De gemeenteraad keurt het belastingreglement op masten en pylonen voor de aanslagjaren 2026 tem. 2031 goed.
Artikels 40, §3 en 41, 14° van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 (DLB).
/
Het is aangewezen om de aanwezigheid van masten en pylonen op het grondgebied van de gemeente te beperken. Dit ter vrijwaring van de aantrekkingskracht van de gemeente als woonomgeving en toeristische bestemming, alsook om visuele vervuiling, landschapsverstoring en het doorbreken van de open ruimte tegen te gaan.
De gemeente wenst in het kader van klimaat en milieu de productie van groene stroom aan te moedigen. Masten en pylonen dienstig om groene energie te produceren worden dan ook vrijgesteld van de belasting.
Masten en pylonen die uitsluitend of hoofdzakelijk dienen voor openbare hulpverlenings- en veiligheidsdiensten die primaire overheidstaken uitoefenen, worden vrijgesteld van de belasting. Deze staan ten dienste van het openbaar nut in het kader van hulpverlening en veiligheid, wat één van de primaire overheidstaken is.
Er geldt een vrijstelling voor constructies voor louter recreatief gebruik. Dit gezien het niet-bedrijfsmatig oogmerk en karakter van deze constructies. Deze constructies staan ten dienste van lokale sport- of recreatievoorzieningen. De gemeente wenst haar verenigingen te ondersteunen in hun activiteiten aangezien deze bijdragen aan het welzijn en de leefkwaliteit binnen de gemeente.
Er erden inhoudelijk geen wijzigingen doorgevoerd aan het reglement.
Rekening houdende met de financiële toestand van de gemeente.
/
Artikel 1.
Onderstaand reglement goed te keuren:
Belastingreglement op masten en pylonen - Aanslagjaren 2026-2031
Artikel 1. – Heffingstermijn en belastbaar feit
Voor de aanslagjaren 2026 t.e.m. 2031 wordt een jaarlijkse gemeentebelasting gevestigd op masten en pylonen die zich op het grondgebied, in open lucht en zichtbaar vanaf de openbare weg van de gemeente bevinden.
Art. 2. – Definities
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
- een mast: een verticale structuur die op een dak of een andere bestaande constructie is geplaatst en waarbij de hoogte van constructie en mast samen minstens 15 meter bedraagt;
- een pyloon: een individuele verticale constructie opgericht op het niveau van het maaiveld en met een hoogte van minstens 15 meter boven het maaiveld.
Art. 3. – Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de eigenaar van de mast of pyloon op 1 januari van het aanslagjaar.
Art. 4. – Aanslagvoet
De belasting wordt vastgesteld op 3.000,00 euro per jaar per mast of pyloon.
De belasting is ondeelbaar en voor het hele jaar verschuldigd. Er wordt geen vermindering of terugbetaling van de belasting toegestaan als de mast of pyloon in de loop van het aanslagjaar wordt weggenomen.
Art. 5. – Vrijstellingen
Zijn van de belasting vrijgesteld:
- constructies hoofdzakelijk opgericht voor de productie van windenergie of andere vormen van groene stroom;
- constructies uitsluitend of hoofdzakelijk dienstig voor openbare hulpverlenings- en veiligheidsdiensten die primaire overheidstaken uitvoeren;
- constructies voor louter recreatief gebruik, dienstig voor Grimbergse sport- en recreatieverenigingen.
Art. 6. - Aangifteverplichting en ambtshalve vestiging
De belastingplichtige is verplicht vóór 1 april van het aanslagjaar bij het gemeentebestuur spontaan aangifte te doen door middel van een formulier vastgesteld door het college van burgemeester en schepenen. Het aangifteformulier is beschikbaar via het digitaal loket op de gemeentelijke website https://www.grimbergen.be of is op eenvoudig verzoek verkrijgbaar bij het gemeentebestuur.
Zolang de toestand op 1 januari van het aanslagjaar ongewijzigd blijft dient er geen nieuwe aangifte te gebeuren.
Bij gebrek aan aangifte binnen deze termijn of bij een onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte kan de belasting ambtshalve gevestigd worden. In geval van een ambtshalve aanslag wordt de belasting gevestigd op basis van gegevens waarover de belastingheffende overheid beschikt.
De ambtshalve ingekohierde belasting zal worden verhoogd met 100%. Het bedrag van deze verhoging wordt gelijktijdig met de ambtshalve belasting ingekohierd.
Art. 7. - Wijze van invordering
De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier.
Art. 2.
Dit besluit bekend te maken overeenkomstig de bepalingen van “Afdeling 2. Bekendmaking en inwerkingtreding, Hoofdstuk 1. Akten van het lokaal bestuur, Titel 5. De werking van het lokaal bestuur" DLB.