkbaar project in Meise. Het gemeentebestuur gaat echter door met de plannen alsof er niets aan de hand is. De fractie Groen vindt dat het plan niet meer past binnen de huidige visie op ruimtelijke ordening en betreurt het dat het RUP vandaag ter stemming wordt voorgelegd.
Schepen Bart LAEREMANS krijgt het woord en is van mening dat het schepencollege de afgelopen twee jaar heel wat inspanningen heeft gedaan om de ontwikkelaar en de buurtbewoners met elkaar aan tafel te krijgen. De inrichting van de wijk en de mobiliteit zijn hierdoor sterk verbeterd. Het klopt dat het een reparatie-RUP is, omdat dit juridisch de beste oplossing was. De angst dat al het verkeer naar de Beigemsesteenweg rijdt, deelt de schepen niet. De bedoeling is dat de mobiliteit gaat veranderen door het stimuleren van de modal shift met onder andere elektrische fietsen. Bovendien zijn er verschillende routes die men kan nemen als er file staat op de Beigemsesteenweg.
In het oorspronkelijke RUP was in veel water voorzien. Het ontwerp van de wijk zat goed in elkaar met een grachtensysteem voor waterbuffering en bodeminfiltratie. Zoals van bewoners wordt verwacht dat ze het voetpad voor hun deur onderhouden, hoopt de gemeente dat men ook oog heeft voor onderhoud van de gracht. Dat een project in Meise is hierop afgeketst, klopt niet. Daar heeft men al jaren een ernstig waterprobleem, dat niet te vergelijken is met Beigemveld. De bedoeling is dat 98% van het water ter plaatse blijft en alleen bij hogere uitzondering wordt afgewaterd via de riolering.
Raadslid Eddie BOELENS krijgt het woord en vindt dat de schepen op verschillende vlakken zijn wensen voor waarheid aanneemt. Hij stelde dat er grondig overleg werd gevoerd met bewoners, maar dat valt volgens hem sterk tegen. Men staat niet te juichen over dit project. Ook over de mobiliteit is de schepen niet erg realistisch. Het klopt dat mensen ook andere wegen zullen nemen, maar het meeste verkeer zal toch echt via de Beigemsesteenweg richting Brussel, ring en A12 rijden. Tot slot vindt de fractie Groen het wel erg optimistisch om te denken dat er na het realiseren van het project minder waterproblemen zullen zijn dan daarvoor.
Schepen Bart LAEREMANS ontkent dat hij heeft gezegd dat buurtbewoners over de plannen juichen. Dat zou inderdaad tegen de waarheid zijn, want een aantal bewoners blijft zich verzetten tegen de plannen. De gemeente heeft de bezwaren echter goed en serieus beantwoord.
Raadslid Gerlant VAN BERLAER krijgt het woord en geeft aan waarom de fractie Vooruit zich van stemming zal onthouden. De fractie betreurt het gebrek aan sociale woningen, de slechte verkeersafwikkeling met gevaarlijke situaties en beperkt openbaar vervoer, en het gebrek aan voorzieningen, zoals winkels, crèches en cafés.
Raadslid Kirsten HOEFS krijgt het woord en vindt de implementatie van alle mobiliteitsaspecten in het RUP een goede zaak, maar de fractie CD&V betreurt het dat haar suggesties volledig zijn genegeerd. De fractie bereidt haar tussenkomsten zorgvuldig voor en doet constructieve verbetervoorstellen in de commissie- en de gemeenteraadsvergadering. Het schepencollege zegt consequent dat het goede suggesties zijn die meegenomen zullen worden, maar in de uitwerking komen ze niet terug.
Schepen Bart LAEREMANS krijgt tot slot het woord en merkt op dat het schepencollege de inbreng van oppositiepartijen zeer waardeert, maar niet vindt dat de genoemde aspecten aan het RUP toegevoegd moeten worden. Sommige aspecten zullen wel in andere dossiers worden meegenomen, zoals bij de verkavelingsvergunning. Over het kinderdagverblijf zegt hij dat het schepencollege dit reeds als wens heeft uitgesproken. De ontwikkelaar heeft er zelf ook belang bij om de wijk aantrekkelijk te maken. Daarvoor is een kinderdagverblijf een groot pluspunt. Het is echter niet evident om dit als eis aan de ontwikkelaar op te leggen.
/
Artikel 1.
Kennis te nemen van de resultaten van het openbaar onderzoek over het voorlopig vastgesteld RUP Beigemveld dat liep van 3 oktober tem. 1 december 2017.
Art. 2
Kennis te nemen van de adviezen over het voorlopig vastgesteld RUP Beigemveld, inclusief het advies van de Gecoro.
Art. 3
Het ruimtelijk uitvoeringsplan “Beigemveld”, zoals opgenomen in bijlage 1, definitief vast te stellen.
De gemeenteraad keurt de wijziging van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening goed.
In 1936 keurde de gemeenteraad in Grimbergen het eerste gemeentelijke bouwreglement goed. In de daaropvolgende decennia volgden nog verschillende aanvullende reglementen over o.a. parkeren, regen- en afvalwaterafvoer, het vellen van bomen,... In 2014 besliste het toenmalig schepencollege om deze reglementen te herzien en te bundelen in een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening.
Op 12 juni 2017 werd deze gemeentelijke stedenbouwkundige verordening van Grimbergen definitief vastgesteld in de gemeenteraad. Ze ging van kracht in oktober 2017.
Een stedenbouwkundige verordening heeft als doel om de ruimtelijke aspecten van een gemeente te sturen. De voorschriften van de verordening geven weer wat de gemeente (niet limitatief) beschouwt als bepalend voor "de goede ruimtelijke ordening". De verordening omvat aanvullingen op (hogere) wetgeving voor bijvoorbeeld de inrichting van het openbaar domein, het plaatsen of aanbrengen van publiciteit, de inplanting en het volume van woningen, groenaanleg en verhardingen, woonkwaliteit, parkeernormen,... op haar grondgebied.
Op 23 december 2019 besliste het schepencollege om de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening te herzien.
De bepalingen die een stedenbouwkundige verordening kan omvatten en de te volgen procedure worden omschreven in Hoofdstuk III van de VCRO.
Deze procedure voor het wijzigen van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening omvat volgende officiële stappen:
Verscheidene van de procedurestappen kunnen gelijktijdig plaatsvinden (advies hogere overheid, openbaar onderzoek, mer-ontheffing).
De gemeenteraad keurde op 27 mei 2021 de gewijzigde gemeentelijke stedenbouwkundige verordening voorlopig goed.
Over deze tekst werd een openbaar onderzoek gehouden van 5 juli 2021 tot en met 3 augustus 2021.
Er werden geen opmerkingen ingediend. Wel werd telefonisch de vraag gesteld of de gewijzigde verordening overgangsbepalingen omvat voor lopende projecten.
In de tussentijd werd inhoudelijk advies gevraagd aan het Departement Omgeving, de provincie Vlaams-Brabant en de Gecoro van Grimbergen, en werd de mer-screeningsnota voor advies overgemaakt aan het Departement Omgeving, de provincie Vlaams-Brabant, het Agentschap Onroerend Erfgoed, het Departement Mobiliteit en Openbare Werken, het Agentschap Wegen en Verkeer, de Vlaamse Waterweg en het Directoraat-Generaal Luchtvaart van de FOD Mobiliteit.
De dienst Omgevingsbeleid behandelde de ontvangen adviezen in samenspraak met de dienst Vergunningen en schepen Bart Laeremans.
De dienst Omgevingsbeleid paste de tekst van de wijziging van gemeentelijke stedenbouwkundige verordening aan op basis van de behandeling van de adviezen en de resultaten van het openbaar onderzoek.
Het college van burgemeester en schepenen keurde een aangepaste tekst goed op 16 augustus 2021.
Het dossier werd overgemaakt aan het team MER. Op 8 september 2021 verzonden zij de beslissing dat de opmaak van een plan-MER niet noodzakelijk is.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd de wijziging van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening definitief goed te keuren.
Raadslid Eddie BOELENS krijgt het woord en betreurt dat er zo weinig aanpassingen zijn doorgevoerd in de verordening. De fractie Groen heeft de afgelopen tijd diverse constructieve voorstellen gedaan, zoals het verplichten van publieke ruimten in woningbouwprojecten en het realiseren van voldoende parkeerplaatsen met laadinfrastructuur. Deze voorstellen worden niet serieus overwogen door het schepencollege, terwijl de duurzaamheidsambities van het te ondertekenen Lokaal Energie- en klimaatpact en het burgemeestersconvenant hoog zijn. Dat in de nieuwe verordening is opgenomen dat er geen nieuwe klasse-1 bedrijven gevestigd mogen worden, juicht de fractie Groen van harte toe, maar het is nog onvoldoende. Daarom zal de fractie zich van stemming onthouden.
Raadslid Kirsten HOEFS krijgt het woord en verklaart dat de fractie CD&V zich van de stemming zal onthouden. De fractie betreurt het dat veel constructieve suggesties niet in de nieuwe verordening zijn verwerkt.
Schepen Bart LAEREMANS krijgt het woord en is blij met de erkenning dat er goede zaken zijn opgenomen in de verordening. De diensten hebben hard gewerkt aan de aanpassing. Het schepencollege beschouwt het als een grote stap vooruit op het gebied van duurzaamheid, hernieuwbare energie en klimaatadaptatie. Hij denkt dat het nog te vroeg is om allerlei criteria aan de bevolking op te leggen en noemt het onrealistisch. De klimaatdoelstellingen van de gemeente zijn ambitieus, maar niet alles kan ineens worden veranderd. De gemeente wil projectontwikkelaars de mogelijkheid geven om creatief te zijn en zelf te bepalen welke duurzaamheidsmaatregelen zij gaan treffen. Hij ontkent dat het schepencollege niet heeft geluisterd naar de voorstellen van de oppositiepartijen en verzoekt hen om de verordening een kans te geven.
/
Enig artikel.
De wijziging van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening, toegevoegd als bijlage 1 bij dit besluit, goed te keuren.
Door middel van het Lokaal Energie- en Klimaatpact wil Vlaanderen de handen in elkaar slaan met lokale besturen om samen de nodige transitie in het energie- en klimaatbeleid waar te maken. Aan de hand van concrete en herkenbare werven wil men inzetten op krachtdadig beleid:
Werf 1: Laten we een boom opzetten (vergroening);
Werf 2: Verrijk je wijk (energiebesparende renovaties en hernieuwbare energieprojecten);
Werf 3: Elke buurt deelt en is duurzaam bereikbaar (koolstofvrije (deel)mobiliteit);
Werf 4: Water, het nieuwe goud (droogteproblematiek).
De gemeenteraad gaat akkoord met de ondertekening van het Lokaal Energie- en Klimaatpact. In ruil voor de ondertekening ontvangt het lokaal bestuur voor het jaar 2021 minimaal € 123.077 subsidie.
Decreet Lokaal Bestuur 22 december 2017:
De gemeenteraad bepaalt het beleid van de gemeente en kan daarvoor algemene regels vaststellen.
Advies milieuraad 29 juni 2021 (DOSSIERSTUK 6):
De ondertekening wordt positief geadviseerd. Het is voor de gemeente zelfs belangrijk om dit klimaatpact te ondertekenen (financiële middelen). Het voorstel is indrukwekkend en geeft goesting (zichtbare, sensibiliserende acties in het straatbeeld). Het is belangrijk om dit te vertalen op gemeenteniveau en belangrijk om te beseffen dat alle deelnemende gemeenten samen deze doelstellingen moeten bereiken en niet alleen).
De voorzitter vraagt om hierover ook een artikel te publiceren in het infoblad, na goedkeuring door het college en de gemeenteraad. Als we nu niet starten met het klimaat dan komen we te laat. De schepen haalt aan dat dit voorstel parallel loopt met ons eigen klimaatplan, veel doelstellingen zitten hier al in, maar het financieel aspect is inderdaad ook belangrijk.
Vlaanderen en de lokale besturen slaan, d.m.v. het Lokaal Energie- en Klimaatpact de handen in elkaar om samen de nodige transitie in het energie- en klimaatbeleid waar te maken. Aan de hand van concrete en herkenbare werven (zie hieronder) wil men inzetten op krachtdadig beleid. Er wordt hierbij ingezet op een gelijktijdige bottom-up en top-down aanpak. Beide actoren, de Vlaamse overheid en de lokale besturen geven aan werk te maken van concrete engagementen zoals hieronder vermeld.
Lokale besturen engageren zich om:
Het Burgemeestersconvenant 2030 te ondertekenen en uit te werken;
Een gemiddelde jaarlijkse primaire energiebesparing van minstens 2,09% te realiseren in hun eigen gebouwen (inclusief technische infrastructuur, exclusief onroerend erfgoed);
Een reductie van de CO2-uitstoot van hun eigen gebouwen en technische infrastructuur met 40% in 2030 ten opzichte van 2015 te realiseren;
Tegen ten laatste 2030 de openbare verlichting te verLEDden;
Het draagvlak voor hernieuwbare energie te verhogen, geen heffing op hernieuwbare energie installaties in te voeren en bestaande, zoals de heffing op pylonen van windmolens, af te bouwen tegen ten laatste 2025;
Lokale warmte- en sloopbeleidsplannen op te maken;
Burgers, bedrijven en verenigingen te stimuleren om samen met het lokaal bestuur de concrete en zichtbare streefdoelen uit de 4 werven van het Pact te behalen.
De Vlaamse overheid engageert zich om:
Via het Netwerk Klimaat professionele ondersteuning te bieden aan de lokale besturen, zoals bepaald in het subsidiebesluit en de werkprogramma’s;
Via andere partners binnen de Vlaamse overheid (bv. VEB met het SURE2050-project voor het publiek patrimonium) lokale besturen projectmatige ondersteuning te bieden;
Samen met de lokale besturen actief mee te werken aan het elimineren van de mogelijke hindernissen die lokale besturen ondervinden in het realiseren van de ambities binnen dit Pact;
Haar eigen voorbeeldfunctie in te vullen en relevante actoren te overtuigen om het Pact te ondertekenen;
In samenspraak met het middenveld, onderzoeksinstellingen en de verschillende sectororganisaties de wederzijdse engagementen i.h.k.v. het Pact op te volgen en te stroomlijnen;
Aan lokale besturen (en/of andere actoren) de beleidsmaatregelen, voorzien door de Vlaamse, Federale en Europese begroting, actief en stelselmatig te promoten die nuttig kunnen zijn om mee de doelstellingen van het Pact te realiseren. Onder potentiële inbreng van de Vlaamse overheid in hoofdstuk 4 wordt dit waar mogelijk geconcretiseerd;
Ter bijkomende ondersteuning van de klimaatpactacties van de gemeenten die het Pact ondertekenen, is een extra jaarlijks budget van 10.000.000 euro, evenals een vast gedeelte van de vrij beschikbare middelen binnen het Vlaams klimaatfonds, te voorzien. Deze budgettaire engagementen kunnen aangepast worden in functie van het algemeen begrotingsbeleid.
Door de ondertekening van het Lokaal Energie- en Klimaatpact geeft de gemeente aan actie te ondernemen om de doelstellingen vermeldt in de onderstaande werven waar te maken:
1. Laten we een boom opzetten:
Eén boom extra per Vlaming tegen 2030 (+6,6 miljoen bomen extra vanaf 2021 t.e.m. 2030).
1/2de meter extra haag of geveltuinbeplanting per Vlaming tegen 2030 (+3.300 km extra vanaf 2021 t.e.m. 2030).
Eén extra natuurgroenperk per 1000 inwoners tegen 2030 (= 6.600 perken van 10 m² vanaf 2021 t.e.m. 2030).
2. Verrijk je wijk:
50 collectief georganiseerde energiebesparende renovaties per 1.000 wooneenheden vanaf 2021 t.e.m. 2030.
1 coöperatief/participatief hernieuwbaar energieproject per 500 inwoners tegen 2030 die samen voor een totaal geïnstalleerd vermogen zorgen van 216 MW vanaf 2021 t.e.m. 2030 (+12.000 projecten in 2030).
3. Elke buurt deelt en is duurzaam bereikbaar
Per 1.000 inwoners 1 “toegangspunt” voor een (koolstofvrij) deelsysteem tegen 2030 (=6.600 toegangspunten).
Per 100 inwoners 1 laadpunt tegen 2030 (=66.000 laadpunten).
1 m nieuw of structureel opgewaardeerd fietspad extra per inwoner vanaf 2021 t.e.m. 2030.
4. Water het nieuwe goud
1m² ontharding per inwoner vanaf 2021 t.e.m. 2030 (= 6,6 miljoen m² ontharding).
Per inwoner 1m³ extra opvang van hemelwateropvang voor hergebruik, buffering en infiltratie voor regenwater vanaf 2021 t.e.m. 2030 (=6,6 miljoen m³ extra regenwater dat wordt opgevangen voor hergebruik of infiltratie).
Opmerking: De doelstellingen van de vier werven zijn bepaald voor Vlaanderen en niet per gemeente. De (deelnemende) gemeenten ondernemen actie in de mate dat dit voor hen mogelijk is. Als lokaal bestuur kan je zelf bepalen wat de eigen prioriteiten zijn en kiezen waar je als lokaal bestuur eerst op zal gaan inzetten.
Schepen Yves VERBERCK krijgt het woord en geeft een toelichting op het Vlaams Energie- en klimaatplan. In het Vlaamse regeerakkoord 2019-2024 wordt gesteld dat lokale overheden de verantwoordelijkheid moeten nemen en een goed voorbeeld moeten geven. In juni 2021 werden alle Vlaamse gemeenten uitgenodigd voor het Vlaamse Energie- en klimaatplan 2021-2030. Hierin wordt gevraagd om de broeikasgassen per 2030 met 40% te reduceren en een jaarlijkse energiebesparing te realiseren van 2,09% op het gemeentelijke energiegebruik. Hiertoe heeft Grimbergen een eigen Energie- en klimaatplan opgesteld met haalbare doelstellingen, rekeninghoudend met regelgeving van de hogere overheid. Het plan wordt eind 2021 ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.
Een voorwaarde om toe te treden tot het Vlaamse Energie- en klimaatplan is dat de gemeente het burgemeestersconvenant 2030 ondertekent en zich engageert aan een reductie van CO2-uitstoot per 2030 van minstens 40% ten opzichte van 2011.
Raadslid Eddie BOELENS krijgt het woord en is blij dat het punt ter stemming voorligt. De fractie Groen zal het voorstel steunen en is blij met het voortschrijdend inzicht van de meerderheid. De fractie juicht het Energie- en klimaatpact toe, omdat de doelstellingen zeer ambitieus zijn. Ze vindt dat de vier voorgestelde werven zeer ambitieus zijn en dat Vlaanderen zeer genereus is in de financiële ondersteuning. Voor Grimbergen betekent dit voor 2021 tot en met 2030 minstens € 124.000 subsidie, die ook nog met extra middelen uit het Vlaams Klimaatfonds aangevuld kunnen worden. Een addertje onder het gras is wel dat de doelstellingen voor de vier werven op Vlaams niveau worden geformuleerd, waarna het aan de gemeente is om zelf keuzes te maken op basis van hun eigen beleid en mogelijkheden. Die mogelijkheden hangen echter sterk af van de politieke wil binnen de gemeente.
In oktober moet de gemeenteraad het lokale klimaatplan goedkeuren. Raadslid BOELENS vraagt of hierin voldoende concrete acties komen te staan om een aantal doelstellingen van de vier werven te realiseren. Groen heeft het advies van de Milieuadviesraad grondig gelezen. Men vraagt om aandacht aan het plan te besteden in het gemeenteblad. Raadslid Eddie BOELENS hoort graag of het college dit structureel gaat doen. De Milieuadviesraad wijst ook op een aantal fouten in het conceptplan. Groen hoort graag of die fouten nog verbeterd worden als het klimaatactieplan ter stemming wordt voorgelegd.
Schepen Yves VERBERCK krijgt het woord en antwoordt dat de doelstellingen van beide plannen momenteel met elkaar in overeenstemming worden gebracht. Als het klimaatplan gereed is, zal de gemeente er regelmatig over gaan publiceren.
Raadslid Jelle DE WILDE krijgt het woord en merkt op dat de fractie CD&V blij is dat de gemeente beide initiatieven gaat ondertekenen. Om aanspraak te maken op de subsidies moet dit voor eind oktober gebeuren. Met betrekking tot het klimaatplan vraagt de fractie hoe de participatie met burgers en verenigingen is verlopen en of het participatief platform ervoor gebruikt is.
Schepen Yves VERBERCK repliceert dat de participatie zeer goed is verlopen. Er zijn verschillende overlegmomenten met alle mogelijke partners, waar veel informatie uit gekomen is.
Schepen Philip ROOSEN krijgt het woord en voegt eraan toe dat het klimaatplan al in vergevorderde fase was toen het instrument werd aangekocht door de gemeente. Intussen staan er twee projecten op het participatief platform, te weten de nieuwe bibliotheek het klimaatplan. Voor de bibliotheek wordt het participatietraject binnenkort opgestart. Voor het klimaatplan gaan de trajecten nu starten om burgers te informeren en te sensibiliseren om de doelstellingen te behalen.
Schepen Bart LAEREMANS krijgt het woord en stelt dat er twee bureaus betrokken zijn bij het klimaatplan. Zero Emission Solutions heeft het mitigatieplan geschreven. Een ander studiebureau heeft het klimaatadaptatieplan opgesteld. De inbreng vanuit het participatietraject is door deze bureaus in de plannen verwerkt. Daarna zijn ze door de gemeentelijke diensten nog eens aangepast tot een versie die naar de GECORO, de Milieuadviesraad en dergelijke is gestuurd. De opmerkingen die hieruit kwamen, zijn weer naar de studiebureaus gestuurd, samen met de opdracht om 40% CO2 te reduceren in plaats van 35%. Als deze opmerkingen zijn verwerkt, zal de definitieve versie aan de commissie en de gemeenteraad worden gestuurd. Het klimaatpact moet eind oktober ondertekend worden, het klimaatplan zal uiterlijke eind 2021 ter goedkeuring worden aangeboden.
Raadslid Eddie BOELENS krijgt het woord tot slot en reageert dat het gemeentebestuur aanvankelijk niet wilde meegaan met de provinciale doelstellingen, omdat men die te ambitieus vond. Daarom pleitte men voor een haalbaar klimaatactieplan. Groen is blij dat de gemeente zich nu toch committeert aan de doelstellingen. Het is duidelijk dat er zowel veel inspanningen nodig zijn om klimaatverandering af te remmen, als inspanningen die de gemeente moeten wapenen tegen de klimaatverandering. De fractie betreurt het dat de plannen in de komende fase wel worden teruggekoppeld aan de GECORO en de Milieuadviesraad, maar niet naar de deelnemers van de klimaattafels.
Financiële ondersteuning
Jaarlijks is er €10 miljoen aan recurrente middelen voorzien door de Vlaamse Overheid als vast engagement. Daarnaast is het de bedoeling om hier ook telkens middelen uit het Vlaams Klimaatfonds aan toe te voegen. Dit bedrag fluctueert jaarlijks, gezien dit gekoppeld is aan het ETS-systeem. In totaal wordt er voor 2021 een subsidie van €24.324.010 voor klimaatacties van gemeenten voorzien.
Iedere gemeente die het pact ondertekend kan rekenen op deze financiële ondersteuning. De middelen worden verdeeld via trekkingsrecht (80% o.b.v. aantal inwoners, 20% o.b.v. gemeentefonds) met 50% cofinanciering ("1 euro voor 1 euro"-principe). Voor gemeente Grimbergen komt dit in 2021 neer op minimaal €123.077 subsidie. Indien niet alle gemeenten het lokaal energie- en klimaatpact ondertekenen, zal het bedrag herverdeeld worden onder de uiteindelijke pactgemeenten en dus toenemen. Het Agentschap Binnenlands Bestuur betaalt uiterlijk op 30 april 2022 het uiteindelijke subsidiebedrag uit. De middelen kunnen dan gebruikt worden voor transacties in 2022.
Een gemeente bepaalt zelf waarvoor het budget gebruikt wordt, zolang de besteding bijdraagt aan de doelstellingen van het Pact. De subsidie dient als 'een boost' te worden gezien om acties te vermeerderen. De focus van de subsidie dient dan ook zoveel mogelijk te liggen op nieuwe uitvoeringen en acties vanaf de ondertekening van het pact (dus vanaf intekening). Investeringen die reeds uitgegeven zijn voor de ondertekening en die gekoppeld worden aan klimaatacties die na ondertekening van het Pact verder worden uitgebreid, kunnen globaal wel meetellen.
Het zijn niet louter investeringskosten die gesubsidieerd kunnen worden. Flankerende uitgaven, zoals de samenwerking met een andere partner alsook de eigen personeelskosten kunnen hiermee gefinancierd worden. De cofinanciering en de middelen uit het pact dienen bovendien niet over dezelfde werf te handelen. De gemeente kan met eigen middelen inzetten op één actie/werf en met middelen van het pact een andere actie/werf uitvoeren. Het lokaal bestuur is volledig vrij om hier beslissingen over te maken. Er is geen verplichte verhouding tussen de verschillende werven.
De financiering van het Klimaatpact is op aanvullende wijze combineerbaar met subsidies. De gemeente moet er alleen over waken dat eenzelfde actie nooit tweemaal wordt gesubsidieerd.
De financiële opvolging gebeurt op basis van de informatie in de jaarrekening (BBC-rapportering). De verschillende bestedingen (waaronder werkings-, personeel- en investeringskosten vallen) worden aan de hand van een code ('ABB-LEKP-2021') gekoppeld aan de uitvoering van het Pact. De code zal in overeenstemming zijn met het jaartal. Er bestaat de mogelijkheid dat besturen bijkomende informatie kunnen bezorgen, die dan ook nog kan worden meegenomen in de beoordeling.
Enig artikel.
Het Lokaal Energie- en Klimaatpact te ondertekenen.
De gemeenteraad ondertekende het Lokaal Energie- en Klimaatpact. Hiermee engageert een gemeente zich ook om het Burgemeestersconvenant 2030 te ondertekenen en uit te werken.
De gemeenteraad gaat hierbij akkoord met de ondertekening van het Burgemeestersconvenant 2030 en geeft machtiging aan de burgemeester om het toetredingsformulier te ondertekenen.
Met de ondertekening van het Burgemeestersconvenant 2030 engageert de gemeente Grimbergen zich om:
Decreet Lokaal Bestuur 22 december 2017:
De gemeenteraad bepaalt het beleid van de gemeente en kan daarvoor algemene regels vaststellen.
De gemeenteraad ging in zitting van 23 september 2021 akkoord met de ondertekening van het Lokaal Energie- en Klimaatpact.
Door middel van het Lokaal Energie- en Klimaatpact wil Vlaanderen de handen in elkaar slaan met lokale besturen om samen de nodige transitie in het energie- en klimaatbeleid waar te maken. Beide actoren, de Vlaamse Overheid en de lokale besturen geven hierbij aan werk te maken van concrete engagementen zoals onder meer de ondertekening en uitwerking van het Burgemeestersconvenant 2030.
Het verbintenissendocument 'Burgemeestersconvenant voor Klimaat en Energie' omschrijft waartoe een gemeente zich engageert door in te tekenen op het Burgemeestersconvenant 2030 (BIJLAGE 1):
Om deze engagementen om te zetten in praktische maatregelen dient een gemeente volgende stappen te ondernemen:
Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan het klimaatplan 2021-2030 dat werd opgemaakt in samenwerking met de studiebureaus Zero Emission Solutions en Sumaqua. In het kader van dit klimaatplan werd een CO2-nulmeting opgesteld en een risico- en kwetsbaarheidsanalyse uitgevoerd.
Raadslid Jelle DE WILDE krijgt het woord en veronderstelt dat ondertekening van het convenant betekent dat de gemeente binnen twee jaar een actieplan bij de Europese Unie moet indienen. Hij vraagt of dat hetzelfde plan is als het voorgestelde klimaatplan of dat het nog aangepast of opnieuw opgesteld moet worden.
Schepen Bart LAEREMANS krijgt het woord en antwoordt dat er een monitoringssysteem is, waarvoor van alle deelnemende gemeente gegevens aangeleverd moeten worden. De input hiervoor bestaat uit het lokale klimaatactieplan. Er hoeft dus geen nieuw plan opgesteld worden, maar misschien moet het klimaatplan worden samengevat of in een andere vorm worden aangeboden.
Raadslid Eddie BOELENS krijgt tot slot het woord en vindt het belangrijk dat het gemeentebestuur zich door ondertekening van het burgemeestersconvenant committeert aan de klimaatdoelstellingen van de Europese Unie. Hij roept de inwoners en gemeenteraad op om massaal deel te nemen aan de klimaatbetoging van 10 oktober, die wordt georganiseerd door de Jongeren voor het Klimaat.
Financiële gevolgen
De ondertekening van het Burgemeestersconvenant 2030 (COM 2030) heeft geen directe financiële gevolgen voor het gemeentebestuur. Voor de uitvoering van de acties uit het klimaatplan zal uiteraard wel budget voorzien moeten worden.
Artikel 1.
Akkoord te gaan met de ondertekening van het Burgemeestersconvenant 2030 (Convenant of Mayors) en neemt hierbij kennis van de bijhorende verbintenissen (BIJLAGE 1 - Verbintenissendocument Burgemeestersconvenant 2030).
Art. 2.
Met de ondertekening van het Burgemeestersconvenant 2030 engageert gemeente Grimbergen zich om:
Art. 3.
Om deze engagementen om te zetten in praktische maatregelen zal gemeente Grimbergen volgende stappen ondernemen:
Art. 4.
De burgemeester machtiging te geven om het toetredingsformulier (BIJLAGE 2 - toetredingsformulier Burgemeestersconvenant 2030) te ondertekenen.
De gemeenteraad nam kennis van de stand van zaken van de asfaltcentrale.
/
Het voorstel van raadslid Jelle DE WILDE, aanvaard op de gemeenteraadszitting van 25 april 2019, om de stand van zaken van de asfaltcentrale steeds op de agenda te plaatsen.
/
Schepen Yves VERBERCK krijgt het woord en geeft een toelichting over het overleg met de asfaltcentrale. De rodeknop-procedure is besproken. Door problemen in de communicatie is deze procedure niet goed verlopen. De asfaltcentrale heeft beloofd dat de klachtentelefoon bij geen gehoor wordt doorgeschakeld naar een tweede en derde persoon.
Vervolgens zijn de geurmeldingen besproken. In 2019 zijn er op 27 dagen geurmeldingen gedaan, voor 2020 op 14 dagen en in 2021 op 16 dagen. In de periode van 19 tot 21 juli waren er zeer ernstige klachten en heeft de Omgevingsinspectie een proces-verbaal opgelegd. Er zijn vijf emissiemeetrapporten opgeleverd, maar er zijn wel acht metingen uitgevoerd. Van drie zijn de rapporten nog niet binnen. Eén meting werd door de Omgevingsinspectie gedaan. Viabuild heeft dit rapport naar de gemeente doorgestuurd.
De kortetermijnacties van het geuractieplan zijn allemaal nageleefd. Voor de langetermijnactie, de behandeling van afgassen, is een definitief besluit genomen om voor actieve koolfiltering te gaan. Om de geluidsproblemen op te lossen werd een trillingarme akoestische behuizing geplaatst. De geluidsoverlast is hierdoor verdwenen. Het plan voor de schouwverhoging is afgevoerd, vanwege de langetermijnvisie.
De gemeente heeft om het productieschema gevraagd. Viabuild heeft beloofd om aan de gemeente door te geven wanneer er hogere tonnages verwerkt moeten worden.
De raad van bestuur van Viabuild heeft op 22 september beslist om definitief te kiezen voor een actievekoolinstallatie. Deze zal in 2022 worden geplaatst. Hiervoor wordt een hernieuwingsaanvraag ingediend. De gemeente verwacht het dossier in het voorjaar van 2022. Met de installatie verwacht men een geurreductie van 99% en een rookgasreductie van 70%. Voor de plaatsing zijn verschillende aanpassingen nodig aan de installatie. In het volgende Viabuildoverleg verwacht de gemeente hier meer informatie over te krijgen.
Burgemeester Chris SELLESLAGH krijgt het woord en voegt eraan toe dat nadrukkelijk is besproken dat er dringend actie moet komen, waarbij het actiecomité, het gemeentebestuur en Viabuild alle drie een belangrijke rol hebben. Men gaat nu gebruik maken van de best bruikbare technieken, met de actievekoolinstallatie. Afgesproken is dat er vanaf nu vaker wordt overlegd over de voortgang, omdat de gemeente een snelle ontwikkeling wil zien.
Raadslid Gerlant VAN BERLAER krijgt het woord en vindt dit goed nieuws, maar is nog terughoudend. Een actievekoolinstallatie wordt nu als best bruikbare techniek beschouwd. Hij zou graag de resultaten van de proef met actieve kool inzien, om overtuigd te raken van het effect. Er zal namelijk een heel grote en dure koolfilter geplaatst moeten worden: werkt dat zo goed als op basis van de proefopstelling mag worden verwacht? Nu het definitieve besluit genomen is, moeten de plannen zo snel mogelijk uitgevoerd worden, maar het proces moet wel grondig en degelijk doorlopen worden. Het dossier loopt al veertien jaar, dus er kan nog wel een korte tijd bij. Het besluit van de raad van bestuur van Viabuild dateert van na het fractievoorzittersoverleg.
Hij vraagt hoe dit overleg verder gaat met het dossier, want het blijft belangrijk om een vinger aan de pols te houden. Hij stelt voor dat de fractievoorzitters betrokken worden bij het overleg met Viabuild om te voorkomen dat iedereen in aparte overlegmomenten, vergaderingen geïnformeerd en overtuigd hoeft te worden. Raadslid VAN BERLAER pleit voor een betrokkenheid van de ganse gemeenteraad in dit dossier.
Schepen Yves VERBERCK krijgt het woord en meldt dat Viabuild in Nederland heeft geïnformeerd naar de mogelijkheden en vervolgens voor deze piste heeft gekozen. Hij vreest dat Viabuild niet akkoord gaat met het verder vergroten van de overleggroep. Er is één overleg per jaar met alle betrokken groepen. Daarin kan het verzoek ter sprake worden gebracht. Viabuild heeft beloofd dat de opstelling er komt in 2022. Daar zijn verschillende acties qua vergunningverlening voor nodig.
Schepen Bart LAEREMANS krijgt het woord en stelt dat op 11 oktober een fractievoorzittersoverleg gepland is over Viabuild.
Schepen Philip ROOSEN voegt eraan toe dat men naar aanleiding van een overleg met het kabinet bezig is met de best beschikbare techniek. Het doel is nu dat de installatie maximaal past binnen die best beschikbare techniek. De gemeente zal op de hoogte gehouden worden van de geldende normen. Bovendien is inmiddels door het kabinet toegezegd om zwaar in te zetten op omgevingshandhaving. Pas dan zal er vaker gemeten worden, zodat de gemeente kan optreden.
Raadslid Gerlant VAN BERLAER krijgt wederom het woord en verklaart dat het gemeentebestuur de regie in handen moet houden. Hij twijfelt niet aan de goede intenties van Viabuild, maar er is al vaak misbruik gemaakt van het vertrouwen van de gemeente. Als oppositiepartij wil hij graag betrokken worden in het verdere proces. Uiteindelijk moeten het gemeentebestuur en de provincie de milieuvergunningen afgeven.
Raadslid Katrien LE ROY krijgt het woord en merkt op dat het overleg op initiatief is van Viabuild zelf en dat de gemeente weinig eisen te stellen heeft qua deelnemende partijen. Ze stelt voor om dit overleg af te blazen en als gemeente zelf een overleg te organiseren met Viabuild, actiecomité en fractievoorzitters.
Burgemeester Chris SELLESLAGH repliceert dat het Viabuild-overleg er is gekomen dankzij de gouverneur en dat na veel moeilijkheden overeenstemming is bereikt over de inhoud en de deelnemers. Hij vindt het prima als andere partijen aanschuiven, maar wil voorkomen dat het een politiek debat wordt. Hij heeft voldoende vertrouwen in het huidige overlegteam om tot een goede samenwerking te komen, schepen VERBERCK en hijzelf vertegenwoordigen en verdedigen de gemeenteraad.
Raadslid Katrien LE ROY is verheugd met de evolutie in het dossier. Over de laatste meting door de Omgevingsinspectie vraagt ze of de uitkomsten conform regelgeving waren.
Schepen Yves VERBERCK zal het verslag van Viabuild en de metingen doorsturen.
Raadslid Jelle DE WILDE krijgt het woord en zegt dat de fractie CD&V ook voorzichtig positief is. Afgelopen jaren zijn er echter al vaker hoopvolle signalen gekomen, terwijl er uiteindelijk weinig gebeurde. Hij heeft vertrouwen in het gemeentebestuur dat de gemeenteraad vertegenwoordigt, maar vindt dat men nog niet te optimistisch moet worden. Actievekoolfiltering bestaat al jaren en kan blijkbaar nog steeds niet probleemloos geïmplementeerd worden. Het zou niet in alle situaties werken. Hij pleit voor het blijvend opvoeren van de druk, zodat de urgentie zichtbaar en voelbaar blijft. Daarom zou hij graag zien dat de fractievoorzitters kunnen gaan deelnemen aan het Viabuildoverleg.
Burgemeester Chris SELLESLAGH krijgt tot slot het woord en geeft toe dat tot op heden alleen gefocust is op korte- en middellangetermijnoplossingen. Hij heeft het volste vertrouwen in de recente beslissing over een langetermijnoplossing. Als een actievekoolinstallatie niet functioneert, kan de gemeente alsnog zwaardere sancties nemen.
/
Enig artikel.
Kennis te nemen van de stand van zaken van de asfaltcentrale.
De gemeenteraad stelt het reglement betreffende de organisatie en de financiële en materiële ondersteuning van kermissen vast.
Artikels 40, §3; 41 14° en 56 Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017
/
In Grimbergen vinden er op jaarbasis verschillende kermissen plaats. Zij vallen uiteen in drie categorieën:
1. openbare kermissen onder toepassing van huishoudelijk reglement en volledig in organisatie van het gemeentebestuur
2. openbare kermissen onder toepassing van huishoudelijk reglement waarbij de randactiviteiten worden overgelaten aan het plaatselijk organisatiecomité
3. plaatselijke kermissen niet onder toepassing van het huishoudelijk reglement en volledig georganiseerd door een plaatselijk organisatiecomité
Voor elke kermis zorgen de gemeentediensten voor technische en logistieke ondersteuning. De plaatselijke organisatiecomités krijgen een financiële tegemoetkoming. Dit alles staat bepaald in onderstaand reglement.
Wegens een administratieve vergissing werd dit reglement niet verlengd bij de start van de legislatuur. Dat wordt hierbij rechtgezet.
Enig artikel.
Onderstaand reglement goed te keuren:
Reglement betreffende de organisatie en de financiële en materiële ondersteuning van kermissen
Artikel 1.
De kermissen in onze gemeente worden als volgt gecategoriseerd:
1° openbare kermissen die volledig door het gemeentebestuur worden georganiseerd en die onder de toepassing vallen van het huishoudelijk reglement
- Grimbergen-centrum (Sint-Servaas of eerste zondag erna)
- Grimbergen-centrum (eerste zondag van september)
2° openbare kermissen waarbij de gemeente de organisatie van randactiviteiten overlaat aan een plaatselijk organisatiecomité en die onder toepassing vallen van het huishoudelijk reglement
- Humbeek-dorp (laatste zondag van mei)
- Strombeek-Bever (eerste zondag na Pinksteren)
- Beigem (derde zondag van juni)
- Humbeek-Sas (eerste zondag van juli)
- Grimbergen Borcht (eerste zondag na transfiguratie (6 augustus))
- Strombeek-Bever (derde weekend van september)
3. plaatselijke kermissen die volledig worden georganiseerd door een plaatselijk organisatiecomité en die niet onder toepassing van het huishoudelijk reglement vallen
- Veldkantkermis (juli)
- Kinderkermis Beigem (derde zondag september)
Art. 2.
Voor de in artikel 1 vermelde kermissen staan de gemeentediensten in voor:
1° bevlagging van het kermisplein;
2° leveren van een financiële tussenkomst voor het organisatiecomité;
3° gratis vervoer en gratis uitlenen van feestmaterialen voor alle activiteiten die georganiseerd worden door het organisatiecomité. Het comité moet deze materialen expliciet aanvragen en zij worden uitgeleend volgens de beschikbaarheid;
4° beveiliging van de deelnemers door de verkeersmaatregelen die door de politiezone nodig geacht worden;
5° opname kermisactiviteiten in het infomagazine en vermelding op de website;
6° verdeling van affiches voor zover die door de organisator worden voorzien;
7° het leveren van stroom, waarbij dit voor de kermis van de Veldkant zal gebeuren door het ter beschikking stellen van een generator waarbij het verbruik ten laste is van de organisator.
Voor kermissen die gepaard gaan met het tentoonstellen van dieren zal er bovendien gezorgd worden voor het aanschrijven van de kwekers, de opmaak van de catalogus en het versturen van de uitnodigingen voor het etentje. Daarnaast staat de gemeente ook in voor het leveren en plaatsen van haringen, afspanningen en kooien om de dieren te beveiligen. deze materialen dienen aangevraagd te worden door de organisatiecomités.
Art. 3.
Aan de organisatiecomités van de kermissen in artikel 1, 2° wordt volgend budget ter beschikking gesteld:
Aan de organisatiecomités van de kermissen in artikel 1, 3° wordt volgend budget ter beschikking gesteld:
Art. 4.
De organisatiecomités moeten aan volgende voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor de financiële tussenkomst:
1° ze nemen de volledige organisatie voor hun rekening voor zover de gemeentelijke ondersteuning zoals genoteerd in artikel 2 hier niet in voorziet;
2° ze respecteren de geldende reglementen en abonnementssystemen;
3° ze zijn op een zo ruim mogelijke manier samengesteld;
4° zij leggen hun huishoudelijk reglement voor aan het college van burgemeester en schepenen;
5° ze leggen een gedetailleerde staat van inkomsten en uitgaven voor voor de uitbetaling van de financiële tussenkomst.
De gemeenteraad nam kennis van het toegevoegd punt "De problematiek van het Pierebad", ingediend door raadslid VAN ACHTER, als bijlage bij het besluit gevoegd.
§ 1. Onder voorbehoud van andere wettelijke of decretale bepalingen, beschikt de gemeenteraad over de volheid van bevoegdheid ten aanzien van de aangelegenheden, vermeld in artikel 2.
§ 2. De gemeenteraad bepaalt het beleid van de gemeente en kan daarvoor algemene regels vaststellen.
§ 3. De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente.
Een afschrift van elk reglement waarin een strafbepaling of een administratieve sanctie wordt opgenomen, wordt dadelijk verzonden aan de griffie van de rechtbank van eerste aanleg en aan die van de politierechtbank.
Behalve bij de uitdrukkelijke toewijzing van een bevoegdheid als vermeld in artikel 2, § 2, tweede lid, aan de gemeenteraad kan de gemeenteraad bij reglement bepaalde bevoegdheden toevertrouwen aan het college van burgemeester en schepenen.
De volgende bevoegdheden kunnen niet aan het college van burgemeester en schepenen worden toevertrouwd:
1° de aan de gemeenteraad toegewezen bevoegdheden, vermeld in afdeling 1 en 2 van dit hoofdstuk.
Gemeenteraadsleden kunnen uiterlijk vijf dagen vóór de vergadering punten aan de agenda toevoegen. De gemeenteraadsleden bezorgen daarvoor hun toegelicht voorstel van beslissing aan de algemeen directeur, die de voorstellen bezorgt aan de voorzitter van de gemeenteraad.
Een lid van het college van burgemeester en schepenen kan niet gebruikmaken van de mogelijkheid, vermeld in het eerste lid.
De algemeen directeur deelt de aanvullende agendapunten zoals vastgesteld door de voorzitter van de gemeenteraad onmiddellijk mee aan de gemeenteraadsleden, samen met de bijbehorende toegelichte voorstellen.
De notulen van de vergaderingen van de gemeenteraad vermelden, in chronologische volgorde, alle besproken onderwerpen, alsook het gevolg dat is gegeven aan de punten waarover de gemeenteraad geen beslissing heeft genomen. Ze maken melding van alle beslissingen en het resultaat van de stemmingen. Behalve bij geheime stemming, vermelden de notulen hoe elk lid gestemd heeft. Van die laatste verplichting kan worden afgeweken voor beslissingen die genomen zijn met unanimiteit.
De zittingsverslagen van de vergaderingen van de gemeenteraad vermelden, in chronologische volgorde, alle besproken onderwerpen, de essentie van de tussenkomsten en van de mondeling en schriftelijk gestelde vragen en antwoorden. De gemeenteraad kan beslissen om het zittingsverslag te vervangen door een audio- of audiovisuele opname van de openbare zitting van de gemeenteraad.
Als de gemeenteraad een aangelegenheid overeenkomstig artikel 28 in besloten vergadering behandelt, vermelden de notulen alleen de beslissingen en wordt er geen zittingsverslag opgesteld.
(...)
/
Gemeenteraadsleden kunnen punten toevoegen aan de agenda van de gemeenteraad en daarbij moties of voorstellen indienen die men ter stemming wil voor leggen.
De bespreking en beraadslaging van de ingediende motie of voorstel wordt opgenomen in het zittingsverslag, zijnde de audio-opname, te vinden op de gemeentelijke website.
De uitslag van de stemming wordt opgenomen in de notulen van deze zitting.
Raadslid Vincent VAN ACHTER krijgt het woord en stelt dat een aantal informele gesprekken zijn gevoerd over het Pierebad die positief verlopen zijn, maar dat hij desondanks rekening houdt met negatieve verrassingen. Scholen, clubs en burgers blijven vragen naar de stand van zaken. Mochten er nog problemen naar voren komen, dan zouden alle betrokkenen hierover graag geïnformeerd worden.
De fractie Groen zou graag bij elke gemeenteraad een korte stand van zaken horen over de ontwikkelingen.
Schepen Tom GAUDAEN krijgt het woord en verklaart dat de heropening naar verwachting begin januari zal plaatsvinden. Vorige week heeft het schepencollege een rondgang gehad in het Pierebad met de aannemer. Het PV van de gunning wordt een van de komende dagen verwacht en het contract zal naar verwachting geagendeerd worden voor de gemeenteraad van oktober. Voor de cafetaria werd een dading afgesloten met de uitbater, zodat dat men per 1 november het werk stopt en in januari opnieuw kan heropenen. Hij vindt het niet nodig om het toegevoegd punt ter stemming voor te leggen, omdat volgende week normaal het contract wordt getekend.
Raadslid Vincent VAN ACHTER krijgt opnieuw het woord en zegt dat hij niet onnodig druk wil uitoefenen maar dat er veel gevraagd wordt naar de stand van zaken. De fractie Groen wil niet tijdens de laatste spurt nog slecht nieuws krijgen. Hij zal zijn punt niet ter stemming voorleggen, maar wil periodiek geïnformeerd worden, omdat de fractie zelf ook vragen krijgt van clubs en inwoners.
Schepen Tom GAUDAEN heeft begrip voor de vragen, maar er is eerst een gunning nodig, daarna kan de gemeente in overleg treden met de clubs en de nieuwe partner.
Voorzitter Chantal LAUWERS vraagt of het punt nog ter stemming moet gelegd worden.
Raadslid Vincent VAN ACHTER antwoordt hier negatief op.
/
Enig artikel.
Kennis te nemen van het toegevoegd punt "De problematiek van het Pierebad", ingediend door raadslid VAN ACHTER, als bijlage bij dit besluit gevoegd.
De gemeenteraad nam kennis van het toegevoegd punt "Warme maaltijden in de gemeentescholen" ingediend door raadslid Katleen ORINX, als bijlage bij het besluit gevoegd, en verwijst voor de bespreking ervan naar het zittingsverslag, oftewel de audio-opname, te vinden op de gemeentelijke website.
§ 1. Onder voorbehoud van andere wettelijke of decretale bepalingen, beschikt de gemeenteraad over de volheid van bevoegdheid ten aanzien van de aangelegenheden, vermeld in artikel 2.
§ 2. De gemeenteraad bepaalt het beleid van de gemeente en kan daarvoor algemene regels vaststellen.
§ 3. De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente.
Een afschrift van elk reglement waarin een strafbepaling of een administratieve sanctie wordt opgenomen, wordt dadelijk verzonden aan de griffie van de rechtbank van eerste aanleg en aan die van de politierechtbank.
Behalve bij de uitdrukkelijke toewijzing van een bevoegdheid als vermeld in artikel 2, § 2, tweede lid, aan de gemeenteraad kan de gemeenteraad bij reglement bepaalde bevoegdheden toevertrouwen aan het college van burgemeester en schepenen.
De volgende bevoegdheden kunnen niet aan het college van burgemeester en schepenen worden toevertrouwd:
1° de aan de gemeenteraad toegewezen bevoegdheden, vermeld in afdeling 1 en 2 van dit hoofdstuk.
Gemeenteraadsleden kunnen uiterlijk vijf dagen vóór de vergadering punten aan de agenda toevoegen. De gemeenteraadsleden bezorgen daarvoor hun toegelicht voorstel van beslissing aan de algemeen directeur, die de voorstellen bezorgt aan de voorzitter van de gemeenteraad.
Een lid van het college van burgemeester en schepenen kan niet gebruikmaken van de mogelijkheid, vermeld in het eerste lid.
De algemeen directeur deelt de aanvullende agendapunten zoals vastgesteld door de voorzitter van de gemeenteraad onmiddellijk mee aan de gemeenteraadsleden, samen met de bijbehorende toegelichte voorstellen.
(...)
De zittingsverslagen van de vergaderingen van de gemeenteraad vermelden, in chronologische volgorde, alle besproken onderwerpen, de essentie van de tussenkomsten en van de mondeling en schriftelijk gestelde vragen en antwoorden. De gemeenteraad kan beslissen om het zittingsverslag te vervangen door een audio- of audiovisuele opname van de openbare zitting van de gemeenteraad.
Als de gemeenteraad een aangelegenheid overeenkomstig artikel 28 in besloten vergadering behandelt, vermelden de notulen alleen de beslissingen en wordt er geen zittingsverslag opgesteld.
(...)
/
Gemeenteraadsleden kunnen punten toevoegen aan de agenda van de gemeenteraad.
Indien er geen agendapunten ter stemming worden voorgelegd, neemt de gemeenteraad louter kennis van deze punten en verwijst men voor het overige naar het zittingsverslag, zijnde de audio-opname, die men kan terugvinden op de gemeentelijke website.
/
Enig artikel.
Kennis te nemen van het toegevoegd punt "Warme maaltijden in de gemeentescholen" ingediend door raadslid ORINX, als bijlage bij dit besluit gevoegd, en voor de bespreking ervan te verwijzen naar het zittingsverslag, zijnde de audio-opname, te vinden op de gemeentelijke website.
De gemeenteraad nam kennis van de mondelinge vragen door de raadsleden op de zitting gesteld en verwijst voor het overige naar het zittingsverslag, oftewel de audio-opname, te vinden op de gemeentelijke website.
§ 1. Onder voorbehoud van andere wettelijke of decretale bepalingen, beschikt de gemeenteraad over de volheid van bevoegdheid ten aanzien van de aangelegenheden, vermeld in artikel 2.
§ 2. De gemeenteraad bepaalt het beleid van de gemeente en kan daarvoor algemene regels vaststellen.
§ 3. De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente.
Een afschrift van elk reglement waarin een strafbepaling of een administratieve sanctie wordt opgenomen, wordt dadelijk verzonden aan de griffie van de rechtbank van eerste aanleg en aan die van de politierechtbank.
Behalve bij de uitdrukkelijke toewijzing van een bevoegdheid als vermeld in artikel 2, § 2, tweede lid, aan de gemeenteraad kan de gemeenteraad bij reglement bepaalde bevoegdheden toevertrouwen aan het college van burgemeester en schepenen.
De volgende bevoegdheden kunnen niet aan het college van burgemeester en schepenen worden toevertrouwd:
1° de aan de gemeenteraad toegewezen bevoegdheden, vermeld in afdeling 1 en 2 van dit hoofdstuk.
De gemeenteraadsleden hebben het recht aan de burgemeester en aan het college van burgemeester en schepenen mondelinge en schriftelijke vragen te stellen.
Voor het stellen van een vraag als vermeld in het eerste lid, is geen toegelicht voorstel van beslissing vereist.
(...)
De zittingsverslagen van de vergaderingen van de gemeenteraad vermelden, in chronologische volgorde, alle besproken onderwerpen, de essentie van de tussenkomsten en van de mondeling en schriftelijk gestelde vragen en antwoorden. De gemeenteraad kan beslissen om het zittingsverslag te vervangen door een audio- of audiovisuele opname van de openbare zitting van de gemeenteraad.
Als de gemeenteraad een aangelegenheid overeenkomstig artikel 28 in besloten vergadering behandelt, vermelden de notulen alleen de beslissingen en wordt er geen zittingsverslag opgesteld.
(...)
/
Voorzitter Chantal LAUWERS verzoekt de gemeenteraadsleden om hun vragen kort en bondig te houden.
Raadslid Linda DE PREE vraagt opnieuw naar de beschikbaarheid van gft-zakken.
Raadslid Vincent VAN ACHTER vraagt:
Raadslid Katrien LE ROY vraagt hoeveel mensen er bij Voodoo Village zijn geweest. Ze heeft begrepen dat het festival veel grootser was aangepakt dan voorgaande keren. Ze vraagt of dit een doorgaande evolutie is of dat het schepencollege hier grenzen aan stelt.
Raadslid Isabel GAISBAUER vraagt:
Raadslid Gerlant VAN BERLAER heeft een e-mail ontvangen van enkele bewoners van de De Merodestraat waarin stond dat de verkeerslus bestendigd zou worden en dat de snelheid naar 50 km/u gaat. Hij vraagt of dit waar is. De huidige situatie is erg onoverzichtelijk voor zowel fietsers als automobilisten. Hij vraagt wanneer dit stuk wordt aangepakt.
Raadslid Vincent VAN ACHTER komt terug op de ANPR-camera’s en meldt dat deze wel degelijk zijn aangevraagd op verzoek van de korpschef om aan- en afrijden naar het festival te verifiëren.
Voorzitter Chantal LAUWERS merkt op dat dit zal worden nagekeken en dat men schriftelijk zal antwoorden op de vraag.
/
Enig artikel.
Kennis te nemen van de mondelinge vragen door de raadsleden ter zitting gesteld en voor het overige te verwijzen naar het zittingsverslag, zijnde de audio-opname, te vinden op de gemeentelijke website.
De gemeenteraad erkent een personeelslid als waarnemend algemeen directeur.
Artikel 41 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 (DLB).
De algemeen directeur oefent de taken en bevoegdheden uit die overeenkomstig artikel 58 van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 en artikel 52 van het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra of overeenkomstig andere wettelijke of decretale bepalingen aan de gemeentesecretaris en aan de secretaris van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn zijn toevertrouwd.
De financieel directeur oefent de taken uit die door of krachtens de wet of het decreet aan de gemeenteontvanger, aan de financieel beheerder van de gemeente, aan de ontvanger van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn en aan de financieel beheerder van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn zijn toevertrouwd.
De directeurs, vermeld in het eerste en tweede lid, staan ten dienste van zowel de gemeente als van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn dat de gemeente bedient. De gemeenteraad regelt hun vervanging bij afwezigheid, verhindering en in geval van een vacature na 1 augustus 2018.
/
De algemeen directeur is gemachtigd om de erkende waarnemers voor een periode van maximaal zestig dagen, die eenmaal kan worden verlengd met een periode van maximaal zestig dagen, aan te stellen als waarnemend algemeen directeur. De waarnemend algemeen directeur oefent alle bevoegdheden van de algemeen directeur uit.
In zitting van de gemeenteraad van 27 juni 2018 werden mevrouw Steffie VAN DER AUWERA en mevrouw Goedele DE VOCHT aangesteld als waarnemend algemeen directeur.
Het schepencollege draagt op verzoek van de algemeen directeur de heer Sander GEERTS bijkomend voor als waarnemend algemeen directeur.
/
na geheime stemming
31 stemmen voor
0 onthoudingen
0 stemmen tegen
Enig artikel.
De heer Sander GEERTS te erkennen als waarnemer die de algemeen directeur bij afwezigheid of verhindering kan vervangen.
De voorzitter sluit de zitting op 23/09/2021 om 22:24.
Namens GEMEENTERAAD,
Muriel VAN SCHEL
algemeen directeur
Chantal LAUWERS
voorzitter gemeenteraad