De gemeenteraad keurt het retributiereglement op de verhuring van instrumenten door de gemeentelijke Academie voor Muziek, Woord en Dans voor de periode 1 januari 2026 tem. 31 december 2031 goed.
Artikels 40, §3 en 41, 14° van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 (DLB).
/
De gemeentelijke verhuurt instrumenten aan de leerlingen die ingeschreven zijn aan de gemeentelijke Academie voor Muziek, Woord en Dans. Hier staat een huurprijs tegenover, dewelke in huidig reglement vastgesteld worden.
Het gemeentelijk retributiereglement betreffende de verhuring van instrumenten door de gemeentelijke Academie voor Muziek, Woord en Dans, goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 19 december 2019 en vastgesteld voor de periode 2020-2025, verloopt op 31 december 2025.
Een hernieuwing van dit reglement is aldus noodzakelijk.
/
Artikel 1.
Onderstaand retributiereglement betreffende de verhuring van instrumenten door de gemeentelijke Academie voor Muziek, Woord en Dans goed te keuren:
Retributiereglement betreffende de verhuring van instrumenten door de gemeentelijke Academie voor Muziek, Woord en Dans, periode 1 januari 2026 tem. 31 december 2031
Artikel 1.
Met ingang van 1 januari 2026 voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt de retributie inzake de verhuring van instrumenten door de gemeentelijke Academie voor Muziek, Woord en Dans, vastgelegd op 45,00 Euro voor de regelmatig-financierbare leerling.
Art. 2.
De retributie is verschuldigd door de regelmatig-financierbare leerling per gehuurd instrument en per schooljaar.
Art. 3.
Regelmatig-financierbare leerlingen die beschikken over een UITPAS met kansenstatuut kunnen gratis een instrument huren, met uitzondering van de waarborg zoals vermeld onder artikel 6.
Art. 4.
Elke regelmatig-financierbare leerling kan gebruik maken van het huursysteem, voor zover de gevraagde instrumenten in stock aanwezig zijn.
Art. 5. - uitleenduur
De uitleenduur wordt vastgelegd als volgt:
- Er is een maximale uitleenduur van 5 jaar.
- Voor de strijkers bedraagt de uitleenduur voor de modellen 4/4 slechts 2 jaar, behalve wanneer de leerling start met een model 4/4. In dit geval bedraagt deze eveneens 5 jaar.
- Voor de leerling die is ingeschreven in de eerste graad Muziek en een instrument huurt, tellen de schooljaren 1.1 en 1.2 niet mee voor het berekenen van de maximale uitleenduur van 5 jaar.
- De directie behoudt zich het recht om de maximale uitleenduur met telkens 1 jaar te verlengen indien zou blijken dat het desbetreffende instrument door niemand anders zal gehuurd worden. Een instrument is minder aan slijtage onderhevig wanneer het bespeeld wordt.
- De directie behoudt zich het recht om de maximale uitleenduur te verminderen indien zich een tekort aan één of ander instrument voordoet. Zij behoudt het recht in dit geval het instrument terug te vorderen.
Art. 6. - waarborg
De waarborg voor elk gehuurd instrument wordt vastgelegd op 50,00 euro. Wanneer het instrument tijdig en in goede staat ingeleverd wordt, wordt deze som terugbetaald.
Art. 7.
De betaling van het huurgeld en de waarborg gebeurt als volgt:
- Bij uitlening van het instrument voor de eerste keer, zal de betaling van het huurgeld én de waarborg gebeuren via bancontact op het moment dat het instrument afgehaald wordt.
- Voor de verdere jaren zal de huurder een betalingsformulier toegestuurd krijgen. De huurder krijgt uiterlijk 30 dagen de tijd om het huurgeld te betalen, dit kan via overschrijving of via bancontact op het secretariaat van de Academie. Het bank- of postuittreksel geldt als bewijs van betaling.
- De directie van de gemeentelijke Academie voor Muziek, Woord en Dans, behoudt zich het recht voor het instrument terug te vorderen bij laattijdige betaling.
Art. 8.
De instrumenten mogen gebruikt worden voor activiteiten buiten de Academie. Dit gebeurt steeds op verantwoordelijkheid van de leerling/ouders.
Art. 9.
De huurder draagt de volledige verantwoordelijkheid voor het instrument:
- De kosten voor herstel van beschadigingen vallen ten laste van de huurder.
- Kosten die het gevolg zijn van normale slijtage van het instrument vallen onder de verantwoordelijkheid van de verhuurder.
- Bij verlies of diefstal dient de schadeloosstelling, aan de hand van de huidige waarde van het instrument, te gebeuren door de huurder.
Art. 10.
De huurder heeft 14 dagen de tijd om het instrument in te leveren, dit na het beëindigen van de studies, na het staken van de studies of na afloop van de uitleenduur van het instrument. Bij niet of niet-tijdige inlevering van het instrument, behoudt de directie zich het recht om ook huurgeld te vragen voor het lopende schooljaar, zelfs indien betrokken leerling niet meer ingeschreven is in de Academie. Desgevallend zal ook de waarborg worden ingehouden en aangesproken.
Indien de huurder het instrument binnen de 30 dagen nog niet heeft ingediend, na het beëindigen van de studies, na het staken van de studies of na afloop van de uitleenduur van het instrument, behoudt de directie zich het recht om een schadevergoeding te vragen ter waarde van de huidige marktwaarde van het instrument. Desgevallend zal ook de waarborg worden ingehouden en aangesproken.
Art. 2.
Dit besluit bekend te maken overeenkomstig de bepalingen van “Afdeling 2. Bekendmaking en inwerkingtreding, Hoofdstuk 1. Akten van het lokaal bestuur, Titel 5. De werking van het lokaal bestuur" DLB.