De gemeenteraad keurt de dading, toegevoegd als bijlage 1 bij het besluit, goed.
Artikel 41, tweede lid, 17° van het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (DLB):
De volgende bevoegdheden kunnen niet aan het college van burgemeester en schepenen worden toevertrouwd:
17° het aangaan van andere dadingen dan dadingen met personeelsleden naar aanleiding van een beëindiging van het dienstverband, die de gevolgen van de beëindiging van het dienstverband als voorwerp hebben.
Artikel 41, tweede lid, 17° DLB.
SPECIFIEK
/
Consorten V. en V.L. zijn volle eigenaar van de percelen grond (242b2) gelegen aan de Molenstraat te 1852 Grimbergen, kadastraal gekend als Grimbergen, 5de afdeling (Beigem), sectie A, nummer(s) 0242/00D002 + 00E02 + 00F002 en grond (242P) gelegen aan de Molenstraat te 1852 Grimbergen, kadastraal gekend als Grimbergen, 5de afdeling (Beigem), sectie A, nummer(s) 0242/00G002 + 00H002.
Volgens het gewestplan Halle-Vilvoorde-Asse, goedgekeurd bij KB van 7 maart 1977, is het perceel bestemd als woonuitbreidingsgebied.
Op 26 april 2018 stelde de gemeenteraad het RUP ‘Herbestemming van open ruimte’ definitief vast. Hiermee verkreeg het perceel de bestemming ‘openruimtegebied’.
Consorten V. en V.L. startten op 21 april 2023 een gerechtelijke procedure op m.h.o.o. het verkrijgen van een planschadevergoeding voor de Nederlandstalige Rechtbank van Eerste Aanleg te Brussel, waar de zaak gekend is onder rolnummer 23/2433/A.
Op 19 september 2022 (voor de percelen kadastraal gekend als Grimbergen, 5de afdeling (Beigem), sectie A, nummer(s) 0242/00G002 + 00H002) en 23 januari 2023 (voor de percelen kadastraal gekend als Grimbergen, 5de afdeling (Beigem), sectie A, nummer(s) 0242/00D002 + 00E02 + 00F002) verleende het college van burgemeester en schepenen een negatief stedenbouwkundig attest aan de eisers.
Bij vonnis van 28 november 2024 besloot de Rechtbank tot de aanstelling van een gerechtsdeskundige ter berekening van deze vergoeding.
Op 19 oktober 2025 legde de gerechtsdeskundige zijn eindverslag neer.
Het college van burgemeester en schepenen nam in zitting van 15 december 2025 kennis van:
te betalen.
Het college van burgemeester en schepenen gaf de opdracht aan GD&A Advocaten om bij de tegenpartij na te vragen waaruit het bedrag van de gerechtskosten, zijnde 10.088,12 euro, is opgebouwd.
Het college van burgemeester en schepenen ging niet in op de vraag tot betaling van een hogere planschade t.w.v. 130.505,42 euro maar akkoord te gaan met betaling van de planschade, zoals begroot door de gerechtsdeskundige en de gerechtskosten bestaande uit de dagvaardingskost, het rolrecht, de kosten van de gerechtsdeskundige, indien deze nog niet door de gemeente waren betaald, en de rechtsplegingsvergoeding.
Het college van burgemeester en schepenen was akkoord om in te staan voor de opmaak van de dading.
Dit werd voor kennisname en verder gevolg overgemaakt op 16 december 2025 aan GD&A Advocaten opdat zij verder het nodige zouden kunnen doen.
Per e-mail van 13 januari 2026 liet GD&A Advocaten weten dat confrater van tegenpartij heeft gemeld dat zij het voorstel toch aanvaarden. Zijn cliënten wensen niet verder te procederen en aanvaarden het voorstel tot betaling van 121.045,00 (hoofdsom) + 10.088,12 € (gerechtskosten en RPV) ter regeling van de zaak. De rolrechten zijn ten laste van de gemeente.
O.b.v. dit akkoord werd het ontwerp van dading op 13 januari 2026 bezorgd aan GD&A Advocaten.
In zitting van 20 april 2026 nam het college van burgemeester en schepenen kennis van
Het college van burgemeester en schepenen keurde het aangepaste ontwerp van dading, toegevoegd als BIJLAGE 1 bij dit besluit, overgemaakt per e-mail van 9 april 2026 door GD&A Advocaten, principieel goed te keuren en besliste dit, na akkoord van de tegenpartij, ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad.
Per e-mail van 12 mei 2026 bezorgde GD&A Advocaten de dading, ondertekend door de tegenpartij. Er werd daarbij gevraagd of het volstaat dat de tegenpartij een getekende kopie per aangetekende post overmaakt aan het gemeentebestuur. Hierop werd bevestigend geantwoord.
In bijlage de getekende dading.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om de dading in BIJLAGE 1 goed te keuren en de opdracht te geven aan de voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur, of hun gemachtigde plaatsvervangers, om de dading te ondertekenen.
/
Artikel 1.
De dading, toegevoegd als BIJLAGE 1 bij dit besluit, goed te keuren.
Art. 2.
De gemeenteraadsvoorzitter en de algemeen directeur (of hun gemachtigde vervangers) aan te stellen voor de ondertekening van deze dading.