De gemeenteraad keurt een aanpassing aan de rechtspositieregeling gemeente- en OCMW-personeel goed, evenals een aanpassing van bijlage 15 bij het arbeidsreglement (reglement fietsmobiliteit), en dit onder voorbehoud van protocol met de vakorganisaties (einde onderhandelingstermijn 22 maart 2023).
Artikels 2 en 40-41 decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2007 houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie, de rechtspositieregeling en het mandaatstelsel van het gemeentepersoneel en het provinciepersoneel en houdende enkele bepalingen betreffende de rechtspositie van de secretaris en de ontvanger van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
Besluit van de Vlaamse Regering van 12 november 2010 houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie en het mandaatstelsel van het personeel van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en houdende de minimale voorwaarden voor sommige aspecten van de rechtspositieregeling van bepaalde personeelsgroepen van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
Besluit van de Vlaamse Regering van 12 maart 2021 houdende maatregelen ten gevolge van de pandemie veroorzaakt door COVID-19 en tot wijziging van de minimale voorwaarden voor de rechtspositieregeling van het personeel van de gemeenten, de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de provincies.
Besluit van het college van burgemeester en schepenen van 28 juni 2021 - Fietsleaseplan: opstart project - Goedkeuring.
Besluit van het college van burgemeester en schepenen van 19 september 2022 - Fietsleaseplan voor gemeente- en OCMW-personeel - Aanpassing rechtspositieregeling en arbeidsreglement.
Protocol vakorganisaties:
Protocol van 05/10/2022 naar aanleiding van voorstel aanpassing rechtspositieregeling en arbeidsreglement i.k.v. fietsleaseplan (goedgekeurd door gemeenteraad / raad maatschappelijk welzijn op 27/10/2022) (zie bijlagen 09A en 09B)
ACV Openbare Diensten: Protocol van akkoord
VSOA-LRB: Protocol van akkoord
ACOD-LRB: Protocol van akkoord met vermelding:
"ACOD-LRB gaat akkoord mits een zeer goede communicatie naar alle personeelsleden zodat ze goed op de hoogte zijn waartoe ze zich verbinden."
Protocol in verband met de voorliggende aanpassing:
Start onderhandelingen op 01/03/2023
Einde onderhandelingstermijn: 22/03/2023
Op 27 oktober 2022 keurden de gemeenteraad / raad voor maatschappelijk welzijn de wijzigingen aan de rechtspositieregeling en het arbeidsreglement goed in kader van de invoering van een fietsleaseplan voor het gemeente- en OCMW-personeel.
Het college van burgemeester en schepenen / vast bureau werden hierbij gemandateerd om het reglement aan te vullen in functie van de gunning van het dossier "Raamovereenkomst voor het (individueel) leasen van fietsen ten behoeve van het personeel van het lokaal bestuur Grimbergen", en dit op de volgende punten:
praktische gegevens en contactgegevens;
bepalingen in verband met onderhoudscontract en in verband met schade / diefstal.
Bij de praktische uitwerking van het fietsleaseplan werden een aantal sociaal-juridische consequenties vastgesteld die het noodzakelijk maken het reglement op een aantal punten aan te passen.
Sociaal-juridische consequenties:
Instapmoment 01/07 heeft consequenties voor de sociale zekerheidsbijdragen van de statutaire personeelsleden. Kiezen die statutaire personeelsleden ervoor om afstand te doen van hun eindejaarspremie in de loop van de referteperiode, dan beschouwt de RSZ dat de eindejaarstoelage niet langer voldoet aan de voorwaarden bepaald in artikel 30, § 2, 4° van het KB van 28/11/69. De toekenningsmodaliteiten werden dan immers gewijzigd. Er zullen bijgevolg socialezekerheidsbijdragen verschuldigd zijn op het volledige bedrag van deze premie. Voor contractuele personeelsleden rijst dit probleem niet: er zijn sowieso bijdragen verschuldigd op het volledige bedrag. Om dit te beperken, dient het statutaire personeelslid in te stappen uiterlijk 31 december, dus voor de start van de referteperiode op 1 januari.
Na berekeningen door Acerta bleek dat de financiële consequenties voor het personeelslid en de werkgever eerder beperkt zijn. De exacte bedragen zijn afhankelijk van verschillende factoren (loon personeelslid, bedrag fiets, ...)
Er wordt dus voorgesteld om voor statutaire personeelsleden de mogelijkheid tot instap op 01/07 te behouden, maar voor deze personeelsleden wel ook de berekening te maken bij een instap op 01/01 zodat zij het financiële verschil kennen.
De aanrekening van de fietslease op het keuzebudget dient gespecificeerd te worden:
Het reglement werd aangepast om tegemoet te komen aan deze vaststellingen.
Verder werden ook een aantal zaken verduidelijkt in het reglement (bv. definitie instapdatum, ...)
BIJLAGE 01 en 02: Aangepaste teksten fietslease: RPR en reglement arbeidsreglement (ontwerpversies zoals principieel goedgekeurd door het college / vast bureau op 13/02/2023)
Inhoudelijke aanpassingen t.o.v. de vorige versie van het reglement: aangepast in blauw
Praktische zaken die ingevuld dienen te worden na aanduiding van de leasemaatschappij: aangeduid in geel (deze kunnen ingevuld worden na afloop van de stand still periode)
BIJLAGE 03:
BIJLAGE 04:
Op 1 maart 2023 startte de onderhandeling met de vakorganisaties over de voorliggende aanpassing van het fietsleaseplan.
De vakorganisaties hadden volgende vragen / opmerkingen tot tekstaanpassingen:
Bij overlijden zal je fietsleasecontract eindigen en zal de fiets teruggegeven worden aan de fietsleasemaatschappij. Bij beëindiging van het contract wegens overlijden worden er geen bijkomende kosten aangerekend.
Voor wat betreft de juridische basis om niet betaalde boetes in te houden op het vakantiegeld verwijs ik graag naar artikel 1 en 2 van de loonbeschermingswet van 12 april 1965.
Artikel 1 bepaalt dat de wet van toepassing is op werkgevers en werknemers (lees contractuelen) Maar met werknemers worden ook gelijkgesteld: … alsook de personen, die, anders dan krachtens een arbeidsovereenkomst, tegen loon arbeid verrichten onder het gezag van een ander persoon (lees statutairen).
Welke inhoudingen er op het loon mogen gebeuren, wordt dus geregeld in deze wetgeving. De wetgeving is van openbare orde waarvan dus niet kan worden afgeweken.
De vraag die zich dan stelt is: Wat is loon? Maar vooral in het kader van deze vraagstelling: Wat wordt niet beschouwd als loon?
Hiervoor verwijs ik naar artikel 2 waarin wordt gesteld dat:
Voor de toepassing van deze wet, moeten evenwel niet als loon worden beschouwd :
1° de vergoedingen rechtstreeks of onrechtstreeks door de werkgever betaald :
a) als vakantiegeld;
b) …
Dat wil zeggen dat de werkgever op het vakantiegeld de door de werknemers niet-betaalde boetes kan inhouden (omdat het vakantiegeld niet beschermd wordt door de loonbeschermingswet), zowel voor contractuelen als voor statutairen.
Verkeersboetes en retributies zijn volledig ten laste van de werknemer. Boetes en overtredingen die opgelegd worden door het gebruik van de leasefiets, worden onmiddellijk betaald door de werknemer. Indien er door de leasemaatschappij kosten voor laattijdige betaling aan de werkgever worden doorgerekend, zullen deze aan jou worden doorgerekend. Indien de je niet (tijdig) betaalt, zal de werkgever het bedrag van de boete of retributie in mindering brengen van het vakantiegeld.
De effectieve leasetermijn bedraagt 36 maanden. Dat wil zeggen dat de medewerker zich engageert om de fiets gedurende 36 maanden te gebruiken. De leasetermijn begint te lopen op het moment dat de fiets effectief in gebruik wordt genomen.
Deze termijn komt niet noodzakelijk overeen met de periode waarin de loonruil gebeurt. Een medewerker stapt bijvoorbeeld in bij jullie op 1 juli 2023. Dit impliceert dat de volledige kost van het leasebedrag aangerekend wordt op de eindejaarstoelagen van december 2023, 2024 en 2025 (in een verhouding van 20%, 40% en 40%). Indien de medewerker zijn fiets in ontvangt kan nemen op 1 november 2023 zal hij de fiets kunnen gebruiken tem 31 oktober 2026. Hij gebruikt de fiets dus nog 10 maanden in 2026 terwijl zijn verrekening reeds is gebeurd.
Gelet op het overleg met de vakorganisaties werden er nieuwe gecoördineerde versies van de rechtspositieregeling en arbeidsreglement opgemaakt:
BIJLAGE 07:
BIJLAGE 08:
Aan de gemeenteraad / raad voor maatschappelijk welzijn wordt voorgesteld om deze ontwerpversies goed te keuren onder voorbehoud van protocol met de vakorganisaties (onderhandelingstermijn eindigt op 22/03/2023).
Op deze manier komt de verdere uitrol van het fietsleaseplan in de organisatie niet in het gedrang.
Raadslid William DE BOECK krijgt het woord en vindt het fietsleaseplan een goed initiatief, maar hij heeft enkele praktische vragen. Het aantal vakantiedagen dat ingezet kan worden voor het creëren van het keuzebudget hangt af van de plaats van tewerkstelling. Medewerkers met 26 vakantiedagen kunnen maximaal twee vakantiedagen inzetten, terwijl medewerkers met 35 vakantiedagen maximaal zeven vakantiedagen kunnen inzetten. Hij vraagt naar het grote verschil hiertussen en hoe dit wordt geregeld bij deeltijdse tewerkstellingen.
Mevrouw Charlotte PEETERS, stafmedewerker personeel, dienst Personeel, krijgt het woord en antwoordt dat er respectievelijk minimaal 24 en 28 vakantiedagen behouden moeten blijven. Als men deeltijds werkt, wordt het aantal dagen naar rato berekend.
Raadslid William DE BOECK merkt op dat voor een contractueel wettelijk is gesteld dat hij 20 vakantiedagen moet hebben, geen 24. In geval van een tewerkstelling met 28 dagen, als je dan halftijds werkt dat je eigenlijk nog maar één dag kan inbrengen, wat hij erg weinig vindt.
Mevrouw Charlotte PEETERS bevestigt dat 20 vakantiedagen het wettelijk minimum is, maar dat de gemeente ook bijkomende dagen heeft. Het klopt dat deeltijdse medewerkers minder vakantiedagen kunnen inzetten. De eindejaarstoelage kan echter ook worden ingezet voor de fietslease.
Raadslid William DE BOECK stelt dat de gemeente 20 vakantiedagen als minimum had kunnen hanteren. Hij overweegt om hierover een amendement in te dienen. Verder vraagt hij of er een vervangende fiets wordt voorzien als een fiets gerepareerd moet worden.
Mevrouw Charlotte PEETERS zal deze vraag bij de verdere onderhandelingen met de fietsleverancier meenemen. Het college moet het onderhoudscontract nog uitwerken en goedkeuren.
Raadslid William DE BOECK merkt op dat bij ontslag op initiatief van de werkgever de fiets moet worden ingeleverd. Hij hoort graag of het klopt dat eventuele kosten hiervan voor de werkgever zijn en wat de mogelijkheden zijn als de ontslagen werknemer de fiets wil overnemen.
Mevrouw Charlotte PEETERS repliceert dat het bij ontslag mogelijk is om de fiets over te nemen. De fietsleasemaatschappij stelt een bedrag voor en de werknemer bepaalt of hij daarmee akkoord gaat.
Raadslid William DE BOECK zou in artikel 4.1. de zin: “voor de inruil van de eindejaarspremie en/of vakantiedagen” willen vervangen door: “door de inruil van de eindejaarspremie en/of vakantiedagen”. Bij artikel 5.2. wil hij “indien de je niet tijdig …” vervangen door “indien je niet tijdig …”.
Mevrouw Charlotte PEETERS antwoordt dat deze wijzigingen zullen worden doorgevoerd.
Raadslid Chris SELLESLAGH vraagt of mevrouw PEETERS werkzaam is voor het gemeentebestuur en bij welke dienst zij werkt.
Mevrouw Charlotte PEETERS stelt zich voor. Zij is sinds september 2022 stafmedewerker bij de Personeelsdienst.
Raadslid William DE BOECK dient een amendement in om het ook voor medewerkers, die in totaal 26 vakantiedagen hebben, mogelijk te maken om zes vakantiedagen in te zetten voor het leasen van een fiets.
Voorzitter Peter PLESSERS legt het amendement ter stemming voor.
Met 12 stemmen voor (Eddie BOELENS, William DE BOECK, Caroline DENIL, Linda DE PREE, Isabel GAISBAUER, Tom GAUDAEN, Brigitte JANSSENS, Katrien LE ROY, Luk RAEKELBOOM, Chris SELLESLAGH, Vincent VAN ACHTER, Gerlant VAN BERLAER), 17 stemmen tegen (Bart LAEREMANS, Jelle DE WILDE, Kirsten HOEFS, Chantal LAUWERS, Trui OLBRECHTS, Philip ROOSEN, Karlijne VAN BREE, Jean-Paul WINDELEN, Katleen ORINX, Peter PLESSERS, Patricia SEGERS, Rudi VAN HOVE, Bart VAN HUMBEECK, Yves VERBERCK, Karin VERTONGEN, Patrick VERTONGEN, Elke WOUTERS), 1 onthouding (Jean DEWIT)
Met 12 stemmen voor, 17 stemmen tegen en 1 onthouding wordt het amendement verworpen.
Voorzitter Peter PLESSERS legt het voorstel ter stemming voor.
Met 25 stemmen voor (Bart LAEREMANS, Jelle DE WILDE, Kirsten HOEFS, Chantal LAUWERS, Trui OLBRECHTS, Philip ROOSEN, Karlijne VAN BREE, Jean-Paul WINDELEN, Eddie BOELENS, Caroline DENIL, Linda DE PREE, Isabel GAISBAUER, Katrien LE ROY, Katleen ORINX, Peter PLESSERS, Luk RAEKELBOOM, Patricia SEGERS, Vincent VAN ACHTER, Gerlant VAN BERLAER, Rudi VAN HOVE, Bart VAN HUMBEECK, Yves VERBERCK, Karin VERTONGEN, Patrick VERTONGEN, Elke WOUTERS), 5 onthoudingen (William DE BOECK, Jean DEWIT, Tom GAUDAEN, Brigitte JANSSENS, Chris SELLESLAGH)
Met 25 stemmen voor en 5 onthoudingen keurt de gemeenteraad de aanpassing aan het fietsleaseplan voor gemeente- en OCMW-personeel goed.
Raadslid William DE BOECK merkt op dat de fractie Open VLD zich van de stemming heeft onthouden, omdat ze vindt dat het beter is om alle personeelsleden op dezelfde basis te behandelen.
Schepen Karlijne VAN BREE krijgt het woord en legt uit dat de meerderheid tegen het amendement van Open VLD heeft gestemd, omdat blijkt dat het niet mogelijk is om het voorstel van raadslid DE BOECK op de voorgestelde wijze uit te voeren.
Raadslid William DE BOECK krijgt wederom het woord en betreurt het dat hij deze informatie niet gekregen heeft vóór de stemming en het indienen van het amendement. Hij vraagt daarom om de stemming van het punt opnieuw te doen.
Voorzitter Peter PLESSERS stelt voor om te notuleren in het besluit dat raadslid DE BOECK geen amendement zou hebben ingediend als hij had geweten dat het onmogelijk was om medewerkers met 26 vakantiedagen, 6 vakantiedagen te laten inzetten voor het fietsleaseplan.
Raadslid William DE BOECK wil dat de stemming van het agendapunt opnieuw moet gebeuren aangezien deze volgens hem niet correct verlopen is.
Voorzitter Peter PLESSERS gaat hiermee akkoord. Het amendement ingediend door raadslid DE BOECK wordt ingetrokken en het punt wordt opnieuw ter stemming voorgelegd.
/
Artikel 1.
De ontwerpteksten voor aanpassing fietsleaseplan (aanpassing rechtspositieregeling en aanpassing bijlage 15 bij het arbeidsreglement) - zoals toegevoegd in de bijlagen 05 en 06 bij dit besluit - goed te keuren, onder voorbehoud van protocol met de vakorganisaties (einde onderhandelingstermijn 22/03/2023).
Art. 2.
De gecoördineerde versie van de rechtspositieregeling - zoals toegevoegd in de bijlage 07 bij dit besluit - goed te keuren, onder voorbehoud van protocol met de vakorganisaties (einde onderhandelingstermijn 22/03/2023).
Art. 3.
De gecoördineerde versie van het arbeidsreglement - zoals toegevoegd in de bijlage 08 bij dit besluit - goed te keuren, onder voorbehoud van protocol met de vakorganisaties (einde onderhandelingstermijn 22/03/2023).
Art. 4.
Het college van burgemeester en schepenen te mandateren om het reglement fietsmobiliteit (bijlage 15 bij het arbeidsreglement) - onder voorbehoud van protocol met de vakorganisaties (einde onderhandelingstermijn 22/03/2023) - aan te vullen in functie van de gunning van het dossier "Raamovereenkomst voor het (individueel) leasen van fietsen ten behoeve van het personeel van het lokaal bestuur Grimbergen", en dit op de volgende punten:
praktische gegevens en contactgegevens;
bepalingen in verband met onderhoudscontract en in verband met schade / diefstal.