Terug
Gepubliceerd op 01/07/2022

Besluit  GEMEENTERAAD

do 02/06/2022 - 19:00

Aanduiding en eedaflegging van de aangewezen-burgemeester

Aanwezig: Peter PLESSERS, voorzitter gemeenteraad
Bart LAEREMANS, Chantal LAUWERS, Philip ROOSEN, Karlijne VAN BREE, Jean-Paul WINDELEN, schepenen
Jelle DE WILDE, Kirsten HOEFS, Trui OLBRECHTS, Katleen ORINX, Luk RAEKELBOOM, Patricia SEGERS, Rudi VAN HOVE, Bart VAN HUMBEECK, Yves VERBERCK, Karin VERTONGEN, Patrick VERTONGEN, Elke WOUTERS, gemeenteraadsleden
Muriel VAN SCHEL, algemeen directeur
Afwezig: Chris SELLESLAGH, burgemeester
William DE BOECK, Tom GAUDAEN, schepenen
Manon BAS, Eddie BOELENS, Caroline DENIL, Linda DE PREE, Jean DEWIT, Isabel GAISBAUER, Gilbert GOOSSENS, Brigitte JANSSENS, Katrien LE ROY, Karima MOKHTAR, Vincent VAN ACHTER, Gerlant VAN BERLAER, gemeenteraadsleden

De gemeenteraad neemt kennis van de eedaflegging van raadslid Bart LAEREMANS als 'aangewezen burgemeester', in handen van de voorzitter van de gemeenteraad.

Dit besluit wordt overgemaakt aan de Vlaamse Regering.

De volgende bepalingen zijn van toepassing inzake de bevoegdheid:

Artikel 46 Decreet Lokaal Bestuur 22 december 2017 (DLB).

§ 1. De gemeenteraad kan een collectieve constructieve motie van wantrouwen aannemen tegen alle leden van het college van burgemeester en schepenen, met uitzondering van de schepen, vermeld in artikel 42, § 1, derde lid.

De gemeenteraad kan een individuele constructieve motie van wantrouwen aannemen tegen een of meer schepenen, met uitzondering van de schepen, vermeld in artikel 42, § 1, derde lid.

§ 2. De constructieve motie van wantrouwen voldoet aan al de volgende voorwaarden:
1° ze is ondertekend door de meerderheid van de raadsleden;
2° ze is ondertekend door ten minste twee derde van de raadsleden van elke fractie die de motie ondersteunt. Als een fractie slechts uit twee verkozenen bestaat, volstaat de handtekening van één van hen;
3° in geval van een individuele motie, is ze ondertekend door twee derde van de raadsleden van de fractie waartoe de schepen tegen wie de individuele motie gericht is, behoort;
4° ze vermeldt tegen welke leden van het college van burgemeester en schepenen ze gericht is;
5° ze draagt voor elk van de schepenen een kandidaat-opvolger voor. Zetelende leden kunnen opnieuw voorgedragen worden;
6° in geval van een individuele motie gericht tegen een of meer schepenen, zijn er een of meer ontvankelijke akten van voordracht bijgevoegd als vermeld in artikel 49. In geval van een collectieve motie is er een gezamenlijke akte van voordracht bijgevoegd als vermeld in artikel 43. Als een lijst in twee fracties is opgesplitst, wordt, in afwijking van artikel 43 of 49, de akte van voordracht van de kandidaat-schepen ondertekend door de meerderheid van de gemeenteraadsleden die deel uitmaken van de fractie van de kandidaat- schepen. Als de fractie van de kandidaat-schepen slechts twee verkozenen telt, volstaat de handtekening van een van hen;
7° ze is uiterlijk acht dagen voor de gemeenteraadszitting aan de algemeen directeur bezorgd.

De constructieve motie van wantrouwen kan niet bij spoedeisendheid in bespreking worden gebracht als vermeld in artikel 23.

De constructieve motie van wantrouwen kan niet worden ingediend op de volgende momenten:
1° in de periode van één jaar na de installatie van de gemeenteraad;
2° in de periode van twaalf maanden voor de dag van de verkiezingen voor de volledige vernieuwing van de gemeenteraden;
3° als een collectieve constructieve motie van wantrouwen door de gemeenteraad is aangenomen, voor een termijn van één jaar vervallen is.

De algemeen directeur bezorgt de constructieve motie van wantrouwen met bijgevoegde akte of akten van voordracht aan de voorzitter van de gemeenteraad.

§ 3. Voor er kan worden gestemd, onderzoekt de voorzitter van de gemeenteraad of de constructieve motie van wantrouwen voldoet aan de voorwaarden, vermeld in paragraaf 1 en 2. Als hij vaststelt dat niet aan alle voorwaarden is voldaan, verklaart hij de motie zonder voorwerp.

§ 4. Als de gemeenteraad de motie van wantrouwen aanneemt, wordt het lid of worden de leden tegen wie de motie gericht is, ontslagen onder voorbehoud van de toepassing van paragraaf 6. De voorgedragen kandidaat-schepen, in voorkomend geval de voorgedragen kandidaat-schepenen worden verkozen verklaard. Vanaf de aanname van de collectieve motie draagt het raadslid, waarvan sprake in artikel 58, § 1 of § 2, de titel van `aangewezen-burgemeester' en oefent alle functies uit die aan de burgemeester worden toevertrouwd. Voor hij zijn mandaat aanvaardt, legt de aangewezen-burgemeester de eed af, vermeld in artikel 58, § 1, derde lid.

De beslissing wordt genomen op grond van:

DLB

  • Artikel 46.
  • Artikel 58.

 

Decreet tot wijziging van diverse decreten, wat betreft versterking van de lokale democratie van 16 juli 2021:

  • Artikel 126:

Dit decreet treedt in werking op de tiende dag na de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad, met uitzondering van de bepalingen waarvan de datum van inwerkingtreding in het tweede tot en met het vijfde lid bepaald wordt.

(...)

In afwijking van het derde lid treden:

in een gemeente waar voor 13 oktober 2024 een collectieve motie wordt ingediend, artikel 26, 33, 39, 40, 41, 2°, 42 en 45 in werking op de dag van de indiening van de motie;

(...).

 

  • Artikel 39:

(...)

Artikel 58 van hetzelfde decreet (i.e. DLB) wordt vanaf 13 oktober 2024 vervangen door wat volgt:

"Art. 58. § 1. Met behoud van de toepassing van de nationaliteitsvereiste, vermeld in artikel 13 van de Nieuwe Gemeentewet, wordt de verkozene voor de gemeenteraad die het hoogste aantal naamstemmen heeft en die tot de coalitiefractie met de meeste zetels in de gemeenteraad behoort, door de Vlaamse Regering benoemd tot burgemeester. Als verschillende coalitiefracties het hoogste aantal zetels hebben, wordt de verkozene voor de gemeenteraad die het hoogste aantal naamstemmen heeft en die tot de coalitiefractie behoort waarvan de lijst het hoogste stemcijfer heeft behaald, door de Vlaamse Regering benoemd tot burgemeester. Als de verkozenen van de coalitiefracties met het hoogste aantal zetels verkozen zijn op dezelfde lijst conform artikel 36, § 2, van dit decreet, en als die lijst het hoogste stemcijfer heeft behaald, wordt de verkozene voor de gemeenteraad van die lijst met het hoogste aantal naamstemmen door de Vlaamse Regering benoemd tot burgemeester. Tot de eerstvolgende vernieuwing van de gemeenteraad wordt een fractie geacht hetzelfde aantal leden te behouden voor wat betreft het gewicht van de fracties en de daaruit volgende benoeming van de burgemeester.

Vanaf de installatie van de schepenen is het raadslid waarvan sprake in het eerste lid, aangewezen-burgemeester, draagt het de titel van `aangewezen-burgemeester' en oefent het alle functies uit die aan de burgemeester worden toever- trouwd. De aangewezen-burgemeester wordt niet als schepen vervangen, indien hij als schepen werd verkozen.

Voor hij zijn mandaat aanvaardt, legt de aangewezen-burgemeester de volgende eed af in handen van de voorzitter van de gemeenteraad: "Ik zweer de verplichtingen van mijn mandaat trouw na te komen.". Als de aangewezenburgemeester zelf de voorzitter van de gemeenteraad is, legt hij de eed af in handen van het oudste gemeenteraadslid. De aangewezen-burgemeester die de eed weigert of die, nadat hij daarvoor uitdrukkelijk is opgeroepen, zonder geldige reden afwezig is op de eerste daaropvolgende vergadering, wordt geacht zowel het ambt van aangewezen-burgemeester als het burgemeestersmandaat niet te aanvaarden. De Raad voor Verkiezingsbetwistingen doet uitspraak over de geschillen die daarover rijzen.

De Vlaamse Regering neemt een beslissing over de al dan niet benoeming tot burgemeester nadat de aangewezen-burgemeester de eed heeft afgelegd en zij daarvan in kennis is gesteld door de gemeenteraad. In geval van benoeming tot burgemeester, kan hij als schepen worden vervangen conform artikel 49, § 1.

Voor hij zijn mandaat aanvaardt, legt de benoemde burgemeester de volgende eed af in handen van de voorzitter van de gemeenteraad: "Ik zweer de verplichtingen van mijn mandaat trouw na te komen.". Als de benoemde burgemeester zelf de voorzitter van de gemeenteraad is, legt hij de eed af in handen van het oudste gemeenteraadslid. De benoemde burgemeester die de eed weigert of die, nadat hij daarvoor uitdrukkelijk is opgeroepen, zonder geldige reden afwezig is op de eerste daaropvolgende vergadering, wordt geacht het burgemeestersmandaat niet te aanvaarden. De Raad voor Verkiezingsbetwistingen doet uitspraak over de geschillen die daarover rijzen.

In geval van een algehele vernieuwing van de gemeenteraad vindt de eedaflegging plaats tijdens de installatievergadering van de gemeenteraad of tijdens een van de daaropvolgende vergaderingen van de gemeenteraad.
In geval van weigering van eedaflegging van de aangewezen-burgemeester of van de burgemeester of van weigering tot benoeming in afwijking van het eerste lid wordt de procedure, vermeld in het tweede tot en met het vierde lid, hernomen met toepassing van de regeling, vermeld in paragraaf 2.

De beslissing van de Vlaamse Regering tot niet-benoeming van de burgemeester en de weigering tot eedaflegging als aangewezen-burgemeester of als burgemeester heeft tot gevolg dat betrokkene tijdens dezelfde bestuursperiode niet meer kan worden benoemd als burgemeester.

§ 2. Als het raadslid, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, het mandaat van aangewezen-burgemeester of het burgemeestersmandaat niet aanvaardt, als hij definitief ophoudt dat mandaat uit te oefenen, of in het geval dat de Vlaamse Regering beslist de benoeming tot burgemeester te weigeren, wordt het raadslid dat, na dat raadslid, binnen dezelfde fractie de meeste naamstemmen heeft behaald, aangewezen-burgemeester en door de Vlaamse Regering benoemd tot burgemeester. Als alle verkozenen van de grootste coalitiefractie ervan afzien het mandaat van aangewezen-burgemeester of het mandaat van burgemeester op te nemen, wordt de verkozene die behoort tot de op een na grootste coalitiefractie en die de meeste naamstemmen behaald heeft, aangewezen-burgemeester en door de Vlaamse Regering benoemd tot burgemeester.

De regeling, vermeld in het eerste lid, wordt op een analoge manier toegepast op de verkozenen van de andere coalitiefracties in afnemende volgorde van grootte.

Artikel 58

§ 1. Met behoud van de toepassing van de nationaliteitsvereiste, vermeld in artikel 13 van de Nieuwe Gemeentewet, wordt de burgemeester door de Vlaamse Regering benoemd uit de verkozenen voor de gemeenteraad. Die verkozenen kunnen daarvoor kandidaten voordragen waarvoor een gedagtekende akte van voordracht wordt voorgelegd aan de provinciegouverneur. Om ontvankelijk te zijn moet de akte van voordracht ondertekend zijn door meer dan de helft van de verkozenen op de lijsten die aan de verkiezingen hebben deelgenomen, alsook door een meerderheid van de personen die op dezelfde lijst als de voorgedragen kandidaat-burgemeester zijn verkozen. Als de lijst waarop de naam van de kandidaat-burgemeester voorkomt maar twee verkozenen telt, volstaat de handtekening van een van hen. Een akte van voordracht die wordt voorgelegd na de installatievergadering van de gemeenteraad is alleen ontvankelijk als ze ondertekend is door meer dan de helft van de gemeenteraadsleden, alsook door een meerderheid van de gemeenteraadsleden die op dezelfde lijst als de voorgedragen kandidaat-burgemeester verkozen zijn.

Niemand kan meer dan één akte van voordracht ondertekenen. Overtreding van dat verbod wordt bestraft overeenkomstig artikel 7, § 2.

De akte van voordracht kan ook de einddatum van het mandaat van de kandidaat-burgemeester vermelden. In dat geval kan op de akte van voordracht de naam vermeld worden van een of meer personen die worden voorgedragen om hem op te volgen voor de resterende duurtijd van het mandaat. In voorkomend geval is de burgemeester bij het bereiken van de einddatum van het mandaat van rechtswege ontslagnemend. Als het mandaat eindigt voor de einddatum, vermeld in de akte, of, als de persoon die in de akte van voordracht is vermeld als de persoon die de burgemeester zou opvolgen, zijn mandaat niet opneemt, wordt de voordracht van de eerstvolgende opvolger, vermeld in de akte, vervroegd. Als de persoon die als laatste opvolger is vermeld, het mandaat niet kan opnemen of als er geen opvolger is vermeld, wordt tot vervanging overgegaan overeenkomstig artikel 62.

De Vlaamse Regering gaat na of de akte van voordracht ontvankelijk is overeenkomstig de voorwaarden, vermeld in het eerste lid. De Vlaamse Regering kan evenwel altijd om een nieuwe voordracht verzoeken.

§ 2. Een voorgedragen kandidaat-burgemeester die niet is benoemd, kan tijdens dezelfde bestuursperiode niet meer opnieuw worden voorgedragen, tenzij op basis van nieuwe feiten of nieuwe gegevens.

§ 3. In afwijking van paragraaf 2 en artikel 59 kan de Vlaamse Regering een burgemeester benoemen voor minder dan zes jaar in geval van een ontvankelijke akte van opvolging en voor zover de opvolging ten vroegste in werking treedt op 1 oktober van het vierde jaar van de bestuursperiode en de opvolger een gemeenteraadslid is dat behoort tot dezelfde fractie als de burgemeester die wordt opgevolgd.

De akte van opvolging vermeldt de einddatum van het mandaat van de burgemeester en de naam van de persoon die de burgemeester opvolgt. Bij het bereiken van deze einddatum is de burgemeester van rechtswege ontslagnemend. Om ontvankelijk te zijn moet de akte van opvolging ondertekend zijn door meer dan de helft van de verkozenen op de lijsten die aan de verkiezingen hebben deelgenomen, alsook door een meerderheid van de personen die op dezelfde lijst als de voorgedragen kandidaat-opvolger zijn verkozen. Als de lijst waarop de naam van de kandidaat-opvolger voorkomt slechts twee verkozenen telt, volstaat de handtekening van een van hen. Niemand kan meer dan één akte van opvolging ondertekenen. Overtreding van dat verbod wordt bestraft overeenkomstig artikel 7, § 2.

Als het mandaat van burgemeester eindigt voor 1 oktober van het vierde jaar van de bestuursperiode, wordt de akte van opvolging zonder voorwerp en wordt tot vervanging overgegaan overeenkomstig de regeling, vermeld in paragraaf 2.

Als het mandaat van burgemeester vervroegd eindigt op of na 1 oktober van het vierde jaar van de bestuursperiode, neemt het raadslid, vermeld in de opvolgakte, het mandaat vervroegd op.

Als de persoon die in de akte van opvolging is vermeld geen gemeenteraadslid meer is, wordt de akte van opvolging zonder voorwerp.

Een nieuwe akte van opvolging kan enkel ingediend worden in de volgende gevallen:
1° de akte van opvolging is onontvankelijk;
2° het mandaat van de burgemeester eindigt voor 1 oktober van het vierde jaar van de bestuursperiode en er wordt tot vervanging overgegaan overeenkomstig de regeling, vermeld in paragraaf 2;
3° voor de einddatum van het mandaat van de burgemeester is de persoon die in de akte van opvolging is vermeld geen gemeenteraadslid meer.

Als bij het bereiken van de einddatum van het mandaat van burgemeester, vermeld in de akte van opvolging, de persoon die in de akte van opvolging is vermeld, het mandaat niet opneemt of als na de opvolging het mandaat van burgemeester vroegtijdig eindigt, wordt de burgemeester vervangen op basis van een akte van voordracht. Niemand kan meer dan één akte van voordracht ondertekenen. Overtreding van dat verbod wordt bestraft overeenkomstig artikel 7, § 2. Om ontvankelijk te zijn voldoet de akte van voordracht aan de volgende voorwaarden:
1° de akte vermeldt de naam van de kandidaat-burgemeester;
2° de kandidaat-burgemeester is een gemeenteraadslid dat behoort tot dezelfde fractie als de burgemeester die wordt vervangen;
3° de akte is ondertekend door meer dan de helft van de verkozenen op de lijsten die aan de verkiezingen hebben deelgenomen;
4° de akte is ondertekend door een meerderheid van de personen die op dezelfde lijst als de voorgedragen kandidaat-burgemeester zijn verkozen. Als de lijst waarop de naam van de kandidaat-burgemeester voorkomt slechts twee verkozenen telt, volstaat de handtekening van één van hen.

De akte van opvolging of de akte van voordracht wordt uiterlijk drie dagen voor de vergadering van de gemeenteraad aan de algemeen directeur bezorgd. De algemeen directeur bezorgt een afschrift van de akte aan de burgemeester.

Nadat de gemeenteraadsleden de eed hebben afgelegd, bezorgt de algemeen directeur de akte van opvolging of de akte van voordracht aan de voorzitter van de gemeenteraad.

De voorzitter van de gemeenteraad gaat na of de akte van opvolging of de akte van voordracht voldoet aan de voorwaarden, vermeld in de voormelde leden. Alleen de handtekeningen van de gemeenteraadsleden die de eed hebben afgelegd, worden daarvoor in aanmerking genomen, met inbegrip van de opvolgers die de akte van opvolging hebben ondertekend en die nadien als gemeenteraadslid de eed hebben afgelegd. Als de akte van opvolging of de akte van voordracht ontvankelijk is, bezorgt de voorzitter de akte aan de Vlaamse Regering.

De Vlaamse Regering neemt een beslissing over de al dan niet benoeming van de opvolger of kandidaat-burgemeester."

 

Besluit van Raad voor Verkiezingsbetwistingen van 5 december 2018 inzake de geldigverklaring van de gemeenteraadsverkiezingen van 14 oktober 2018 (Dossierstuk 1).

De beslissing houdt rekening met volgende adviezen:

/

De beslissing kent volgende inhoudelijke verantwoording:

De gemeenteraad heeft in zitting van heden een collectieve constructieve motie van wantrouwen, gericht tegen alle zetelende leden van het college van burgemeester en schepenen m.u.v. de toegevoegde schepen, tevens voorzitter van het bijzonder comité van de sociale dienst, vermeld in art. 42, §1 DLB, aangenomen waardoor de leden tegen wie de motie werd gericht, ontslagen worden onder voorbehoud van de toepassing van artikel 46, §6 DLB (Dossierstuk 2).

Vanaf de aanname van de collectieve constructieve motie van wantrouwen draagt het raadslid, waarvan sprake in artikel 58, § 1 of §2 DLB, zoals gewijzigd door artikel 39 van het decreet tot wijziging van diverse decreten wat betreft versterking van de lokale democratie, de titel van 'aangewezen-burgemeester'.

De aangewezen-burgemeester oefent alle functies uit die aan de burgemeester worden toevertrouwd. Dit raadslid is "de verkozene voor de gemeenteraad die het hoogste aantal naamstemmen heeft en die tot de coalitiefractie met de meeste zetels in de gemeenteraad behoort".

 

De heer Bart LAEREMANS is van rechtswege het raadslid dat de titel van 'aangewezen burgemeester' zal dragen.

 

Voor hij zijn mandaat aanvaardt, legt de aangewezen-burgemeester de eed, vermeld in artikel 58, §1, derde lid DLB, gewijzigd door artikel 39 van het decreet tot wijziging van diverse decreten wat betreft versterking van de lokale democratie, in handen van de voorzitter af als volgt:

"Ik zweer de verplichtingen van mijn mandaat trouw na te komen."

Van deze eedaflegging wordt een afzonderlijke akte opgemaakt.

 

Overeenkomstig de procedure, zoals vermeld in artikel 58 van het decreet lokaal bestuur, gewijzigd door artikel 39 van het decreet tot wijziging van diverse decreten wat betreft versterking van de lokale democratie, benoemt de Vlaamse Regering de burgemeester.

 

Aangewezen-burgemeester Bart LAEREMANS richt zich tot zijn ex-collega’s uit het schepencollege die inmiddels de raadzaal verlaten hebben. Hij noemt het een onheuglijke dag. Voor eenieder waren de afgelopen dagen een rollercoaster. Hij benadrukt dat het voorbije college de afgelopen jaren zeer intens heeft vergaderd en veel werk heeft verzet. Als alle vertrouwen echter weg is, kan men niet als ploeg verder. Hij dankt William DE BOECK voor het professioneel begeleiden van de commissie Financiën. Hij kijkt uit naar hernieuwde samenwerking met Karlijne VAN BREE, Philip ROOSEN, Chantal LAUWERS en Jean-Paul WINDELEN. Hij verwelkomt Trui OLBRECHTS, Kirsten HOEFS en Jelle DE WILDE. Verder ziet hij uit naar de samenwerking met de algemeen directeur, de financieel directeur, het managementteam, de administratie en de medewerkers op het terrein, de korpschef en alle gemeenteraadsleden. Hij wenst eenieder een heuglijke nieuwe bestuursperiode toe.

Bijkomende info:

/

BESLUIT:

Artikel 1.

Akte te nemen van de eedaflegging als 'aangewezen-burgemeester' van raadslid Bart LAEREMANS, in handen van de voorzitter van de gemeenteraad.

 

Art. 2.

Dit besluit over te maken aan de Vlaamse Regering.